25 november 2015

Naïef

In 1989 viel de Berlijnse Muur. De meeste Oost-Europese landen bevrijdden zich dat jaar ook van het communisme. Twee jaar later zou de Sovjet-Unie ophouden te bestaan.

Ik weet nog dat ik in het voorjaar van 1990 voor het eerst een Trabant zag, in Bergen aan Zee.


(foto van internet)

Ik was ontroerd, en blij dat er nu vrij door heel Europa gereisd kon worden. Ik heb die mensen, een Duits echtpaar, de hand geschud en een beetje onhandig welkom geheten.

Ik dacht in die tijd oprecht dat de vrede was uitgebroken.

24 november 2015

Ik herlas Het Bureau 7 - De dood van Maarten Koning



Precies 15 jaar na de eerste keer herlas ik het laatste deel van Het Bureau. Uit. Maarten is met de vut. Thuis loopt hij in de weg, de klusjes die hij doet bevallen Nicolien matig. Hij komt af en toe nog op het Bureau, om werkzaamheden af te ronden, maar ziet dat waar hij 25 jaar aan gewerkt heeft, stelselmatig wordt afgebroken. Hoewel hij zijn werk altijd als volkomen zinloos heeft bestempeld, gaat dit hem aan het hart. De (nieuwe) portier kent hem niet. Zijn aanwezigheid wordt eerst gedoogd, later zien zijn collega's hem liever gaan dan komen, en op het laatst wordt hij vijandig bejegend, zijn bureau en spullen zijn weg en de toegang tot een afscheid van een collega wordt hem geweigerd. Van de vrienden is Frans overleden en Klaas van hem vervreemd. Wat overblijft zijn doelloze wandelingen en fietstochtjes, soms met Nicolien, vaak alleen. Een overtollig mens.

Hij droomde dat hij werd uitgedragen. Van heel ver kwamen de laatste tonen van Nobody knows you when you are down and out uit de klarinet van Sidney Bechet, zoals hij die bij zijn leven honderden keren gehoord had. Daarna hoorde hij alleen nog het knerpen van de schoenen van de dragers op het grind en voelde hij het lichte deinen van zijn kist op hun schouders. Ze hielden stil. De kist werd neergezet. Er was het geluid van vele schoenen, een stilte en een zacht gemompel, waarna de voetstappen zich weer verwijderden. Hij duwde de deksel van zijn kist omhoog, richtte zich op en keek hen na. Ze liepen van hem weg over het pad naar de uitgang. Hij zocht naar bekenden, maar die achteraan liepen kende hij niet, en die vooraan waren kon hij niet meer zien. Terwijl hij langzaam de deksel weer liet zakken, werd hij wakker, overspoeld door een gevoel van oeverloze treurigheid.

Ook uit: het 3e en laatste deel van Voskuils vakantiedagboeken, die ongeveer dezelfde periode beslaan als Het Bureau. Als Maarten in het Bureau met vakantie ging, las ik daarover verder in de dagboeken.



Ook uit: de brieven die vriendin Frida Vogels schreef bij lezen en verschijnen van de afzonderlijke delen. Deze staan in het Voskuil Tiradenummer uit 2008.

Mijn voornemen om dit jaar Het Bureau te herlezen is gelukt, zonder moeite en met plezier. Maar nu weer even wat anders.

22 november 2015

Hier woonden wij



Een bijzonder boek, een paar weken geleden was ik al bij de boekpresentatie. Nu heb ik het uit. Ik heb het met plezier (een wat ongemakkelijk woord, ik weet even geen beter) en aandacht gelezen. Den Haag had voor de Tweede Wereldoorlog na Amsterdam het grootste aantal Joodse inwoners. Veel woonden er in het centrum, in 'de Buurt'. Verder woonden ze eigenlijk door de hele stad, ook in het huis waar ik zelf later woonde. Maar er was ook een aanzienlijke concentratie in Scheveningen, op en rond de Harstenhoekweg. In dit boek worden de verhalen van deze families verteld. Waar kwamen ze vandaan, waarom gingen ze juist daar in Scheveningen wonen, wat deden ze voor hun beroep en hoe is het ze vergaan. En wat is er nog van over, materieel en in herinnering, in huizen, bij getuigen en nabestaanden, in Scheveningen en in Midden-Europa, waar veelal de wortels lagen. Indringende verhalen. Mooi boek mensen.

[..] Daar wij morgenochtend op transport naar Opper-Silezië moeten, is er kans dat deze kleine brief het laatste zal zijn wat jullie van mij horen. [...] En nu kinderen, goede gezondheid en verdienste gewenst. [...] Hartelijk gezoend van je Vader, schoonvader en opa. [...]
(Uit het afscheidsbriefje van Gerrit van Weezel aan zijn vrouw en (klein)kinderen, uit Westerbork, 8 augustus 1942)

P.S.: Ik heb dit boek ook gelezen om inspiratie op te doen voor verdere zoekmogelijkheden voor mijn eigen bescheiden projectje, de familie Raphalowiz. En ik heb er daarvan meerdere gevonden. Aan de slag!

11 november 2015

11-11 11:00

Dag en uur van de wapenstilstand.

Verdun. Ik kampeerde er deze zomer in de buurt. Dit is slechts één van meerdere oorlogsbegraafplaatsen daar. Hier liggen 15.000 jonge mannen.



Ik fotografeerde een willekeurig graf, met een willekeurige naam. Zou er nog iemand zijn die van hem weet?



Doorgedraaid in een dolgedraaide wereld.

09 november 2015

Dit is mijn hof



Dit vind ik dus een heel goed boek. Sterk geschreven. Het is een ontroerend, persoonlijk verhaal, over de ellendige teloorgang van de familieboerderij, in de Zaligempolder bij Antwerpen. In dezelfde serie als de aanliggende Prosperpolder (B) en de Hedwigepolder (NL). De onzinnige expansie van de Antwerpse haven. Eigenlijk nu al achterhaald. De 'compensatie' door middel van aangelegde nep-natuur, met op de tekentafels vastgestelde hoeveelheden water, land, beesten, planten, wandelpaden en uitlegborden. De optelsom van soorten en aantallen. De onzinnige regelgeving, de gebroken beloften. De heimwee, de verpaupering, de onteigeningen, de waanzin van dit alles. Blijkbaar niet te stoppen. Lees!

02 november 2015

Hoe mooi alles



Een mooie voorstelling, naar het boek van Mirjam van Hengel, over Leo Vroman en zijn vrouw Tineke.
Ik heb het boek niet gelezen, en ken maar een of twee gedichten van Leo Vroman, half. Ik zag wel eens een documentaire.
Maar dat geeft allemaal niet, het is een ontroerend mooi toneelstuk over een bijzondere liefde.
Kees Hulst speelde weer heel goed, zoals altijd zou ik bijna zeggen. Esther Scheldwacht zag ik volgens mij nog niet eerder, ook een mooie rol.
Veel te weinig mensen in de zaal. Ga toch kijken!

Kom vanavond met verhalen
hoe de oorlog is verdwenen,
en herhaal ze honderd malen:
alle malen zal ik wenen.

(uit: Leo Vroman - Vrede)

01 november 2015

Ik herlas Het Bureau 6 - Afgang



Het laatste stuk van het werkzame leven van Maarten Koning. Het boek zou ook kunnen heten: Maarten verliest. Een aantal 'medestanders', steunpunten buiten Het Bureau, overlijdt. De moeder van Nicolien, Frans Veen, Beerta. Balk gaat met vervroegd pensioen en Maarten wordt tegen wil en dank directeur. Rondom zijn opvolging ontstaat een onverkwikkelijke machtsstrijd tussen de afdelingen. Een triest boek. Maarten gaat op 1 juli 1987 met pensioen, op eigen verzoek zonder dat daar uitgebreid bij stilgestaan wordt. Alleen met zijn afdeling gaat hij 's avonds uit eten.

Van het eten in het restaurant herinnerde hij zich achteraf weinig meer. Ze zaten aan een lange tafel tussen de andere bezoekers. Het was er rumoerig, gelach, gepraat, Mexicaanse muziek, en naarmate het later werd en het daglicht dat door de ramen viel overging in de avondschemer, leek het of de wereld steeds kleiner werd. Hij zat in het midden, tegen de muur, tussen Nicolien en Tjitske en tegenover Eef, en praatte vooral met Eef, met het gevoel dat de mensen om hem heen nu hij hun baas niet meer was, een soort vrienden waren geworden, wat hem bij vlagen ongewoon gelukkig maakte.
Geleidelijk wegzakkend in een dromerige afwezigheid, keek hij van een grote afstand de tafel rond, langzaam drinkend van zijn glas, zich verbazend over zijn gevoelens, alsof hij zich nu pas ten volle realiseerde hoeveel sympathie hij had voor de mensen tussen wie hij al die jaren verkeerd had.
'Ik geloof dat ze toch wel op me gesteld waren,' zei hij toen hij heel laat en wat onzeker op zijn benen met Nicolien in het donker naar huis liep. Hij zei het aarzelend, met een stem die door emotie gewrongen klonk. Ze gaf niet dadelijk antwoord.
'Had jij niet die indruk?'
'Ik weet het niet,' zei ze.
Pas toen hij in bed lag, merkte hij hoe gespannen hij was, en hij sliep dan ook pas in toen de muggen kwamen en de merel begon te zingen.


Na lezing dacht ik: Wat vreselijk als je je zo naar je pensioen moet slepen.

Heel goed boek. Misschien wel samen met deel 1 het beste.