Een van mijn liefhebberijen, waar ik volgens mij niemand kwaad mee doe, is ‘het uitzoeken van de familiestamboom’. De oudst bekende Zwaan in mijn voorgeslacht was al jaren ‘Jacob Zwaan uit Suriname’. In het lidmatenregister van Maarssen wordt hij vermeld, in 1730. Hij arriveert dan ‘met attestatie van Suriname’ (een bewijs dat je lidmaat bent van de (Hervormde) kerk, zodat je hier ook weer toegelaten wordt), hij vestigt zich in Maarssen, trouwt en krijgt kinderen. Ik ben 7 generaties daarna.

Maar ja, uit Suriname. Hoe zit dat dan, wie waren zijn ouders? Waar is hij geboren? Die vragen zijn jarenlang niet beantwoord geweest. Een neef van mij is daar nog veel langer dan ik mee bezig geweest, ik heb een kopie van een brief aan hem uit 1971 (!!) waar dit al ‘doodloopt’. We hebben er samen en apart jaren aan zitten peuteren, archiefonderzoek gedaan, allerlei families Zwaan (Rijnsburg, Arnhem, Enkuizen, Nieuw-Amsterdam, Zeeland, ze zitten overal) onderzocht, personen met de naam Jacob Zwaan/Swaan bekeken, deze zou het kunnen zijn, die ook, die zeker niet, maar: hoe bewijs je dat je de goede hebt?
Surinaamse archieven gaven geen bruikbare resultaten, zie hier een eerder blogje daarover. Van tijd tot tijd googelde ik ook "Jacob Zwaan Swaan Suriname", dat gaf steeds dezelfde resultaten, die we al talloze malen hadden bekeken en besproken. Tot afgelopen 19 december, toen zag ik op internet een resultaat dat ik niet eerder zag. Google gaf mij ineens deze link. Als je klikt zie je een pagina met een transcriptie van een notarieel document uit 1727. Het origineel zie je als je op de afbeelding aan de rechterkant klikt. Of hieronder, klikken = vergroten.

Die transcriptie is met geautomatiseerd handschriftlezen door AI gedaan en uiterst belabberd, maar de woorden Jacob, Swaan en Suriname zitten erin, en dus kon het door Google gevonden worden. Het hele document bestaat uit vijf bladzijden, die je kunt bereiken door op die site op ‘vorige’ of ‘volgende’ bladzijde te klikken. Ik heb het stuk zitten ontcijferen (een klus). Het is wel 18e-eeuws Nederlands, maar met enige moeite te begrijpen.
Het blijkt een arbeidsovereenkomst te zijn tussen Jacob Zwaan, jongman (dit is: ongehuwd, vrijgezel) van Rijnsburgh en plantage-eigenaar François Greenwood, om gedurende 6 jaar als tuijnman (wij zeggen nu: tuinder) op een Surinaamse plantage te gaan werken. Hoe weet ik nu, dat dit mijn Jacob, de ware Jacob, is? Argumenten zijn: de naam Jacob Swaan natuurlijk, verblijf in Suriname, de datum (voor 1730), het gegeven dat hij 'jongman' (dit is: niet gehuwd, vrijgezel) was, want mijn al bekende Jacob trouwde pas in 1741 in Maarssen, en zijn beroep tuijnman (tuinder), mijn Jacob in Maarssen was dat ook. Door dit document weet ik nu in ieder geval dat hij uit Rijnsburg kwam.
Volgende stap: Dat hij uit Rijnsburg kwam, is (voor mij) een gelukkige omstandigheid. Rijnsburg is eeuwenlang een vrij gesloten dorp geweest, men trouwde met elkaar, en allerlei families zijn daardoor met elkaar verwant. De oma van mijn echtgenote kwam er vandaan, en dus had ik haar voorouders daar al redelijk nauwkeurig uitgeplozen. Er woont daar inderdaad een familie Zwaan, en leden daarvan zitten bij haar voorouders! Op internet is veel te vinden, en zelf heb ik boeken met de dopen, huwelijken en begraafregisters (inmiddels ook on line bij het Nationaal Archief), tot in de 16e eeuw, en zelfs een vrij complete stamboom van de Rijnsburgse familie Zwaan. Rond Kerst ben ik gaan puzzelen.
In de doopboeken van Rijnsburg komt de naam Jacob Zwaan/Swaan tientallen keren voor. Ik zocht iemand die in 1727 al geboren was, maar ook meerderjarig (toen 25 jaar) (want hij heeft toen een notarieel contract getekend), hij mocht ook niet (in Rijnsburg) getrouwd zijn, of overleden, want onze Jacob deed dat in Maarssen. Er blijft dan precies een (1) Jacob Zwaan over. Hij is geboren in Rijnsburg in 1701, maar daar niet getrouwd, en niet begraven. Dit moet de Ware Jacob zijn. Voor de zekerheid heb ik daarna nog contact gezocht met andere stamboomvorsers, die op een of andere manier bezig zijn met de familienaam Zwaan, en/of met stamboomonderzoek in Rijnsburg. Zij vonden mijn vondst opmerkelijk, en onderschreven (ook weer na flink gepuzzel en gezoek) mijn conclusie, en mijn ‘ware Jacob’. Via de gegevens die ik had, kon ik daarna ook nog een paar generaties voor hem construeren. Zwaan of Swaan? Dat verschilt van document tot document, ook in dat notariële stuk staan beide spellingen. Jacob ondertekende zelf met Swaan, dus dat houd ik maar aan. Bij de oudere generaties is het meestal: Swaen.
Ik kom dan uiteindelijk tot de volgende ‘stamreeks’, die ik met 'Jacob Swaan uit Suriname' laat beginnen:
I. Jacob SWAAN, ged. Rijnsburg 26-6-1701, tuinder, begr. Maarssen 28-1-1777 (dit is dus de Jacob die uit Suriname naar Maarssen kwam), ondertr./tr. Maarssen 9/25-6-1741 Aaltje BRONKHORST, ged. Maarssen 6-6-1717, begr. Maarssen 23-9-1783, dr. van Willem Dirksz Bronkhorst en Evertien Dirks van Gaasbeek. Oudere generaties in Rijnsburg die nu toegevoegd kunnen worden:
II. Cornelis Jacobsz SWAEN, geb. Rijnsburg 1670, overl. Rijnsburg 10-11-1716, tr. Jannetje van Vijanen, overl. Rijnsburg 11-3-1703, dr. van Jacob Ariesz van Vijanen en Lijsbeth Jacobs de Vos.
III. Jacob Pieterszn SWAEN, geb. Rijnsburg omstr. 1635, vlasser, bouwman, handelaar, begr. Rijnsburg 8-4-1710, ondertr. Koudekerk 14-11-1660 Grietje Pietersdr van der Speck, ged. Koudekerk 31-5-1633, begr. Rijnsburg 21-2-1717, dr. van Pieter Gerritsz van der Speck en Annetje Willems van Alphen.
IV. Pieter Cornelisz SWAEN, geb. Rijnsburg omstr. 1597, landbouwer, vlasverwerker, overl. Rijnsburg 1-6-1668, tr. 1e omstr. 1622 Lijdia Andriesdr de Vos, geb. Rijnsburg omstr. 1600, overl. ald. omstr. 1632, dr. van Andries van Vosch en Maeijken Jans Blanckaert; tr. 2e omstr. 1635 Commertje Vincentsdr.
V. Cornelis Jacobsz SWAEN, tr. Lijsbeth PIETERSE.
VI. Jacob SWAEN, geb. Rijnsburg, omstr. 1545, overl. Rijnsburg 1609, tr. Weijntgen Adriaensdr, overl. Rijnsburg 1614.
Het eindigt weer met een Jacob, een kleine 200 jaar verder terug in de geschiedenis. Het is leuk dit gevonden te hebben, maar er blijven (zoals altijd) weer vragen over. Jacob tekende voor 6 jaar, maar kwam al na 2 1/2 jaar terug. Waarom of waardoor? In Maarssen kocht hij in 1747 een buitenplaats aan de Vecht. Waar haalde hij dat geld vandaan? Zijn loon in Suriname bedroeg een paar honderd gulden. Een buitenplaats(je) aan de Vecht zal hem minstens een aantal jaarsalarissen gekost hebben. Misschien kom ik er nog eens achter, misschien ook niet. Wellicht moet ik verder zoeken via die François Greenwood, of zijn plantage(s). Daarover is wel wat te vinden, online en in de archieven. Zoals gezegd, ik ben erg blij met dit resultaat, maar tegelijkertijd is het jammer dat mijn neef, die hier sinds 1971 op puzzelde, inmiddels is overleden. Ik stel me voor hoe opgetogen hij zou zijn geweest als ik hem dit had kunnen vertellen.