30 juni 2010

Wat kennen we elkaar toch slecht!

Afgelopen zaterdag gingen we naar een groot feest, gegeven door een van mijn studievrienden. Het was erg leuk, er was ook een leuke club oud-studiegenoten, bijeengedreven aan de "Delfteriken-tafel", niet te ver van de biertap. Gezellig, gezellig. Hoewel: een van de vrienden, met wie ik jaren in een studentenhuis heb samengewoond (ik noem hem: Wim) maakte een wat teruggetrokken indruk. Onthutst was ik dan ook toen ik op maandag een rouwkaart van hem ontving betreffende zijn broer Peter, die vrijdag was overleden.
Vanavond woonde ik de afscheidsviering bij, die werd gehouden in de woon- en werkgemeenschap voor mensen met een verstandelijke handicap, waarin Peter was opgenomen. Deze was prachtig gelegen, midden in de Beemster. Het was een bijzondere viering, waarin plaats was voor katholieke (de traditie van de familie) zowel als voor antroposofische (kenmerk van de zorginstelling) elementen. Er waren verhalen, gedichten, er was mooie muziek, onder andere een uitvoering op viool van de Sarabande uit Bach's Cello Suite No. 1. Medebewoners werden er ook bij betrokken, zij verzorgden een klankspel met gongs en zongen onbekommerd mee met With a little help from my friends. Ik ook.
Ik ging er naar toe voor mijn vriend Wim. Hoewel we elkaar al 34 jaar kennen, was deze kant van zijn leven mij eigenlijk grotendeels onbekend. Wim vertelde mij dat hij die zaterdag even niet aan zijn broer wilde denken. Even 'wat lucht' wilde hebben. Begrijpelijk. Maar, wat praten we toch vaak over onbelangrijke dingen. Wat kennen we elkaar toch slecht!

Na de viering werd de kist door de familie de aula uitgedragen, naar de auto, onder begeleiding van de gongs. Er scheen een avondzon. Op een grasje aan de zijkant stond een medebewoonster, een vrouw van ongeveer 40 jaar. Zij had waarschijnlijk geen benul van wat er gaande was, en ging volledig op in haar diabolo-spel.

27 juni 2010

Jeroen Brouwers - De Nieuwe Revisor (Tirade 250)



Jeroen Brouwers schreef in 1979 een complete editie van Tirade vol. Deze week schafte ik dit kleinood toch maar aan. Het bevat een aantal artikelen gericht tegen de toen heersende literatuuropvatting van de jaren '70, dat alles overzichtelijk, begrijpbaar en niet te moeilijk moest zijn, en Henk Spaan als een belangrijk dichter werd gezien. Quod non. Dit schotschrift is bijzonder vermakelijk om te lezen, ook al was ik niet echt op de hoogte van alle ins and outs in deze vete. Past in de traditie van Brouwers' kruistochten tegen Rudy Kousbroek, Ronald Dietz en Ronald Plasterk.

Arthur van Schendel - Omnibus



Zo, dit was het laatste boek dat ik vorig jaar voor mijn verjaardag had gekregen. Alles is nu gelezen (plus nog meer, tussendoor gekochte boeken, dat gaat ook maar door) zodat ik nu met een gerust hart weer jarig kan worden.
Ik had dit boek op mijn lijstje gezet omdat J.J. Voskuil Van Schendel een goede schrijver vond: "Ik lees liever Van Schendel, die gelooft tenminste ergens in en hij wandelt ook." (Bij nader inzien). De afbeelding op de voorkant zag er ook uitnodigend uit. Het lezen was voor mij toch een gemengd genoegen. In deze omnibus zijn vier romans opgenomen, die nogal verschillend van stijl zijn. Een zwerver verliefd en Een zwerver verwaald zijn symbolische, allegorische vertellingen, gesitueerd in Italië, ergens in de late Middeleeuwen. Ik kon er niet veel mee, het voldeed in ieder geval niet aan mijn verwachting een met Voskuil verwante schrijver te lezen. Dat had ik meer met Het fregatschip Johanna Maria, ook een klassieker op de leeslijsten op de middelbare school. Een mooi verhaal over de liefde van een man voor een schip. Prachtige beschrijvingen. Ten slotte De wereld een dansfeest. Een bijzondere raamvertelling, het leven van twee dansers wordt beschreven aan de hand van 19 varhalen, verteld door omstanders: Het verhaal van de leraar, Het verhaal van de tante, Het verhaal van de kamerverhuurder, enzovoorts. 19 verschillende, elkaar deels overlappende invalshoeken, origineel. De sfeertekeningen hier deden me dan toch aan Voskuil denken, de laatste alinea van Bij nader inzien is een echo van die in De wereld een dansfeest. Maar het verhaal was voor mij niet echt interessant. Misschien heb ik toch niet de goede boeken gelezen van Van Schendel. Onlangs kwam er weer een omnibus uit: Drie Hollandse romans. Iets voor op de verlanglijst?

19 juni 2010

Ik wist niet dat ik dat nog wist

Daarstraks lag ik op de bank een boek te lezen, terwijl dochterlief naar dit of dat op DisneyChannel keek. Daar hoorde ik ineens een bekend muziekstuk, de Walkürenritt van Wagner. Ta ta ta da dah, Ta ta ta da! U weet wel. Jaren niet gehoord. En dan schiet het door mij heen: De vrijbuiters, met Von Gelb! Een serie over drie of vier tieners, die Engeland steeds redden van de snode plannen van de Duitse generaal Von Gelb, die alsnog de oorlog wil winnen met een motorboot of zo. Of zoiets. Dat muziekstuk werd altijd gespeeld als Von Gelb op pad ging met zijn boot (kun je overigens met een boot 'op pad' gaan?), met als bijbehorend beeld een scherpe boeg die de golven doorklieft. Zo herinner ik het me. Het wonderlijke is dat deze serie denk ik rond 1970 werd uitgezonden, en ik heb er daarna nooit meer aan gedacht. Tot 19 juni 2010. Hoe zit dat met het menselijk brein? Als je maar de goede geluiden hoort, zou je je dan alles weer kunnen herinneren?

Overigens: dezelfde muziek werd ook gebruikt in de film Apocalypse Now van Francis Ford Copolla, bij de helikopteraanval. Die film heb ik meerdere keren gezien, en tóch was niet dát mijn associatie, maar die van De vrijbuiters. Waarom, of waardoor?

Verder: als ik nou over zeg 30 jaar in verzorgingshuis De laatste snik zit, en ik hoor die muziek weer, zal ik mij dan herinneren dat ik in 2010 op de bank een boek lag te lezen, terwijl dochterlief naar dit of dat op DisneyChannel keek? Vragen, vragen, vragen.

16 juni 2010

De zon

Vanmiddag ging ik naar Driehuis-Westerveld, om Ben Hoogeboom te steunen, die zijn Alice vandaag naar het crematorium bracht. Een klein gezelschap verzamelde zich in de ontvangstruimte bij de ingang, vanwaar we naar het crematorium wandelden. Westerveld is misschien wel de mooiste begraafplaats van Nederland, prachtig gelegen aan en in de duinen. Na de plechtigheid scheidde ik mij af van het gezelschap, en wandelde nog even naar mijn moeder, wier as daar ook al weer ruim 50 jaar ligt, bij het monument. Het was mooi, zonnig weer. Ik hoop dat de zon ook weer op Bens gezicht zal schijnen.

15 juni 2010

Sunday Bloody Sunday

Vandaag was de openbaarmaking van het rapport van Lord Saville inzake Bloody Sunday.

"What happened on Bloody Sunday was both unjustified and unjustifiable," Prime Minister Cameron said today in a speech before the House of Commons. "On behalf of the government -- and indeed our country -- I am deeply sorry."





Even ontspannen:

14 juni 2010

Maarten en Maarten

Vorige week had ik een vreemde droom. Ik was in Leiden. Waarom weet ik niet, maar ik liep door de Leidse binnenstad, van het Rapenburg richting Witte Singel. Daar ging ik het Universiteitsgebouw binnen. Ik wist wel ongeveer de weg, omdat ik dat gebouw eind jaren '80 een aantal colleges Japans heb gevolgd. Van achter een deur hoorde ik geluid komen. Het was een min of meer regelmatig tikken, vergezeld van krachtschreeuwen. Ik ging naar binnen, en daar was een tafeltenniswedstrijd aan de gang tussen Maarten 't Hart en Maarten Biesheuvel. Het was een vreemde wedstrijd. Maarten 't Hart was gekleed in een soort jaren '50 sporttenue en was fanatiek en verbeten aan het tafeltennissen, de ene smash slaand na de andere. Hij was degene die bij elke slag een harde schreeuw slaakte. Aan de andere kant van de tafel stond Biesheuvel, gekleed in colbert met een dasje. Ontspannen sloeg hij alle ballen rustigjes terug. Tussendoor nam hij af en toe een trekje van een klein sigaartje, of nam hij een slok whisky uit een glas dat op een hoek van de tafel stond. Het kostte hem werkelijk geen moeite. Hij knikte mij vriendelijk toe. Kun je het even van me overnemen? vroeg hij aan mij. Ik moet naar Eva, anders maakt ze zich ongerust. Hij duwde het tafeltennisbatje in mijn handen en verdween. Maarten 't Hart sloeg met groot fanatisme alle ballen om mijn oren. Einde van de droom. In werkelijkheid was het wel uitgebreider en langer, denk ik. Zou zo'n droom nog iets betekenen? Een directe aanleiding voor deze droom kan ik niet bedenken. Ik heb beide Maartens nooit gesproken, en ken ze alleen uit mijn boekenkast.

Vanmiddag moest ik ineens aan het volgende denken.

Vanmiddag moest ik ineens aan het volgende denken. [...] Oorspronkelijk stond hier een stukje, dat als doel had aan te geven, hoe je soms 'ineens' weer aan iets van vroeger moet denken, en blijft denken. Ik merkte echter dat het stukje onbedoeld andere vragen opriep, die ik niet wilde, en soms ook niet kon beantwoorden. Ik heb het stukje daarom weggehaald. Het heeft hier nooit gestaan. Doorlopen alstublieft, niets aan de hand....

13 juni 2010

Tijd en Een stip op de wereldkaart

De twee laatste bundels van Hans Warren, oorspronkelijk uit 1986 en 2001, die ik lees in Verzamelde gedichten uit 2002.
Tijd bevat gedichten met het klassieke Warren-thema, het verstrijken van de tijd. Er wordt volop teruggekeken, herinnerd, maar ook vooruitgekeken. Een mooie cyclus aan Warrens partner Mario Molegraaf, waarin ik autobiografische elementen herken die ik ook in Geheim Dagboek ben tegengekomen.
Een stip op de wereldkaart is de laatste poëziebundel die Warren bij leven publiceerde, vlak voor zijn dood. Er staan mooie gedichten in, geïnspireerd op kunst en antiek in Warrens bezit, waaronder een laatste gedicht over Sibylle, bij een chamotte kop van haar door Jan Wolkers. Die kunstgedichten zouden naar mijn smaak zoveel beter tot hun recht komen vergezeld van een afbeelding. Ik schreef daar al eerder over. De bundel bevat verder een aantal eerder verspreid gepubliceerde gedichten.

12 juni 2010

363 Oxford Street en 3 Abbey Road

Goed, de laatste posting van mijn Beatles Odyssee, die overigens ongeveer 4 uur real time duurde. Twee adressen in relatie tot het begin en het einde van hun carrière.

Op 1 januari 1962 auditeerden The Beatles voor Decca Records, in London. Ze namen 15 nummers op, maar werden afgewezen. Guitar groups are on the way out, Mr. Epstein, zo kreeg manager Brian Epstein te horen. Epstein hield er wel een tape met de opnames aan over.



Op 8 februari 1962 was Epstein weer in Londen, en hij bezocht de HMV winkel in Oxford Street. Daar liet hij van de tape een 78 rpm plaat snijden.



Het personeel luisterde naar de opnames en brachten Epstein via via in contact met George Martin. En zo is het gekomen. Tegenwoordig zit op 363 Oxford Street een schoenenreus, maar er is wel een blauw schild dat nog aan het glorieuze verleden herinnert.





George Martin ontmoette Brian in de EMI Studios op 3 Abbey Road. The Beatles namen daar vrijwel hun gehele repertoire op. Op 8 augustus 1969, om 11.35 uur 's ochtends, werd de hoesfoto gemaakt voor de LP met hun laatste opnamen: Abbey Road.



EMI Studios veranderde in 1976 van naam, in Abbey Road Studios, vanwege de bekendheid die ze door de LP hadden gekregen. De hoes van de LP is een icoon geworden, door tientallen artiesten gekopieerd. Ook Paul McCartney gebruikte de hoes in 1993 voor de hoes van Paul is Live.



Sinds 1969 is het in die straat nooit meer hetzelfde geweest. Letterlijk dag in dag uit, de hele dag door, komen fans naar deze zebra om eroverheen te paraderen. Ook Uw blogger kon dit niet nalaten te doen.



Op de site van Abbey Road Studios kun je zien hoe de zebra er nu bij ligt.

Op 8 augustus 2009, om 11.35 uur 's ochtends, precies 40 jaar na de foto, gebeurde er dit:





The Beatles, dat gaat nooit voorbij.

Navigatie:
18e aflevering

Update:

In 2010 stopte het hier, maar in 2013 knoopte ik er nog wat aan vast, nl de Decca Studios en mijn bezoek aan de Abbey Road Studios, dus U kunt nog verder:

Navigatie:
20e aflevering

11 juni 2010

Boston Place / Marylebone Station

Bestaat er een sprankelender, innemender begin van een popsong dan dat van A Hard Day's Night? Nee dus.
Hier de openingsscene van de film, met twee foto's die ik nam van Boston Place en de stationsingang van Marylebone Station, die in de eerste minuut van de film voorkomen. Dzjinggggggg!





Navigatie:
17e aflevering
19e aflevering

10 juni 2010

De vondst in het wrak

Deze dichtbundel van Hans Warren verscheen in 1978, maar eerder onder andere titel (Een otter in Americain). Ik lees de gedichten in de 2002 editie van Verzamelde gedichten.
Ik weet niet zo goed wat ik met deze gedichten aan moet. Ik zal het wel niet begrijpen, maar op mij komt het over als een ratjetoe, zonder bindende thema's of onderwerpen. Een cyclus van 4 gedichten is geinspireerd op klassieke Griekse kunst, daarnaast een In Memoriam voor A. Roland Holst en nog andere zaken. Er zat (in tegenstelling tot alle eerder gelezen bundels) geen gedicht bij dat mij ontroerde of op andere manier trof. Mengelwerk, zeg ik maar, niet-begrijpend.

09 juni 2010

Vandaag is het al weer twee jaar geleden

Vandaag is het al weer twee jaar geleden dat mijn vader overleed. Ik mis hem, toch is hij vaak bij mij.

Niets gaat verloren. Wat er niet meer is,
wat men niet in zijn hand kan sluiten en meedragen,
komt terug als het zelf wil, neemt wat men nu bezit.


(Uit: Frida Vogels, De harde kern 3)

08 juni 2010

Behalve linde, tamarinde en banaan

Deze dichtbundel van Hans Warren verscheen in 1978, maar eerder onder andere titel (Sperma en tranen) en onder pseudoniem bibliofiel in 1976. Ik lees de gedichten in de 2002 editie van Verzamelde gedichten. Het is grotendeel erotische poezie, af en toe behoorlijk expliciet. Ik vind de gedichten in een aantal gevallen schuren, niet vanwege het homo-erotische karakter, maar door de intense emoties: weemoed, verdriet, vergankelijkheid. De combinatie hiervan met de vaak sprankelende beschrijvingen van licht en (liefdes)vreugde, sensueel en exotisch, dat is misschien typisch Warriaans. Prachtig!
De vreemde titel van de bundel is ontleend aan een schoolles:

Schoolhoofd: 'Onthouden,
jongens: alle boomen zijn
mannelijk, behalve linde,
tamarinde en banaan.'


(Uit: Onderwijs, Verzamelde gedichten, p. 631)

06 juni 2010

181 Marylebone Road



Hier wordt momenteel volop gebouwd. Nieuwbouw voor Marylebone Magistrates' Court, het gerechtsgebouw voor Westminster.
Tot 2009 zag het er ongeveer zo uit:



Hier werd John in 1969 veroordeeld voor het bezit van drugs. Een veroordeling waar hij jarenlang last van zou hebben. En dan te bedenken dat het een veroordeling zou blijken te zijn waarschijnlijk gebaseerd op frauduleus bewijs, zie mijn eerdere blog.

Navigatie:
16e aflevering
18e aflevering

97-113 Marylebone Road



Hier staat Marylebone Register Office, zeg maar het stadhuis afd. Burgerzaken van Westminster. Wat hep dat met The Beatles te maken, zegt U. Welnu, hier trouwden ooit Paul en Ringo (niet met elkaar, maar met resp. Linda Eastman en Barbara Bach).

Filmpje:





Navigatie:
15e aflevering
17e aflevering

Zeggen wat nooit iemand zei

Deze dichtbundel van Hans Warren verscheen in 1976. Ik lees de gedichten in de 2002 editie van Verzamelde gedichten. De bundel bestaat uit drie afdelingen: Zeggen wat nooit iemand zei, met min of meer algemene liefdesgedichten, Noord, een cyclus over/aan Theo Willemsen, en Zuid, een cyclus over/aan Gianni Nurchi. Die laatste spraken mij het meest aan. Deels zijn ze kennelijk geschreven toen de liefde weer voorbij was, het geeft een mooie, soms weemoedige sfeer aan de gedichten.

Wat liefde is?
Ik weet het nog steeds niet.
Ik ben bij jou, honderden kilometers
van je vandaan.
[...]

(Uit: Wat liefde is, door Hans Warren, Verzamelde gedichten, p. 615)

Maarten en Nicolien



Maarten dronk zijn kopje leeg, vouwde de krant op en wilde opstaan.
'Wat ga je doen?' vroeg Nicolien. 'Je gaat op je vrije zaterdag niet voor dat rot-Bureau werken, toch?'
Maarten aarzelde een moment. 'Ik dacht, ik ga even achter de pc' antwoordde hij, zijn gezicht in een zenuwachtige grimas vertrekkend. 'De namensite van Het Bureau is nu on-line.'
'Het is toch niet waar', zei Nicolien met overslaande stem. 'Het is toch niet waar. Ik denk dat we een gezellige ochtend samen hebben, maar jij moet weer zo nodig achter de pc voor dat rot-Bureau van je. Namen-site! Hoe durf je. Hoe durf je.'
Haar gezicht was wit van woede. Ze wachtte op een verklaring.
'Ik dacht, misschien is het wel leuk even onze namen op te zoeken, om te zien hoe vaak en waar ze door de jaren heen gebruikt zijn' probeerde Maarten.
Zijn armen zakten moedeloos langs zijn lichaam.
'Onze namen opzoeken? Jij wilt onze namen opzoeken op die rotcomputer, op die rot-site van dat rotbureau? Wat verbeeld jij je wel? Wat een belachelijke onzin. Dat deden we vroeger toch ook niet. Hoe vaak en waar ze door de jaren heen gebruikt zijn. Je bent wel een enorme patser geworden. Mijn man is een patser geworden. Ik wil met dat Bureau van jou niets te maken hebben. Je zorgt maar dat mijn naam er uit gehaald wordt. Meteen. Heb je dat begrepen?'
Woedend stond Nicolien op, pakte de koffiekopjes van het tafeltje, liep naar de keuken en sloeg de deur met een klap achter zich dicht.
Zuchtend ging Maarten achter de pc zitten. Hij tikte in: http://www.meertens.knaw.nl/nvb/

05 juni 2010

Bezonken rood



Al vaker heb ik op dit blog geschreven dat Jeroen Brouwers de beste levende Nederlandse schrijver is. Ik zeg het nu weer. In de boekhandel hanteer ik bij twijfel o.a. de volgende regel: Alle boeken van Jeroen Brouwers zijn goed. Tot nu toe las ik (ik heb het even nageteld) al 32 boeken van Brouwers. Gek genoeg (immers: een van de oudere en zeker een van zijn bekendste boeken) was Bezonken rood daar niet bij. Vanmorgen kocht ik het en ik las het vandaag in één ruk uit. Een gruwelijk mooi boek, een ontroerend eerbetoon aan zijn moeder, indringende herinneringen aan Brouwers' verblijf in Tjideng, een Japans interneringskamp op Java. Als altijd is de stijl onovertroffen, lees bijvoorbeeld deze zin, een metafoor voor iemands leven: De wind, die eigenlijk alleen zo nu en dan maar eens komt neergestreken, voortdurend komende van en onderweg naar elders, maar nooit constant op één plaats bezig, draagt vlaagsgewijs nu eens verkwikkende, dan weer onverkwikkende geuren aan, en soms een wolk vlinders of libellen, maar ook wel soms een zwerm zwarte vogels, -en is hij weer voorbij, dan blijft nog geruime tijd alles in de tuin, wat maar bewegen kan en door hem is aangeraakt, in beweging.

Saté van de barbecue (2)

Goed, de vleesjes zijn nu gemarineerd. De bereiding: steek eerst de barbecue aan. Onze barbecue is een eenvoudig dingetje, 30 x 20 cm, daar past steeds een redelijke portie op. Een goede barbecue wordt gestookt met houtskool. Niet met gas, niet met elektriek, met houtskool. Liever geen benzineblokjes, dat gaat alleen maar walmen en naar benzine stinken. Een paar propjes krantenpapier is goed. Dan komen we aan het belangrijkste ingrediënt voor een geslaagde barbecue: GEDULD. De barbecue moet door en door heet zijn voordat de vleesjes erop gaan. Anders zijn ze van buiten zwart en van binnen rauw. Gatver. Ik neem voor het aanwarmen van de barbecue meestal zo'n anderhalf uur. In de tussentijd kan het vlees aan stokjes geregen worden, en andere gerechten klaargemaakt, of er kan een glas gedronken worden. Vlees er op, paar minuten roosteren, af en toe draaien. De barbecue moet bediend worden door een en niet meer dan een persoon, gewoonlijk de heer des huizes. Deze dient zich verder niet te tooien met kookschorten met 'lollige' opdruk als damesondergoed of Superman-torso's. De effen blauwe of roze van de echtgenote is het beste. Daarna opdienen en smullen maar! Het fijnst is met rijst, katjangsaus, een beetje ketjap en blokjes komkommer. Ten strengste verboten zijn Calvé-sauzen, Gouda's Glorie emmertjes en de opgewarmde pindakaas die hier voor pindasaus doorgaat. Katjangsaus en ketjap, dus.

Nog even het recept voor katjangsaus, ook wel elders te vinden op internet:

Ingrediënten
1 el olie
1 ui
3 teentjes knoflook
2 tl djahé
2 tl trassi
1 tl sereh
2 tl laos
1 tl ketoembar
1 tl djintan
2 el sambal badjak
250-300 gram pindasaus korrels van de toko
4-5 el ketjap manis
2-3 dl. water
1 plak gulah djawa
1 el citroensap
3 djeroek poeroetblaadjes.

Snipper de ui en knoflook, maak de trassi en kruiden fijn.

Verhit de olie. Fruit het uimengsel zachtjes.
Roer de sambal erdoor, fruit dit even mee.
Voeg de pindakorrels, ketjap, water, gulah djawa en citroensap toe.
Laat dit enige tijd zachtjes pruttelen, zodat de gulah djawa goed opgelost is, niet koken!
Voeg de djeroek poeroetblaadjes toe en laat dit nog 4 minuten zachtjes meekoken. Verwijder ten slotte de blaadjes.

In 20 minuten klaar, hierna hoeft U nooit meer kant-en-klare pindasaus uit zo'n emmer.

Tenslotte nogmaals: doe Uzelf een plezier. Dit is genoeg. Verder geen andere hambo's en vette sterk gekruide zoute worsten braden, en met een of andere Calvésaus (bah) overgoten naar binnen werken. Dit is genoeg. En heerlijk fijn van smaak.

04 juni 2010

Saté van de barbecue (1)

Het wordt mooi weer, dus af en toe kan de barbecue aan. Hier een recept voor saté van de barbecue.

Vlees: varkenshaas, hoeveelheid naar behoefte, 150 gram per persoon. (Op de barbecue horen zeker geen barbecuepakketten van de slager met dubieuze worsten en andere vleesproducten, gatver. Gun jezelf lekker vlees in plaats van kapotgekruid slachtafval).

Neem een schaal of pan, en maak daarin de volgende marinade:

4 el olijfolie
sap van 1 citroen
1 el ketjap
1 blok gulah djawa
1 tl djintan
1 tl ketoembar
1 tl laos
1 gesnipperde ui
2 uitgeperste tenen knoflook
1 tl sambal

Doorelkaar roeren.

Varkenshaas in plakken snijden, en deze weer in blokken van de gewenste grootte.

Vlees door de marinade scheppen, goed mengen, afdekken en 24 uur laten marineren.

Morgen nog enige nadere richtlijnen voor de juiste bereiding.

03 juni 2010

Winter in Pompeï

Deze dichtbundel van Hans Warren verscheen ook in 1975. Ik lees de gedichten in de 2002 editie van Verzamelde gedichten. De bundel bestaat uit drie afdelingen: Een Bataks doodskistje, met gedichten geïnspireerd op kunstuitingen, Winter in Pompeï met gedichten met verschillende thema's wat melancholiek en weemoedig van toon, en Een liefdeslied met gedichten voor zijn geliefde Gianni Nurchi. De gedichten uit de tweede afdeling spraken mij het meest aan, het hartverscheurende Mijn laatste hond. Ik zou dat graag citeren, 3 regels dan:

MIJN LAATSTE HOND

Hij stond op de steiger toen ik wegvoer,
mijn enorme afghaan, vast geplant, niet gelovend
dat ik wegging, niet ècht gelovend.
[...]

Hier komt het niet echt uit, lees het zelf in Verzamelde Gedichten, op pagina 574.

02 juni 2010

Jane Eyre



Mijn dochter is niet zo'n lezer. Toch moet ook zij voor het eindexamen Havo door een leeslijst heen. Ik heb haar beloofd een als een soort sparring partner te fungeren, door af en toe een boek mee te lezen, zodat er over gepraat kan worden. Ik ga geen uittreksels aanleveren, die downloadt ze maar van internet. Deze week las ik Jane Eyre. Ik heb het zelf destijds ook gelezen voor mijn eigen examen, en ik herinner me dat als een marteling. Dat hele op commando lezen, overigens. Het literatuuronderwijs heeft er toen bijna voor gezorgd dat ik nooit meer een boek zou lezen. Het is anders gelopen. Tot mijn verrassing is het onderwijs tegenwoordig wat anders ingericht. Zo mag Jane Eyre gelezen worden in een aangepaste editie, in dit geval Longmans Simplified English Edition. Het taalgebruik is gemoderniseerd, de moeilijkste woorden zijn vervangen door eenvoudiger equivalenten en de (in de 19e eeuw soms ellenlange) terzijdes zijn weggelaten. Het is niet aan mij om het onderwijs van mijn kinderen te herdefiniëren, maar vreemd is het toch wel. Kennelijk mag het geen echte moeite meer kosten. Stel je toch voor dat ik bij wiskunde alleen maar makkelijke sommen had hoeven maken. Jane Eyre is in deze editie verworden tot een travestie van het echte boek. Eerst gebeurde dit, en daarna dat, en toen ging Jane daar naartoe en toen trouwde ze toch. Gaap.