31 mei 2007

Du Perron, deel 2



Deel 2 is uit(gelezen). Dit deel bevat de brieven uit de periode 1 januari 1930 tot 31 maart 1931. In deze periode ontmoet hij Menno Ter Braak, en begint hun uitgebreide correspondentie, die overigens apart is uitgegeven en buiten deze delen is gehouden. Formulering van Du Perrons standpunt dat uit literatuur een persoonlijkheid ('vent') naar voren moet komen.

Opmerkelijk: op 21 maart 1930 schrijft Du Perron aan H. Mayer:

(...)Wil je dan maar die 7 dln Byron Poëzie voor fl.35.bestellen-onder voorwaarde dat de aanteekeningen niet aan den voet van de blz. staan! Zeg dit er vooral bij. Van alle akeligheden is dàt voor mij wel het ergste.(...)

Hieronder de bladzijde waarop dit gedrukt staat....

29 mei 2007

Drie obligate luchtploffen

Dit weekend zag ik een Spaanse film. Titel en inhoud doen er nu niet zo toe, maar in die film kusten de spelers elkaar met enige regelmaat, ter begroeting. Kennelijk op een Spaanse wijze, nl. vier snelle (binnen 1 seconde) kusjes, steeds op dezelfde wang. Anders dus dan hier. Hier hebben we de Brabantse Drieklapper. Men loopt op de te begroeten persoon toe, pakt elkaar bij de onderarmen of schouders, en geeft elkaar drie kussen bij (niet: op) de wangen, links, rechts, links. Naar mijn smaak teveel, en tegelijk te weinig. Wat je bijna zou vergeten is dat deze gewoonte nog niet zo oud is. Twintig jaar geleden begroetten we elkaar nog helemaal niet op deze manier, althans niet in Zuid-Holland, waar ik toen woonde. Als je toen een kennis, vriend of vriendin begroette gaf je elkaar een hand of, als je elkaar wat beter kende, een (1) kus op de wang. Nu zijn het er drie, naast de wang, en eigenlijk hoef je elkaar hiervoor niet of nauwelijks te kennen. De begroeting is daardoor volkomen betekenisloos geworden. Ik denk dat het komt door het overdreven amicale ge-begroet dat we dagelijks op TV zien. Daar is iedereen immers elkaars grootste vriend. Ik voel me er niet gemakkelijk bij, iedereen maar meteen drie keer te moeten kussen. Bijv. de vrouw van een vriend geef ik persoonlijk liever een hand. Het opmerkelijke is dat iedereen het doet, die drie kussen, en dat het niet makkelijk is je eraan te onttrekken. Dat wordt dan als gek, of koeltjes ervaren. Drie obligate luchtploffen naast mijn wang, dat vind ik koeltjes.

27 mei 2007

Handig boekje

Sommige boeken of boekjes blijken superhandig in gebruik te zijn.
Misschien wel het fijnste handige boekje in mijn bezit is het Vademecum van de wiskunde, door Otto Teller. Ik heb een vierde druk uit 1972, aangeschaft op de middelbare school. 

Inmiddels ligt het behoorlijk uit elkaar, ondanks reparaties met plakband.
Met enige regelmaat gebruik ik het nog steeds, om snel een formuletje op te zoeken.



Van de achterkant citeer ik: "Dit vademecum biedt in logische volgorde: korte definities, stellingen, afleidingen, formules én talloze figuren van allerlei terreinen van de wiskunde. Het is daarom een onmisbaar hulpmiddel voor leerlingen van middelbare scholen, voor universiteitsstudenten in de wiskunde en de exacte vakken, terwijl het ook een handig hulpmiddel is voor de man uit de praktijk, die 'zijn formules' begint kwijt te raken."

Vooral dat laatste zinnetje vind ik wel mooi.

Op www.bol.com zag ik overigens dat het nog steeds leverbaar is, in een ongewijzigde herdruk uit 2002.

26 mei 2007

Eenvoudige genoegens

Zaterdagmiddag, friet bakken in het frietpannetje.



Witbiertje erbij, natuurlijk van Hoegaarden, in het 'oude glas'.

24 mei 2007

Nog een oude held


Vandaag is Bob Dylan 66 jaar geworden.

Oude held


(foto gevonden op internet)

Vandaag wordt aan Maarten Biesheuvel de PC Hooftprijs uitgereikt. In 1972 kwam zijn eerste boek uit, In de bovenkooi. Op aanraden van mijn toenmalige leraar Nederlands, de heer Postma, ben ik dit gaan lezen. Dat was andere koek dan Karel ende Elegast. Wat een leuke, gekke, maar ook mooie en ontroerende verhalen. Daar lustte ik wel pap van. Inmiddels schrijft Biesheuvel eigenlijk niet meer. Zijn boeken zijn (op één na, de bundel Zeeverhalen) momenteel niet leverbaar. Ik heb in mijn boekenkast zeven boeken van Bies staan. Mijn eerste exemplaar van In de bovenkooi leende ik uit, en kreeg het niet terug. Ik kocht het opnieuw, en raakte het weer kwijt. Momenteel heb ik dit boek dus niet meer in bezit. Volgend jaar komt het Verzameld Werk uit, in drie kloeke delen. Dat ga ik kopen, en niet uitlenen.

21 mei 2007

Apies kijken

Tja,

die mevrouw die door de aap Bokito mishandeld werd....eigen schuld, dikke bult.
Ze ging elke dag bij hem langs en had naar eigen zeggen een speciale band met Bokito. Welnu, de aap dacht daar anders over. Elke dag naar de dierentuin, en dan naar (althans dat denk je) je beste vriend de aap, wat een treurig leven hebben sommigen toch. Er is op internet in een filmpje van haar man (kennelijk niet jaloers) te zien hoe ze het beest toelacht en uitdaagt. Lachen is voor apen een daad van agressie. Je zou verwachten dat als je zo van apen houdt, dat je er dan wel eens een boekje over leest. Mevrouw was door de verzorgers en bewakers al meermalen verzocht om haar aandacht niet zo sterk elke dag weer op Bokito te richten.

Het naarst vond ik nog dat het 'slachtoffer' omschreven werd als een 'oudere vrouw'. Vanmorgen las ik dat ze 'begin 50' was.
Dan ben ik nu dus definitief een 'oudere man'.

Naschrift: ik lees nu weer dat ze 57 is, dan heb ik nog een jaar of vijf.

18 mei 2007

Gelezen

Boekenkast verplaatst






Verder commentaar overbodig.

Wat slecht!

Gisteren Wat heet! gezien.
Volgens de Vara: "Eigentijds, opiniërend, zinderend en zomers: dat is Wat heet! Elke werkdag, live vanuit Artis in Amsterdam, om 19.30 uur op Nederland 3."

Dat kan dus beter maar weer meteen stoppen. De presentator is totaal niet geïnteresseerd in wat de gasten vertellen. Hij kijkt ze niet aan, laat ze niet uitspreken en wil vooral zijn eigen mening over van alles kwijt. Verder kondigt hij midden in een antwoord van een gast op een door hem zelf gestelde vraag een debiel tv-spelletje aan en natuurlijk moeten we ook weer naar 'leuke' (internet) filmpjes kijken.

Nee, dit is mislukt.

16 mei 2007

It's all in the family

Gijs Hesselink is weer terug van vakantie, en geheel in stijl plaatst hij daarover een bericht in zijn genealogische blog, die ik altijd met plezier lees (http://gijsgenealog.blogspot.com/).
Dit keer ging het over glas. In Gijs' voorgeslacht komen glasblazers voor, en hij vertelt (bericht van 14 mei):

"Ook moest ik in het glasmuseum denken aan een andere voorvader, namelijk Hendrik Stolle. Hij was glasblazer en mogelijk afkomstig van Hagen of Herdecke in het Roergebied. Hij vestigde zich in Amersfoort, waar hij in 1746 trouwde. Zijn zoon Casper Stol werd eveneens glasblazer in Isselt en Nijkerk. Ook zijn genen zijn in mij aanwezig."

Die laatste zin zette mij aan het denken. Is dat wel zo?

Ik heb geprobeerd daar wat aan te rekenen.

Ik weet inmiddels dat er tussen Gijs Hesselink en Casper Stol 6 generaties zitten. Zoals wellicht bekend liggen de genen bij de mens op de chromosomen, daarvan hebben we 22 paar gewone en 2 geslachtschromosomen, voor vrouwen 2 keer X en voor mannen X en Y. Een kind erft de helft van de gepaarde chromosomen van de vader en de helft van de moeder, en ook van ieder nog een geslachtschromosoom. Dit betekent dat een kind van Casper zeker genen heeft van Casper. Maar bij een volgende generatie (kleinkind) kunnen de chromosoomhelften met de genen van Casper worden doorgegeven, of die met de genen van Casper's vrouw. Voor elk chromosoom van het kleinkind betekent dit een kans van 50 % op aanwezigheid van genen van Casper.
Na 6 generaties is de kans dat op het (bijv.) eerste chromosoom nog de genen van Casper aanwezig zijn, geslonken tot 1/2 tot de macht 6, dit is 0,03125.
De kans dat er juist geen genen van Casper meer op dat eerste chromosoom aanwezig zijn is dan 1 - 0,03125 = 0,96875. Maar goed, een mens heeft 23 chromosomen. De kans dat er op geen enkel van deze nog genen van Casper liggen is dan 0,96875 tot de macht 23, dit is 0,481802952. Oftewel: fifty-fifty kans dat Gijs geen of nog juist wel genen van Casper heeft.

Denk ik.

12 mei 2007

Dagboek 1972


Het goede leven van Jan Wolkers: kunst, schrijven, natuur, eten, seks en voetbal.

10 mei 2007

Amice!


Bijna 700 bladzijden met brieven van en aan Albert Verwey. Verwey was dichter en mede-oprichter van het literatuurtijdschrift De Nieuwe Gids, en deze brievenverzameling bestaat dan ook voor een groot deel uit de correspondentie met de mede-redacteuren. Daarnaast ook veel brieven van bevriende schrijvers en schilders zoals Karel Alberdingk Thijm (Lodewijk van Deyssel), Jacobus van Looy en Willem Witsen. Vermoeiend vond ik de brieven aan zijn meisje Kitty van Vloten. Stapelverliefd, dat wel.

08 mei 2007

4 mei (een aanvulling)

Vandaag ontving ik van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork http://www.westerbork.nl (na een vraag daarover van mijn kant) enige aanvullende gegevens over de familie Raphalowiz.
Uit hun gegevens blijkt, dat het gezin Raphalowiz op 19 augustus 1942 in kamp Westerbork aangekomen is. Een dag later, de 20e, is de woningsleutel afgegeven aan SS-Sturmmann Schmidt. Henri, Josephina en Marcel zijn niet lang in het kamp gebleven: op 21 augustus 1942 worden ze gedeporteerd naar Auschwitz. Henri bezwijkt op 23 september 1942 aan een 'hartspiervertraging', aldus de officiële verklaring, zoon Marcel is volgens de Sterbebücher von Auschwitz overleden op 29 augustus 1942. Omdat na de oorlog deze boeken uit Auschwitz voor de officiële instanties niet beschikbaar waren, is zijn overlijdensdatum vastgesteld op 30 september 1942 (die van zijn moeder trouwens ook, van haar weet ik de 'echte' overlijdensdatum niet).

06 mei 2007

De wereld staat stil

Het televisieseizoen is weer gesloten, tot half september of zo. De dames en heren moeten weer even helemaal opladen voor het nieuwe seizoen. Ondertussen krijgen we maandenlang herhalingen. Deze week al een paar herhalingen van De wereld draait door. Aardig programma, dat het moet hebben van de luchtige actualiteit. In de herhaling is de actualiteit weg, en blijft er lucht over. De wereld staat stil.

04 mei 2007

4 mei

Vandaag, 4 mei, is Dodenherdenking. Officieel herdenken we in Nederland tegenwoordig de Nederlandse slachtoffers die sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in oorlogssituaties en bij vredesoperaties zijn omgekomen.

Persoonlijk heb ik de oorlog niet meegemaakt, van mijn familie is voorzover ik weet alleen een oom door de oorlogshandelingen omgekomen, door de Duitsers getorpedeerd en is een oud-tante omgekomen bij een bombardement.

Voor de omgekomen joden in Nederland is er een website, Digitaal Monument voor de Joodse Gemeenschap in Nederland, http://www.joodsmonument.nl/.
Het Digitaal Monument voor de Joodse Gemeenschap in Nederland is een monument op internet om de herinnering levend te houden aan alle mannen, vrouwen en kinderen die tijdens de Duitse bezetting als joden zijn vervolgd en die de Sjoa niet hebben overleefd.

Voor ieder van hen staan in het Monument basisgegevens zoals naam en voornaam, plaats en datum van geboorte, sterfdatum en sterfplaats en het adres waar ze woonden. Van velen is bovendien het gezinsverband waarin ze leefden bekend, soms is er een inboedellijst aanwezig.

Ik struinde een keer rond op deze site, en in het zoekvenster tikte ik de straatnaam in van de straat waar ik als kind woonde. Tot mijn verbijstering zag ik dat vanaf het adres van mijn ouderlijk huis ook een joods gezin is weggevoerd. Allen kwamen om in Auschwitz.

Hieronder een foto. Het is het huis op de eerste verdieping.


Vandaag geef ik deze mensen in mijn blog een klein monumentje.

Op mijn latere ouderlijk adres (ik woonde er van 1959 tot 1975, mijn ouders wonen er nog steeds) woonden tot zomer 1942:

Henri Raphalowiz
geboren Amsterdam, 20 december 1895
overleden Auschwitz, 23 september 1942
Schilder
Bereikte de leeftijd van 46 jaar

Josephina Raphalowiz-Velleman
geboren Amsterdam, 1 juli 1899
overleden Auschwitz, 30 september 1942
Bereikte de leeftijd van 43 jaar

Marcel Philip Raphalowiz
geboren Den Haag, 24 maart 1925
overleden Auschwitz, 30 september 1942
Bereikte de leeftijd van 17 jaar

Marcel Philip Raphalowiz had dus hetzelfde ouderlijk huis als ik.
Hij was van de generatie van mijn vader. Hij sliep waarschijnlijk in hetzelfde kamertje als ik; hij tot zomer 1942. Toen vertrok het gezin uit dit huis. Onder welke omstandigheden, en via welke tussenstations weet ik niet. Korte tijd later werden Marcel Philip en zijn ouders in Auschwitz vermoord. Vandaag denk ik aan ze.