Op 25 november verzorgde Marc van Oostendorp de Siegenbeeklezing 2014, met als titel:
Van Het Bureau naar Humanities Center. Het Meertens Instituut vroeger, nu, en in de toekomst. (Terzijde: In
Bij nader inzien zegt Maarten Koning ergens dat 'Siegenbeek' zijn favoriete spelling is.)
Ik vond het een leuke, informatieve avond. Hier en daar een aardige Bureau-anekdote, maar zeker breder dan dat. De presentatie was in Prezi-vorm, die hierbij gaat.
De klassieke werkzaamheden op het Meertens Instituut werden geïllustreerd met een voor Bureau-liefhebbers bekende kaart, namelijk
'Offers voor mooi weer'. Op deze kaart is voor het eerst een zogenaamde cultuurgrens gevonden. In
Het Bureau staat deze scène in deel 1 (Meneer Beerta), op pagina 512/513. De kaart zelf en een mogelijke verklaring voor de cultuurgrens worden besproken in het zeer leuke boekje
De kaartenbank, vanaf blz. 75.
Het verleden.
Van Oostendorp vertelde over het begin in 1930, waarom (volgens 'kwade tong'
Jo Daan (in Het Bureau: Dé Haan))
Meertens (Beerta) werd aangesteld als hoofd van het Dialectbureau, en niet de misschien geschiktere
Gesinus Kloeke. Dit door bemoeienis van 'bad guy'
Van Ginneken die vreesde anders overvleugeld te worden (en wiens biografie, zo werd beloofd, t.z.t. door Van Oostendorp geschreven zal worden). Als het anders was gelopen zou het wellicht nu het 'Kloeke Instituut' zijn geweest. Na oprichting van het Dialeectbureau volgden de afdelingen Volkskunde en Naamkunde snel, door de interesse die Meertens daarvoor had.
Na Meertens volgt de periode
Blok-
Voskuil. Ook die kennen we uit Het Bureau, natuurlijk, als Jaap Balk en Maarten Koning. Een droevig stemmend hoofdstuk uit de geschiedenis van het Instituut is het lot van het beroemde kaartsysteem van Voskuil. 22 kasten met ieder 20 laden, met elk weer 400 kaarten. Over alles wat met volkscultuur te maken heeft, dus over
A L L E S. Lees Het Bureau. Daarin begint Maarten Koning vrijwel aan het begin van het eerste deel met een kaartenbakje, dat dan nog op een tafel met boeken van Beerta staat, om literatuurverwijzingen in te verzamelen. Later vullen ook zijn medewerkers het steeds uitdijende systeem. Het doel was om hiermee onderzoek te verrichten. Dat is nooit gebeurd, zodat het nu in de archiefruimte van het Meertens Instituut staat opgeslagen. Na de komende verhuizing (2015?) naar een kleinere omgeving zal het naar een landelijk overheidsdepot moeten gaan. Van Oostendorp zou er graag nog iets wetenschappelijks mee doen, maar wat? Er werd nog een foto vertoond,
'deze zomer op verzoek van iemand die in deze zaal aanwezig is, gemaakt'.
Het heden.
Na Blok en Voskuil is er de moderne tijd, onder leiding van Hans Bennis. Het aandachtsveld is veranderd. Naamkunde is verdwenen, de computer als gereedschap is gekomen. Kaarten worden nog steeds gemaakt, bijv. over 'drie-ledige werkwoordclusters'.
Kennelijk komt de vierde vorm (gemaakt hebben moet) nauwelijks voor, voor mijn gevoel kán hij nog net, daarom heb ik deze ook in de titel gebruikt.
Het Meertens Instituut heeft
een aantal grote databanken on-line gezet. Een van de meest gebruikte is de
Nederlandse Voornamenbank. Ook
Maarten en Nicolien staan er in, of Nicolien dat nu wil of niet.
Ook werd de
Nederlandse Liederenbank getoond, ooit begonnen door
Ate Doornbosch (Jaring Elshout).
De toekomst.
Onderzoek moet tegenwoordig geld opleveren. Onderzoeksinstituten worden gekoppeld aan topsectoren in de industrie. Een bizar idee dat enige tijd rondging was om het Meertens Instituut te koppelen aan de
gaming industrie. Over dat rare plan wordt gelukkig niet veel meer vernomen. Het Meertens Instituut zal binnenkort van de cola-fabriek verhuizen naar het Spinhuis, samen met o.a. het Huygens Instituut.
Bij de rondvraag wilde een van de aanwezigen weten wat de opvatting van Van Oostendorp was over de naam van het instituut, gegeven de rol die Meertens tijdens de oorlog zou hebben gespeeld. Aangehaald werd o.m. dat Meertens voor de Duitsers boeken zou hebben gescreend op het voorkomen van begrippen als Jood en Oranje.
Hier vindt U het rapport van de Commissie van Drie die zich hierover heeft gebogen plus wat aanpalende literatuur, en voor de volledigheid ook
de reactie hierop van Hans Derks, die deze kwestie had aangezwengeld.
Ik had dat al eens gelezen en kan/ga er niets over zeggen.
Ik wacht op de publicatie van de biografie van Meertens, waarmee (dit vond ik op internet) Theo van der Meer bezig schijnt. En wie o wie gaat nu eens de biografie van Voskuil schrijven.....
Zoals gezegd, een leuke, informatieve lezing. In 2015 ga ik Het Bureau herlezen.
UPDATE 5 dec: Prezi vanuit Van Oostendorps website gelinkt, en tekst daarom ook enigszins aangepast.