31 december 2015

Boeken 2015



December, maand van lijstjes, samenvattingen en opsommingen. Ik las in 2015 70 boeken uit, zoveel waren het er nog nooit, 'sinds de metingen begonnen', om het op z'n KNMI's te zeggen.

70 boeken en boekjes, dik (1162 blz.) en dun (4 blz.), gemiddeld (278 blz.). De scheiding tussen fictie en non-fictie is diffuus, maar van die 70 zijn 55 fictie (bellettrie) en 15 non-fictie. De meeste waren oorspronkelijk Nederlands, ik las 3 Engelstalige boeken en 9 vertaalde boeken. Verreweg het meeste was proza, ik las 2 poëzietitels. Dit jaar waren er geen boeken die ik terzijde legde omdat ze te bar waren.

2015 was voor mij een Voskuil-jaar, 20 jaar na het verschijnen van het eerste deel van Het Bureau herlas ik de hele serie, plus zijn 3 reisdagboeken.



Ik blader door de lijst met gelezen boeken, en zonder terug te kijken of en wat ik er direct na lezing van vond, noem ik voor de vuist weg als beste boeken:

Karl Ove Knausgård - Engelen vallen langzaam
Michel Houellebecq - Onderworpen
Chris de Stoop - Dit is mijn hof
Frans Pointl - De laatste kamer
Sander Kollaard - Stadium IV
J.J. Voskuil - Het Bureau 1: Meneer Beerta

Dit was het boekenjaar 2015, volgend jaar weer een boekenjaar!

05 december 2015

Sinterklaas heeft net zulk haar als Oom Anne



Natuurlijk kwamen Sint en Piet vroeger ook bij ons thuis langs. Mijn broer en ik zaten in pyjama en zongen vol verwachting de liedjes. Daar werd op deur geklopt. Sint en Piet schreden de kamer binnen en Sint ging zitten, in mijn vaders stoel. Piet stond er naast, met een groot boek in zijn hand. Sint wilde liedjes horen een vroeg aan Piet of er over ons nog iets in Het Grote Boek stond. Over mijn broer en mij alleen maar fijne dingen, maar mijn vader.... Er volgde een achtervolging door de kamer, dat was best spannend, want in die tijd kon je nog door Sint en Piet worden meegenomen, in de zak, naar Spanje. Het liep goed af, die keer. Ik moest op schoot van Sint gaan zitten en een liedje zingen. Dat deed ik. Ik keek van boven in de mijter van de goedheiligman, en zei: Sinterklaas heeft net zulk haar als Oom Anne. Een kwartiertje later, Sint en Piet waren weer vertrokken, kwamen Oom Anne en Tante Annie koffie drinken. Oom Anne, U heeft hetzelfde haar als Sinterklaas! Het zou nog een paar jaar duren, dat heerlijke geloof.

25 november 2015

Naïef

In 1989 viel de Berlijnse Muur. De meeste Oost-Europese landen bevrijdden zich dat jaar ook van het communisme. Twee jaar later zou de Sovjet-Unie ophouden te bestaan.

Ik weet nog dat ik in het voorjaar van 1990 voor het eerst een Trabant zag, in Bergen aan Zee.


(foto van internet)

Ik was ontroerd, en blij dat er nu vrij door heel Europa gereisd kon worden. Ik heb die mensen, een Duits echtpaar, de hand geschud en een beetje onhandig welkom geheten.

Ik dacht in die tijd oprecht dat de vrede was uitgebroken.

24 november 2015

Ik herlas Het Bureau 7 - De dood van Maarten Koning



Precies 15 jaar na de eerste keer herlas ik het laatste deel van Het Bureau. Uit. Maarten is met de vut. Thuis loopt hij in de weg, de klusjes die hij doet bevallen Nicolien matig. Hij komt af en toe nog op het Bureau, om werkzaamheden af te ronden, maar ziet dat waar hij 25 jaar aan gewerkt heeft, stelselmatig wordt afgebroken. Hoewel hij zijn werk altijd als volkomen zinloos heeft bestempeld, gaat dit hem aan het hart. De (nieuwe) portier kent hem niet. Zijn aanwezigheid wordt eerst gedoogd, later zien zijn collega's hem liever gaan dan komen, en op het laatst wordt hij vijandig bejegend, zijn bureau en spullen zijn weg en de toegang tot een afscheid van een collega wordt hem geweigerd. Van de vrienden is Frans overleden en Klaas van hem vervreemd. Wat overblijft zijn doelloze wandelingen en fietstochtjes, soms met Nicolien, vaak alleen. Een overtollig mens.

Hij droomde dat hij werd uitgedragen. Van heel ver kwamen de laatste tonen van Nobody knows you when you are down and out uit de klarinet van Sidney Bechet, zoals hij die bij zijn leven honderden keren gehoord had. Daarna hoorde hij alleen nog het knerpen van de schoenen van de dragers op het grind en voelde hij het lichte deinen van zijn kist op hun schouders. Ze hielden stil. De kist werd neergezet. Er was het geluid van vele schoenen, een stilte en een zacht gemompel, waarna de voetstappen zich weer verwijderden. Hij duwde de deksel van zijn kist omhoog, richtte zich op en keek hen na. Ze liepen van hem weg over het pad naar de uitgang. Hij zocht naar bekenden, maar die achteraan liepen kende hij niet, en die vooraan waren kon hij niet meer zien. Terwijl hij langzaam de deksel weer liet zakken, werd hij wakker, overspoeld door een gevoel van oeverloze treurigheid.

Ook uit: het 3e en laatste deel van Voskuils vakantiedagboeken, die ongeveer dezelfde periode beslaan als Het Bureau. Als Maarten in het Bureau met vakantie ging, las ik daarover verder in de dagboeken.



Ook uit: de brieven die vriendin Frida Vogels schreef bij lezen en verschijnen van de afzonderlijke delen. Deze staan in het Voskuil Tiradenummer uit 2008.

Mijn voornemen om dit jaar Het Bureau te herlezen is gelukt, zonder moeite en met plezier. Maar nu weer even wat anders.

22 november 2015

Hier woonden wij



Een bijzonder boek, een paar weken geleden was ik al bij de boekpresentatie. Nu heb ik het uit. Ik heb het met plezier (een wat ongemakkelijk woord, ik weet even geen beter) en aandacht gelezen. Den Haag had voor de Tweede Wereldoorlog na Amsterdam het grootste aantal Joodse inwoners. Veel woonden er in het centrum, in 'de Buurt'. Verder woonden ze eigenlijk door de hele stad, ook in het huis waar ik zelf later woonde. Maar er was ook een aanzienlijke concentratie in Scheveningen, op en rond de Harstenhoekweg. In dit boek worden de verhalen van deze families verteld. Waar kwamen ze vandaan, waarom gingen ze juist daar in Scheveningen wonen, wat deden ze voor hun beroep en hoe is het ze vergaan. En wat is er nog van over, materieel en in herinnering, in huizen, bij getuigen en nabestaanden, in Scheveningen en in Midden-Europa, waar veelal de wortels lagen. Indringende verhalen. Mooi boek mensen.

[..] Daar wij morgenochtend op transport naar Opper-Silezië moeten, is er kans dat deze kleine brief het laatste zal zijn wat jullie van mij horen. [...] En nu kinderen, goede gezondheid en verdienste gewenst. [...] Hartelijk gezoend van je Vader, schoonvader en opa. [...]
(Uit het afscheidsbriefje van Gerrit van Weezel aan zijn vrouw en (klein)kinderen, uit Westerbork, 8 augustus 1942)

P.S.: Ik heb dit boek ook gelezen om inspiratie op te doen voor verdere zoekmogelijkheden voor mijn eigen bescheiden projectje, de familie Raphalowiz. En ik heb er daarvan meerdere gevonden. Aan de slag!

11 november 2015

11-11 11:00

Dag en uur van de wapenstilstand.

Verdun. Ik kampeerde er deze zomer in de buurt. Dit is slechts één van meerdere oorlogsbegraafplaatsen daar. Hier liggen 15.000 jonge mannen.



Ik fotografeerde een willekeurig graf, met een willekeurige naam. Zou er nog iemand zijn die van hem weet?



Doorgedraaid in een dolgedraaide wereld.

09 november 2015

Dit is mijn hof



Dit vind ik dus een heel goed boek. Sterk geschreven. Het is een ontroerend, persoonlijk verhaal, over de ellendige teloorgang van de familieboerderij, in de Zaligempolder bij Antwerpen. In dezelfde serie als de aanliggende Prosperpolder (B) en de Hedwigepolder (NL). De onzinnige expansie van de Antwerpse haven. Eigenlijk nu al achterhaald. De 'compensatie' door middel van aangelegde nep-natuur, met op de tekentafels vastgestelde hoeveelheden water, land, beesten, planten, wandelpaden en uitlegborden. De optelsom van soorten en aantallen. De onzinnige regelgeving, de gebroken beloften. De heimwee, de verpaupering, de onteigeningen, de waanzin van dit alles. Blijkbaar niet te stoppen. Lees!

02 november 2015

Hoe mooi alles



Een mooie voorstelling, naar het boek van Mirjam van Hengel, over Leo Vroman en zijn vrouw Tineke.
Ik heb het boek niet gelezen, en ken maar een of twee gedichten van Leo Vroman, half. Ik zag wel eens een documentaire.
Maar dat geeft allemaal niet, het is een ontroerend mooi toneelstuk over een bijzondere liefde.
Kees Hulst speelde weer heel goed, zoals altijd zou ik bijna zeggen. Esther Scheldwacht zag ik volgens mij nog niet eerder, ook een mooie rol.
Veel te weinig mensen in de zaal. Ga toch kijken!

Kom vanavond met verhalen
hoe de oorlog is verdwenen,
en herhaal ze honderd malen:
alle malen zal ik wenen.

(uit: Leo Vroman - Vrede)

01 november 2015

Ik herlas Het Bureau 6 - Afgang



Het laatste stuk van het werkzame leven van Maarten Koning. Het boek zou ook kunnen heten: Maarten verliest. Een aantal 'medestanders', steunpunten buiten Het Bureau, overlijdt. De moeder van Nicolien, Frans Veen, Beerta. Balk gaat met vervroegd pensioen en Maarten wordt tegen wil en dank directeur. Rondom zijn opvolging ontstaat een onverkwikkelijke machtsstrijd tussen de afdelingen. Een triest boek. Maarten gaat op 1 juli 1987 met pensioen, op eigen verzoek zonder dat daar uitgebreid bij stilgestaan wordt. Alleen met zijn afdeling gaat hij 's avonds uit eten.

Van het eten in het restaurant herinnerde hij zich achteraf weinig meer. Ze zaten aan een lange tafel tussen de andere bezoekers. Het was er rumoerig, gelach, gepraat, Mexicaanse muziek, en naarmate het later werd en het daglicht dat door de ramen viel overging in de avondschemer, leek het of de wereld steeds kleiner werd. Hij zat in het midden, tegen de muur, tussen Nicolien en Tjitske en tegenover Eef, en praatte vooral met Eef, met het gevoel dat de mensen om hem heen nu hij hun baas niet meer was, een soort vrienden waren geworden, wat hem bij vlagen ongewoon gelukkig maakte.
Geleidelijk wegzakkend in een dromerige afwezigheid, keek hij van een grote afstand de tafel rond, langzaam drinkend van zijn glas, zich verbazend over zijn gevoelens, alsof hij zich nu pas ten volle realiseerde hoeveel sympathie hij had voor de mensen tussen wie hij al die jaren verkeerd had.
'Ik geloof dat ze toch wel op me gesteld waren,' zei hij toen hij heel laat en wat onzeker op zijn benen met Nicolien in het donker naar huis liep. Hij zei het aarzelend, met een stem die door emotie gewrongen klonk. Ze gaf niet dadelijk antwoord.
'Had jij niet die indruk?'
'Ik weet het niet,' zei ze.
Pas toen hij in bed lag, merkte hij hoe gespannen hij was, en hij sliep dan ook pas in toen de muggen kwamen en de merel begon te zingen.


Na lezing dacht ik: Wat vreselijk als je je zo naar je pensioen moet slepen.

Heel goed boek. Misschien wel samen met deel 1 het beste.

31 oktober 2015

Een ramp is het niet, maar het is wel HEEL ERG VERVELEND

Een ramp is het niet, maar het is wel HEEL ERG VERVELEND.



Gisteravond kwam ik er achter dat heel veel foto's in dit blog verdwenen zijn. Weg, foetsie, niet meer te zien. Een onderzoek leerde dat het alle foto's betreft sinds oktober 2009. Verder onderzoek leerde dat ik niet de enige ben, dit gebeurt zo af en toe op Blogger. I am not alone. Nergens op internet vind ik een methode om de foto's 'in een klap' weer zichtbaar te maken in de gepubliceerde blogs. Een mogelijkheid is ze stuk voor stuk terug te 'repareren', door ze weer in de berichten te plaatsen. Geen aantrekkelijk vooruitzicht, Het zijn er ongeveer 1000. Bovendien moet dat dan binnen 60 dagen, want daarna schijnen ze echt weg te zijn. Gemiddeld zo'n 20 foto's per dag dus.
Het is toch wel apart dat Google, waartoe Blogger behoort, ongeveer je hele hebben en houden op internet in de gaten houdt en bewaart, maar geen fatsoenlijke back-up en restaureervoorziening biedt voor dit soort gevallen.

Ik zie de volgende mogelijkheden:
- weggooien van dit blog met ernstige mankementen
- lasten staan zoals het is en eventueel elders verder gaan
- verder gaan met dit blog zonder de oude foto's
- er dient zich nog een snelle reparatie aan
- alles terug repareren

Vanavond ga ik gewoon lekker naar het theater, morgen kijk ik wat de mogelijkheden zijn.
Een ramp is het niet, maar het is wel HEEL ERG VERVELEND.

Update 1 november 2015: De gouden tip is nog niet binnen. Misschien kan het ook niet (meer). Ik ben voorlopig begonnen met terug repareren, blogpost voor blogpost. Vandaag 2,5 maand gedaan, hierdoor is 2009 weer 'compleet'. Een beginnetje.

Update 17 november 2015: De blogs van 2015 hebben alle weer de passende afbeeldingen.

Update 30 november 2015: De blogs van 2014 hebben alle weer de passende afbeeldingen.

Update 24 januari 2016: De blogs van 2013 hebben alle weer de passende afbeeldingen.

Update 24 januari 2016: De blogs van 2012 hebben alle weer de passende afbeeldingen.

Update 28 april 2016: De blogs van 2011 hebben alle weer de passende afbeeldingen.

Update 15 december 2016: De blogs van 2010 hebben alle weer de passende afbeeldingen.

Hiermeee is dit blog weer hersteld. Veel foto's kon ik terugzetten, omdat in de html staat welke afbeelding er is gebruikt. Voor gescande afbeeldingen geldt dit niet. Cd-hoesjes, boekomslagen en theaterprogramma's heb ik nu in de meeste gevallen van internet geplukt. Ik denk dat een paar procent niet terug gerepareerd kon, omdat onduidelijk bleef welke afbeelding daar had gestaan. Ik heb in ieder geval geprobeerd daar toch een passend plaatje te zetten. Het is weer compleet. Ik heb van de gelegenheid gebruik gemaakt een aantal gebroken links, bijvoorbeeeld naar inmiddels verwijderde YouTube filmpjes,  te repareren, en ik heb flink wat spelfouten verwijderd. Er zullen er ongetwijfeld nog meer in staan, maar voor nu is het goed.

29 oktober 2015

't Killetje. Lieve hemel.

Ik ging weer eens naar Breskens. Mijn moeder kwam er vandaan, ik heb er nog steeds familie wonen bij wie ik heel af en toe op de koffie ga, en er liggen oude, dierbare herinneringen.
Ik kijk ook altijd wat rond in de buurt. Vijf generaties voorouders van mij woonden in Nieuwesluis, op de Sluuze, een bijna verdwenen buurtschap even ten westen van het dorp. Ik loop dan wat rond bij 't Killetje, waar hun huisje stond. Het is afgebroken, maar toch. In 1947 liepen mijn vader en moeder hier ook rond, verliefd, en kwamen er na een half uurtje achter dat ze in een nog niet geruimd mijnenveld stonden. Op de dijk heb je een fraai uitzicht over het estuarium van de Schelde, in 1825 werd daar een stuk van de Jong Breskenspolder door het water verzwolgen, waardoor een schitterend uitkijkpunt is ontstaan.

Er is wat aan de hand, daar. Ik moest kilometers omrijden, 't Killetje is doodlopend gemaakt, de dijk is niet bereikbaar. Er wordt flink heringedeeld. En dat is nog zacht uitgedrukt.



Ik schreef er al eens over, hier.
De eeuwenoude polder (cultuurlandschap dat deels terug te voeren is tot de 16e eeuw) wordt deels afgegraven, en er wordt 'nieuwe natuur' gerealiseerd. Toen waren het nog plannen, nu is het een maanlandschap. Lieve hemel.

Ik heb er niets meer te zoeken.

Toevallig lees ik op dit moment Dit is mijn hof, van Chris de Stoop, over de Hedwigepolder, ook Zeeuws-Vlaanderen. Anders, maar hetzelfde.

25 oktober 2015

Boekpresentatie: Hier woonden wij



Vanmiddag was in het Scheveningse Kurhaus de presentatie van Hier woonden wij, een boek van Wim Willems en Hanneke Verbeek over de vooroorlogse joodse gemeenschap in Scheveningen. Met een van de auteurs (Hanneke Verbeek) wisselde ik wat e-mails over mijn eigen amateur-onderzoek naar de familie Raphalowiz, vandaar de uitnodiging. Maar wat ik voor één familie probeer, hebben zij voor een hele straat gedaan, de Harstenhoekweg in Scheveningen. Tussen 1900 en 1942 woonden daar ongeveer 1400 joodse mensen. Wat een karwei!

Er waren verschillende inleiders. Wim Willems heette iedereen van harte welkom, vertelde over het belang van publicaties als deze, de noodzaak om deze verhalen te (blijven) vertellen, en overhandigde het eerste exemplaar aan burgemeester Van Aartsen. Van Aartsen schetste de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog in Den Haag, in het bijzonder het joodse drama zoals zich dat daar (na Amsterdam de grootste joodse gemeenschap van Nederland) heeft voltrokken. De les die we kunnen leren is dat we de democratische samenleving moeten blijven bewaken. Versta de tekenen des tijds. Hanneke Verbeek vertelde over het onderzoek, in de archieven, met toevalsvondsten, ook op onverwachte plaatsen (zoals een internetforum voor vioolliefhebbers waar een gezochte naam opdook), gesprekken met overlevenden, vroegere en huidige bewoners, een reis naar Polen en Oekraïne.

Ik was onder de indruk van de toespraak door Miep Wurms, een overlevende. Zij vertelde wat voor haar het belang van dit boek is. Ook zij heeft dankzij dit boek, dit onderzoek, weer wat witte stukken in haar herinneringen kunnen invullen. Miep Wurms (90 jaar) haalde wat herinneringen op aan het vooroorlogse gezinsleven. Vader, moeder, broer. Vader was voor haar het zonnetje in het leven. Altijd opgewekt. Toen op een dag dan de Jodenster op zijn jas was genaaid was zijn commentaar: 'Eindelijk gedecoreerd'. Op een dag trapten de Duitsers de voordeur in. Miep heeft nooit meer iets van haar vader gehoord of gezien.
Strijdbaar zei ze dat de vernietiging van de Joden niet gelukt is. Miep heeft kinderen, kleinkinderen en een achterkleinkind.

Na afloop liep ik nog even naar de Harstenhoekweg, vanaf het Kurhaus vrijwel om de hoek.



De Harstenhoekweg lag er wat stil bij. De zomertijd is vannacht geëindigd, vandaag valt de schemering daardoor een uur eerder in. Ik liep naar nummer 58, het vroegere ouderlijk huis van Miep Wurms. Zo te zien een gewoon huis, met een beetje rommelige voortuin en wat fietsen tegen de zijkant. Niet bijzonders aan te zien.

Ik ga dit boek snel lezen.

(Kijk voor meer informatie ook op de site van de onderzoekers)

15 oktober 2015

A Splendid Time Is Guaranteed For All!

Gisteravond speelden The Analogues in Theater De Vest in Alkmaar de complete Magical Mystery Tour lp van The Beatles. Ik was wat voorzichtig vooraf, want er zijn talloze bandjes die met wat akkoorden een setje Beatles naspelen.

Maar dit is anders. Geen Pierre Cardin- of Sgt. Pepperpakken, geen beatlepruiken. Maar wel: zoveel mogelijk op identieke instrumenten als destijds gebruikt, noot voor noot die nummers spelen. Het doel is in de komende jaren de laatste 6 beatle-lp's integraal te spelen. Dit keer was het Magical Mystery Tour, en na de pauze een serie andere nummers, van Revolver, White Album, Abbey Road en Let It Be, plus enige 'vroege nummers'.



De band bestaat uit 5 man, en wordt waar nodig ondersteund door 4 strijkers en 4 blazers. Het geluid is daardoor geweldig, vrijwel gelijk aan de lp, maar live gespeeld.
Superlatieven schieten hier echt te kort, zo goed als het was. Er werd veel gewisseld van instrument, steeds de juiste gitaar, piano, orgel, of (inderdaad afkomstig uit Liverpool) brandweerbel (Penny Lane). Zang is natuurlijk wat ingewikkelder na te doen, maar ik vond het prima klinken. De Lennon-stem kwam er dicht bij, af en toe.

Zoals gezegd, geen beatlekostuums, maar bijvoorbeeld de blazers hadden bij Magical Mystery Tour wél witte smokings aan, met 3 rode en 1 zwarte anjer. Leuk detail. Check de film.
Het enige wat ik miste (tja, ik ken die nummers redelijk goed) was bij Good Day Sunshine het onduidelijk gemompeld she feels good op 1:26 (check de lp), door 'John Lennon'.

Komende jaren hopelijk dus nog meer lp's. Ik ga er dan weer naartoe. Ik verheug me op What's the New Mary Jane, You Know My Name (Look Up the Number) en Revolution 9. ;-) Tot half januari door het hele land, gaat dat zien!

A Splendid Time Is Guaranteed For All!

12 oktober 2015

50books - vraag 38

Vraag 38: Lees jij wel eens boek opnieuw, en zo ja, waarom doe je dat? En zo nee, waarom niet?



Mijn eerste eigen boek kreeg ik (van mijn ouders) voor mijn tiende verjaardag. Pietje Bell gaat vliegen. Van mijn grootouders kreeg ik meteen een tweede boekje, De vlegeljaren van Pietje Bell. Beide nog steeds in mijn bezit, bij elkaar gehouden met veel plakband.
Ik heb deze twee boekjes elk vele keren herlezen. Ik vond ze leuk en een tijd lang had ik gewoon niks anders. Nou ja, de schoolbieb, en later de Openbare Bibliotheek, die ook.
Nog steeds herlees ik boeken. Niet allemaal, en niet meteen. Soms herlees ik bepaalde stukken die mij bij zijn gebleven en die ik nog eens wil zien, andere keren het hele boek. Ik herken mij wel een beetje in wat Karel van het Reve ergens schreef, namelijk dat de zogenaamd 'spannende boeken' helemaal niet spannend zijn. Als je de clou weet is er niets meer aan en is er geen behoefte meer om het nog eens te lezen. Ik lees dus geen spannende boeken, maar niet-spannende boeken herlees ik in veel gevallen graag, ik denk om het nog eens te beleven. Zo denk ik dat ik Jan Wolkers' boeken allemaal meerdere keren gelezen heb, evenals alle boeken van Gerard Reve. Elk jaar in december herlees ik De Avonden, en dat is nog niet eens het beste van Gerard Reve. De laatste jaren heb ik ook een aantal romans van Couperus herlezen. Toen de Geheime Dagboeken van Hans Warren verschenen tussen 1981 en 2009, ongeveer een deeltje per jaar, herlas ik vaak voor het verschijnen van een nieuw deeltje een of twee voorafgaande, 'om er weer in te komen'. Ik denk dat ik de hele serie drie keer gelezen heb. Hermans. Wat ik koop van de Verzamelde Werken lees ik, vaak voor de tweede keer.
Dit jaar herlees ik de zeven delen Het Bureau van Voskuil, met daartussendoor, als Maarten op vakantie gaat, Voskuils drie delen vakantiedagboeken. Ik ken die boeken redelijk goed, toch is het nu anders dan 15, 20 jaar geleden. Omdat ik weet hoe het loopt vallen bepaalde zaken mij nu meer op dan bij de eerste lezing. Het is dus weer genieten.
Bij andere schrijvers is het wat incidenteler, en Engelse boeken herlees ik niet, realiseer ik mij nu. Why not you ask? Beats me.

Ik geloof dat het Kees Fens was die ergens schreef dat je vanaf een bepaalde leeftijd geen nieuwe boeken moet lezen, alleen nog maar de goede boeken herlezen. Maarten Biesheuvel doet dat ook.
Zo ver is het met mij nog niet (ik koop nog steeds nieuwe boeken). Maar wel al een beetje dus. Ik beken: ik ben een herlezer.

#50books is een initiatief van Peter Pellenaars. Iedere zondagochtend stelt hij een vraag met betrekking tot boeken. De blogs die we daarover schrijven verzamelt hij op zijn weblog, daar is dan een overzicht te vinden van de reacties op deze en eerdere vragen.

10 oktober 2015

Het nieuwe Bureau

In het kader van het Weekend van de Wetenschap hield het Meertens Instituut Open Dag (pdf). Zoals uit het programma valt af te lezen lag de nadruk op 'Muziek bij het Meertens'.

In Het Bureau worden ook Open Dagen beschreven, deze werden toen gehouden voor de correspondenten, die vragenlijsten invulden, die met regelmaat werden rondgestuurd.
'Dan stel ik voor dat we om half twee beginnen, dan hoeven we geen broodjes te smeren. De mensen krijgen thee, een versnapering en eventueel een borrel. Sluiting om half zes. We zouden de nieuwe vragenlijsten kunnen toelichten, hier in de collegezaal, en op iedere afdeling een kleine tentoonstelling inrichten zodat ze wat te bekijken hebben en wij de gelegenheid hebben daarover met ze te praten. Is dat wat?'
'Hoeveel mensen denk je dat er komen?' vroeg Sien. 'Honderd?'
'Die kunnen nooit in de collegezaal!' riep Rentjes.
'We kunnen ze in twee groepen ontvangen.'
'En wat doe je dan met introducés?' vroeg Elleke.
'Die mogen ze meenemen, maar die krijgen geen reisgeld vergoed.'
'Dus als ze hun vrouw meenemen, dan moeten ze daarvoor betalen!' riep Rentjes.
'Of hun vriendin,' zei Mark gnuivend.
'Ja,' zei Maarten.
'Dan komen ze niet!'
'Daar is niks aan te doen.'

(J.J. Voskuil - Het Bureau 6, Afgang. Uitg. G.A. van Oorschot)

Ik ging er naartoe. Sinds 1998 is het Meertens Instituut gehuisvest in de voormalige Coca-Colafabriek in het Amstel Businesspark, aan de rand van Amsterdam. Een ritje met de metro, want dat is bepaald niet op wandelafstand van het Centraal Station.



Ik volgde vier leuke presentaties, over smartlappen (geschiedenis, kenmerken en functie van Le Chat Noir naar De Zangeres Zonder Naam, rapmuziek (rap = taalkritiek), Rowwen Hèze (bereik 'de gewone man', taal en identiteit, in (eigen) dialect) en vieze liedjes uit de 17e en 18e eeuw.

Er was nog meer te doen, maar de tijd knelde een beetje. Er was een aardige rondleiding, langs een serie tentoongestelde stukken betreffende het muziekonderzoek bij Meertens. Mooi was de geluidsstudio, waar allerhande apparatuur aanwezig is om historische opnamen (bandrecorder, draadrecorder, wasrol, lp) te digitaliseren. Daar is men al een tijd full-time mee bezig.

Ook nog een blik geworpen in de archieven, waar onder andere het kaartsysteem van Voskuil staat. Dat is een flink kaartsysteem, waar momenteel niets meer mee gebeurt. Op de foto ter linkerzijde.



Achter de receptie staat 'het bureau van Meertens', ook wel: 'het pijploos orgel'. Een gigantisch bureau met opbouw, zoals meerdere keren beschreven door Voskuil, met aan de zijkant de uitschuifbare plank, waar 'Beerta' zijn tas op plaatste.



Ook nog meegekregen voor thuis: drie bundels Onder de groene linde, met verhalende liederen uit de mondelinge overlevering, gebaseerd op het werk van Ate Doornbosch.

Het oude Bureau

Er is behalve J.J. Voskuil (en Bert Weijde, maar die heeft bij mijn weten niet gepubliceerd over zijn tijd bij Het Bureau) nog een schrijver die (zij het zeer kort, 5 dagen) bij Meertens gewerkt heeft, namelijk Hans Warren. Hij schrijft daar over in zijn natuurdagboek (Hans Warren - Ik ging naar de Noordnol (Natuurdagboek 1936 - 1942), uitg. Bert Bakker).

Warren solliciteert na zijn eindexamen in 1941 bij de Provinciale Zeeuwse Courant. Daar is geen plaats voor hem, maar: misschien is die er wel bij P.J. Meertens, van het Dialectenbureau, wiens adres hij van de hoofdredacteur mee krijgt. Warren solliciteert en wordt aangenomen. Op 19 september zoekt en vindt hij een kosthuis in Amsterdam, aan het Singel. Op 30 september verhuist Warren naar Amsterdam en meldt zich 's middags bij Meertens, toen nog gehuisvest in het Trippenhuis, aan de Kloveniersburgwal. In zekere zin 'het oudste Bureau'. In de boeken van Voskuil is dit het Hoofdbureau.

1 okt. [FZ: 1941]
[...] Wat een stommiteit is het geweest, naar Amsterdam te komen. Meertens kan me het eerste jaar niet veel hoop op een gesalarieerde baan geven, akkoord. Maar wat ik hier doen moet is zelfs voor een eerste dag ietwat tè onnozel. Eerst moest ik een stukje uit de Camera, met een kapotte schrijfmachine, er werkt een heleboel niet aan. Vervolgens dialectwoorden van lijsten overbrengen op fiches. Alles even vervelend. Niet misschien als ik die fiches nu verder zou mogen behandelen, maar morgen, overmorgen krijg ik steeds nieuwe lijsten en nieuwe fiches. Geen enkel eigen initiatief. Ik verknoei mijn tijd en zal hier nooit enige inspiratie opdoen voor wat ik wèl wil: de natuur bestuderen en daarover schrijven, of me in de journalistiek bekwamen.
Hier komt geen zonnestraal binnen. het is er stoffig, vuil, ik kijk uit op een stijf, ouderwets tuintje waar soms een merel in hipt. Mijn oren worden getergd door de snerpende geluiden van de versleten schrijfmachine, er zoemt aldoor een buis, het is nooit echt stil. Je wordt hier een mummie. Hier werken alleen mummies.
[...]

2 okt.
Ik heb eens voorzichtig geïnformeerd: er werken op dit 'Dialectenbureau' behalve dr. P. Meertens [FZ: Meertens promoveerde pas in 1943, was dus niet dr. maar drs.], slechts twee andere, uiterst mager gesalarieerde krachten. [FZ: een van die twee was Jo Daan, in Het Bureau van Voskuil heet zij Dé Haan.] Het heeft geen enkele zin dit geestdodende werk voort te zetten, ik stop er dan ook mee, maar om mijn gezicht te redden moet ik een smoes verzinnen. [...]

4 okt.
[...] Ik heb Meertens laten weten dat ik morgen, zondag, al vertrek, maar ik ga denk ik dinsdag pas. Meertens is me niet sympathiek, hij heeft iets arrogants, zelfs in zijn spreken. Enfin, het is een domme en kostbare vergissing geweest. [...]

Op 7 oktober reist Warren weer terug naar Zeeland.
Op 13 oktober meldt Warren nog dat hij van Meertens een pakket vragenlijsten heeft meegekregen, 'over folklore en dialecten in deze omgeving'. Hij vult deze in samen met Nelly de Vroe, het dienstmeisje.

Tot zo ver Hans Warren over zijn tijd bij Meertens.

In 1949 was grotere huisvesting noodzakelijk. Meertens verhuisde met zijn Centrale Commissie voor onderzoek van het Nederlandse Volkseigen naar een voormalig schoolgebouw (van de Anna Visscherschool) om de hoek, Nieuwe Hoogstraat 17. Voskuil kwam hier in 1957 werken: het 'oude Bureau'.


Bron: Stadsarchief Amsterdam

Hij kende het Bureau van een stage tijdens zijn studie. Het bevond zich in de tuin van het Hoofdbureau, waarvan het een onderdeel was, en bestond uit drie lokalen. Beerta zat in het achterste lokaal. Het was in tweeën gedeeld. Beerta zat in de helft die uitkeek op de tuin. Zijn kamer bevatte een uitzonderlijk groot bureau met een opbouw, dat lang geleden eigendom van een beroemd taalgeleerde was geweest, een zitje met drie stoelen en een lange tafel, die grotendeels belegd was met stapels boeken en papieren. Tegen de drie wanden waren boekenkasten aangebracht. De deur bevond zich in de hoek bij het raam. In de bovenste helft zaten zes ruiten, waarvan de twee onderste aan de buitenkant bedekt waren met een roze gordijntje zodat Beerta niet in het middelste lokaal, waar juffrouw Haan haar bureau had, naar binnen kon kijken. Behalve juffrouw Haan had daar ook de tekenaar zijn plaats. In het eerste lokaal zat de rest van het personeel, behalve de conciërge, die in een hokje aan het begin van de gang, bij de buitendeur, gehuisvest was.
(J.J. Voskuil - Het Bureau 1, Meneer Beerta, p. 9-10. Uitg. G.A. van Oorschot)

In 1969 verhuisde het inmiddels tot Instituut voor Dialectologie, Volkskunde en Naamkunde omgedoopte Bureau naar de Keizersgracht.

Deze week liep ik door de Nieuwe Hoogstraat. Het viel mij op dat de gevel van nummer 17 schoongemaakt leek, ook was er aan gevelrestauratie gedaan. De naam van de Commissie was weer boven de deuren aangebracht. Binnenkort komt er ook een verklarend bordje, onder aan de gevel.



Zou de school nog achter die gevel staan? Die deur staat helaas nooit open. Van de Anna Visscherschool zijn maar een paar foto's bekend. Dit is er een, gezien vanuit het Trippenhuis (Het Hoofdbureau). De kamer van Meertens en Voskuil was de achterste, hier meest linkse, en gaat (helaas) schuil achter een boom.

23 september 2015

Maurice

Ik ken Maurice zo'n 43 jaar, nog van de bovenbouw middelbare school dus. Toen kwamen we bijna dagelijks bij elkaar over de vloer, kind aan huis, om te kletsen, platen te draaien, piano-gepingel en middelbareschoolongein op de bandrecorder op te nemen, huiswerk te maken (O ja! Bijna vergeten!), stiekem van de cognac van zijn vader te snoepen en weet ik wat. We waren eigenlijk heel verschillend, maar dat was geen enkel probleem. We woonden om te beginnen in heel verschillende Haagse buurten. Hij was 'van het zand', ik 'van het veen'. Waalsdorp en Laakkwartier. Hij was VVD, ik PvdA. Hij was katholiek, ik atheïst. Hij meer alfa, ik meer bèta. Beiden waren we Beatle-fans, hij meer 'Paul' en ik meer 'John'. Na de middelbare school ging ik in dienst, daarna naar Delft, en hij naar Leiden. Langzamerhand verloren we elkaar uit het oog. Zo gaat dat, soms.

20 jaar geleden was er ineens internet, en we vonden elkaar daarmee weer terug. We spraken af in Brinkmann, Haarlem, voor bijpraten met bier en saté. 'Waar hádden we het ook weer over?', was letterlijk de eerste zin. Sindsdien spraken we elkaar (los van e-mail en twitter) weer regelmatig, een of twee keer per jaar. Ergens begin dit jaar zagen we elkaar voor het laatst, in Wassenaar. Het ging niet goed met Maurice. Door tegenslagen óp. Vandaag is hij begraven.

In 1975 had hij als eerste van ons twee Wish You Were Here, van Pink Floyd, toen net twee weken uit. Gekregen voor zijn verjaardag. Wat een plaat. Grijsgedraaid.

En nu? Nu zijn we zoveel ouder en hij, hij is er niet meer.

... How I wish, how I wish you were here
We're just two lost souls swimming in a fish bowl
Year after year ...


18 september 2015

Op bezoek bij Mulisch, Wolkers en Multatuli

Op de Open Monumenten Dagen heb ik met een vriend, naast nog andere bezichtigingen, de (voormalige) huizen van Harry Mulisch, Jan Wolkers en Multatuli bezocht. Dat was leuk, en gelukkig was het er niet (te) druk.
Vooraf wilden we in stijl (pijp mee) koffie drinken aan de leestafel van Americain ("Telefoon voor de heer Mulisch!"), maar helaas was dat gesloten. Stadsschouwburg dan maar.

Op de Leidschekade stonden een paar mensen te wachten. Met 10 personen tegelijk naar binnen. In de loop der jaren heeft Mulisch, die op 1 kamer begon, vrijwel het hele huis weten te huren. Op de tweede verdieping zijn de kamers samengetrokken tot de werkruimte van Harry. Mooi, ruim, en geordend. In dezelfde staat als waarin het verkeerde bij het overlijden van Mulisch in 2010. Op de hogere verdiepingen woont nog steeds de familie. Het is de bedoeling het huis een museale bestemming te geven. Ik vond het mooi daar eens rond te kunnen kijken. Er waren 3 schrijfplekken, voor fictie, non-fictie en een lessenaar voor staand aantekenen.





Kasten met de boeken van Harry in allerlei uitgaven, mappen met typoscripten, voorwerpen verband houdende met Het Werk. In de vroegere voorkamer was een ruime zitgelegenheid, waar kennelijk de Herenclub wel neerstreek, om te praten 'over alles, behalve over auto's, voetbal en vrouwen'.



Tenslotte was er nog een aparte hoek met boeken en naslagwerken, geen lichte kost maar titels als Heidegger und der Nationalsozialismus, Lenin im Jahre 1917, enzoverder. Een kleine televisie die altijd aanstond op Teletekst en de 'Denkstoel' (een Eames Lounge Chair). Mooie ruimte.



Via een paar tussenstops togen we naar de Zomerdijkstraat, waar de atelierwoningen staan, waar o.a. Jan Wolkers jaren gewoond heeft. We bekeken er een paar, o.a die van Jan Grotenbreg op de bovenste verdieping (mooi uitzicht) en ten slotte ook het vroegere atelier van Jan Wolkers, op nummer 22hs. Ik zeg nadrukkelijk: vroegere atelier, Wolkers woonde hier van 1950 tot 1980. Nu werkt hier Jet Schepp. Het is een mooie ruimte, met een grote raampartij op het noorden. Schitterend licht.





De begane-grond-ateliers zijn door een uitbouw wat groter dan die op de verdiepingen en hebben een deur aan de achterkant. Deze waren bedoeld voor beeldhouwers, op de verdiepingen zitten/zaten de schilders. De ruimte is (vooral in de tijd dat Wolkers er woonde) vaak afgebeeld, bijvoorbeeld in de boeken Werkkleding, Tijd bestaat niet. Toch oogde de ruimte kleiner dan ik mij had voorgesteld. Jan woonde hier met Karina, maar daarvoor ook met zijn tweede en eerste vrouw, met twee kinderen. Niet ruim. Ten slotte: de achterdeur is te zien op de achterflap van De doodshoofdvlinder.





Als laatste nog een bezoek aan het Multatuli Huis in de Korsjespoortsteeg. Dat is ook op andere dagen in het jaar gewoon te bezoeken, overigens.



Zoals het een huis in een steeg betaamt is het: klein. En ik dacht dat de kelder, die ook bekeken kon worden en waar de bibliotheek en het archief zijn, destijds niet door de familie Douwes Dekker maar door anderen bewoond werd. Een krappe huisvesting, in de Jordaan. Eduard Douwes Dekker is hier geboren, maar wist geloof ik niet dat hij hier heeft gewoond. Hij bracht zijn jeugd door op de Haarlemmerdijk. In het museum zijn allerlei zaken betreffende Multatuli te zien; een overzicht van zijn leven, in tekst en afbeelding, handschriften, edities van de Havelaar, persoonlijke eigendommen, een bureau dat hij van bewonderaars cadeau kreeg en de chaise longue waarop hij stierf.





Op de Torensluis nog even langs het borstbeeld gelopen. Raar eigenlijk dat het Verzameld Werk niet meer leverbaar is.

14 september 2015

Ik herlas Het Bureau 5 - En ook weemoedigheid



Bij het verschijnen van dit deel destijds begon men een beetje Voskuil-moe te worden. Weer zo'n dik boek. Weer die collega's. Weer die chicanes van Balk. Het gekibbel met Nicolien.
Precies de redenen waarom ik het weer (en met plezier) gelezen heb. Toch is er een verschil. Het viel mij op dat, meer dan in voorgaande delen, Maarten eenzaam wordt. Beerta trekt zich meer en meer terug, Nicolien kan of wil Maarten niet begrijpen, Balk trekt zich niets van hem aan, Maartens medewerkers keren zich van hem af, zijn afwijzend of niet geïnteresseerd, en gaan apart zitten. Op congressen en andere bijeenkomsten is Maarten zelf ook minder betrokken, hij maakt fouten en constateert dat voorheen bevriende vakgenoten door het systeem 'ingekapseld' worden en van hem vervreemd raken. Eigenlijk interesseert het hem allemaal 'geen mieter' meer. Op het eind, bij het afscheid op Zaventem, realiseert Maarten zich dat hij zijn beste vriend in het vak, Jan Nelissen, waarschijnlijk niet meer terug zal zien. Dat vervult hem ondanks alles met weemoedigheid. Gelukkig maar, het boek had anders ook (iets grimmiger) Maar doodslaan deed hij niet hebben kunnen heten.
Geen wonder dat Voskuil het dagboekdeel met aantekeningen over zijn vakantievoettochten over dezelfde periode als dit deel van Het Bureau, Buiten schot heeft genoemd. Ik lees deze vakantie-aantekeningen parallel met Het Bureau, steeds als Maarten daar met vakantie gaat. Het tweede deel van die reeks is dus ook weer uit.
Ik heb dit Bureau-deel (weer) in een ruk uitgelezen. Voor mij geldt: het is niet hetzelfde, maar wél herkenbaar. We werken allemaal op een Bureau.

22 augustus 2015

22 augustus 1962 - 1969: The Beatles

22 augustus 1962. Pete Best is een paar dagen eerder ontslagen, en Ringo Starr is net aangetreden als drummer bij The Beatles. Er is een platencontract gescoord en die dag worden voor het eerst tv-opnamen gemaakt in The Cavern. Er is dringend behoefte aan nieuwe publiciteitsfoto's. Dit is de eerste foto waarop John, Paul, George en Ringo samen staan afgebeeld.



22 augustus 1969. The Beatles hebben hun laatste lp opgenomen, Abbey Road. Een paar weken later zal John de groep verlaten, maar dat wordt niet bekend gemaakt aan het publiek. Pas het jaar daarna zal Paul McCartney publiekelijk het einde van The Beatles verkondigen. Dit is de laatste foto waarop John, Paul, George en Ringo samen staan afgebeeld.



22 augustus 1962 en 22 augustus 1969, met daartussen de schitterendste carrière uit de popmuziek.

16 augustus 2015

16 augustus 1960: The Beatles in Oosterbeek

Vandaag precies 55 jaar geleden waren The Beatles in Nederland. Weliswaar volslagen onbekend, en op doorreis naar Hamburg, waar ze tot eind november zouden spelen in twee clubs aan de Grosse Freiheit, bij de Reeperbahn: de Indra Club en de Kaiserkeller. Maar toch: voor het eerst in het buitenland. The Beatles, dat waren toen John, Paul, George, Stu(art Sutcliffe) en Pete (Best). Hun toenmalige manager Allan Williams reed ze er naartoe, in een volgestouwd en ook op het dak met apparatuur zwaar beladen bestelbusje. Er waren geen extra stoelen, men zat achterin op de apparatuur. Verder reisden nog mee: Allans echtgenote Beryl Williams, haar jongere broer Barry Chang, Harold Phillips, een calypsozanger en promotor met de artiestennaam 'Lord Woodbine' (Woody), en een in Londen werkzame Duitse of Oostenrijkse ober, van wie alleen de achternaam bekend is: Steiner, die een baan had gekregen bij Bruno Koschmider, de Hamburgse clubeigenaar die de Beatles als band had gecontracteerd, en die een lift kreeg.

Onderweg werd een stop gemaakt bij het geallieerde oorlogskerkhof in Oosterbeek, waar Allan namens een neef eer wilde bewijzen aan de Engelse soldaten, die 16 jaar eerder waren gesneuveld tijdens de Slag om Arnhem. Bij het monument werd een foto gemaakt door Barry Chang. Op de foto zie je van links naar rechts: Allan, Beryl, Lord Woodbine, Stuart, Paul, George en Pete. Niet op de foto: Steiner en John, die naar verluidt niet uit de auto wilde komen omdat hij die oorlogsgraven niet aankon. Op het monument een bijbeltekst, die ook als profetisch voor The Beatles kan worden gelezen: Their Name Liveth For Evermore.





14 augustus 2015

Op het Noordereiland

We deden een dagje Rotterdam, ik stond aan de Maas en zag het Noordereiland. Daar heb ik ook ooit ook een paar maanden gewoond, toen ik 5 was, bij een oom en tante. Sindsdien ben ik er misschien een of twee keer terug geweest. Ik ben er maar even naartoe gelopen.

Mijn oom was brugwachter bij de Koninginnebrug. Soms mocht ik langskomen en meekijken, en heel soms op aanwijzing op een knop drukken of zo. Dan ging de brug open.



De kleuterschool bestaat nog! Nu een basisschool.



Aan de westkant van het eiland had je een mooi uitzicht over de rivier. Nu kijk je naar een gigantische brug. Bijgenaamd De Zwaan, dat dan weer wel. In mijn herinnering was hier meer groen ook, toen. Maar ik kan mij vergissen.



Tot slot: het eiland heeft ook een minibieb. Leuk.

10 augustus 2015

Ontbijt in het woonwarenhuis



Tijdens onze vakantie in Frankrijk moesten we helaas een keer snel heen en weer naar Nederland, voor een crematie. We sloegen ons tentje dus even op in Delft. De volgende dag wilden we zo snel mogelijk weer terug naar de Elzas, om onze vakantie voort te zetten. E. had wel eens gehoord dat je voor een paar euro kon ontbijten bij het Zweedse woonwarenhuis, nog voordat ze écht open zouden gaan. Wij met onze weer ingepakte auto daar naartoe. Vanaf de parkeerplaats zagen we al wat mensen zitten. Naar binnen. Inderdaad, het restaurantgedeelte bleek al open. Het kan al vanaf 1 Euro, wij pakten eens flink uit en voor een paar euro kregen we een prima ontbijt met broodjes, kaas, jam, ei, koffie, zuivel. Ik wist niet dat het bestond. Maar anderen wel. Ik schat dat er ruim 150 mensen aan het ontbijten waren. Ruim 150, op een betrekkelijk willekeurige dag. Vakantiegangers (zoals wij eigenlijk ook waren), maar ook chauffeurs, winkelpubliek en alleenstaande ouderen. Een wereld die ik niet kende.

09 augustus 2015

Ons tentje (2)



We zijn, zoals al eerder aangekondigd, weer met ons oude tentje gaan kamperen. Een lichtgewicht katoenen tent (Samojeed) uit 1983. Gekocht bij Carl Denig in Den Haag. Toen was dat voor ons (studerend) een flinke aanschaf van enige honderden guldens. De eerste jaren ging hij mee met de rugzak, later ook nog een paar keer met de auto. Daarna werden we een gezin en moesten we een grotere tent. Ons tentje is nog wel een paar keer door de kinderen gebruikt, met schoolkampen. Bij inspectie bleek dat 1 rits vervangen moest worden, dus dat is gedaan, weer bij Carl Denig, nu in Amsterdam ("mooie tent, ziet er nog prima uit", was het commentaar). En we zijn weer gaan kamperen, in Frankrijk. Op 4 verschillende *- en **-campings hebben we gestaan. Op de bonnefooi, maar er was altijd plaats. Op het plaatje zie je de opstelling op de derde camping, bij een boer. Spaarzame voorzieningen, eenvoudig maar schoon sanitair en afwassen. Geen winkel, geen zwembad, geen animatie, geen karaoke, geen jeu-de-boule-competities. Wel ruimte en een fijn uitzicht. Ideaal dus.



We hadden weer niet veel bij ons, want alles moest in de C1 passen en we wilden door de achteruitkijkspiegel kunnen kijken. Ten opzichte van 1990 of zo zijn er wel twee stoeltjes en een tafeltje bij gekomen. En we gebruiken niet meer zo'n 1-pits Bleuet, maar een 2-pits kookding van Campingaz. En een gaslampje. De vooruitgang. Of de leeftijd hè. :-)

Prima vakantie gehad.