31 december 2016

Boeken 2016



U ziet het, ik las dit jaar minder (65 stuks) boeken dan in 2015. Ook waren ze gemiddeld dunner (240 blz per boek). Er zaten weliswaar een paar knoeperts tussen, Oorlog en Vrede met 1606 blz. was het dikst, maar ik las bijvoorbeeld ook 21 boeken/boekjes met minder dan 100 bladzijden. Enfin, wat doet het ertoe, als je maar de goede bladzijden leest.

De beste boeken die ik in 2016 las:
Stefan Zweig - De wereld van gisteren (Herinneringen van een Europeaan)
Primo Levi - Is dit een mens, en Het respijt

Er waren meer goede, maar dit vond ik de beste. Ik las ook minder goede, of zelfs slechte boeken. Die noem ik hier niet.

Wat mij opvalt is dat ik meer buitenlandse boeken ben gaan lezen. Dit jaar 25 stuks, meest Engels, andere vertaald, twee in het Duits.

Er waren 26 schrijvers, van wie ik dit jaar voor het eerst een boek las.

Op 3 januari blogde ik mijn leesvoornemen voor 2016. Wat is er van terecht gekomen?
- lezen Verzameld Werk - Karel van het Reve, deel 6. Gedaan.
- lezen Oorlog en vrede - Tolstoj. Gedaan.
- lezen Berlin Alexanderplatz - Alfred Döblin. Gedaan.
- lezen Homeros - Ilias, en als het bevalt ook de Odysseia in de vertaling van Imme Dros. Niet gedaan, niet meer aan toegekomen.

Dit was het boekenjaar 2016, volgend jaar weer een boekenjaar!

23 december 2016

Reünie op het Berendsgymnasium

Ik zei al dat ik De avonden herlees. Van 22 tot en met 31 december, elke dag een hoofdstuk. Vandaag dus het tweede, het verhaal speelt zich af op maandag 23 december 1946.

Frits van Egters gaat die avond, samen met broer Joop en zijn vrouw Ina naar een reünie van het Berendsgymnasium. Ze zijn oud-leerlingen, de school bestaat 20 jaar. Frits spreekt met wat oude bekenden, en schuift daarna aan bij het programma in de aula.

Zoals wel bekend: in De avonden corresponderen veel personages en verhaalelementen met personen en gebeurtenissen in het leven van Gerard Reve. Reves middelbare school, het Vossius Gymnasium in Amsterdam, stond model voor Frits' middelbare school, het Berendsgymnasium. In Het Parool van 21 december 1946 staat onderstaand verslag.



De reünie vond in werkelijkheid dus een paar dagen eerder plaats, op vrijdag 20 december 1946.

Leuk vond ik het de vermelding van Jaap Schröder, later een tamelijk bekend violist, te zien. Ik ken Jaap Schröder zeer zijdelings, hij is de vader van een schoonzus. (Natuurlijk is ook Marius Flothuis bekend geworden, als componist en musicoloog.)

"Het programma werd voortgezet met een kort concert in drie delen. Toen dit was geëindigd was het tien voor tien. Het volgende nummer was het Impromptu van Schubert. De tere doordringende muziek steeg langzaam op."

Ik liet mijn schoonzus dit krantenartikeltje lezen, ze wist er niets van en is nu van plan De avonden toch weer eens te gaan lezen.

Dag meneer Meinderts

Ineens begrijp ik een rare gedachtekronkel, waar ik een tijd mee rondliep. Meneer Meinderts. Ik leg uit: Ik vond en vind het werk van Jan Wolkers wel mooi. En dan niet alleen de boeken, maar ook de schilderijen en beelden. Als het even kon, bezocht ik zijn tentoonstellingen, bijvoorbeeld (postuum) deze in de Leidse Lakenhal, maar ook andere. Ook ging ik bijvoorbeeld hier naartoe. Soms zie je dan dezelfde mensen. Ook Wolkers-fan. Zo kwam ik een paar keer dezelfde man tegen met een baardje, en dacht dan: Daar is Aad Meinderts, van het Nederlands Letterkundig Museum (nu: Literatuurmuseum. Tegen sommige mensen zeg ik erbij: de broer van Koos). Natuurlijk is hij er ook bij, dat hoort bij zijn werk, was ongeveer de gedachte. Zo ook weer bij dat Kort Amerikaans-symposium. Omdat ik Aad Meinderts wel tegenkom op Twitter dacht ik dat het wel aardig zou zijn om hem even de hand te schudden.
Tijdens de lunch ging ik naast hem zitten en gaf hem een hand. 'Dag meneer Meinderts, ik stel me even voor: "FZwaan, van Twitter"'. De man keek mij bevreemd aan, lachte en zei dat hij niet 'meneer Meinderts' was, maar dat hij het toch leuk vond kennis met mij te maken.

Nooit heb ik begrepen hoe dit nu kon. Tot gisteren. Ik googlede wat over het Literatuurmuseum, zag een foto en wist: de man bij de Wolkers-bijeenkomsten leek niet op 'meneer Meinderts', maar op Harry Prick. Google nu zelf het verband.

22 december 2016

De avonden 2016

Vandaag ga ik weer beginnen, aan het laatste boek van het jaar. De avonden, elke dag een hoofdstuk.

Tot nu toe was dat bijna altijd uit mijn 30e druk uit 1981.



Een keer luisterde ik in december naar het boek, voorgelezen door De Meester Zelve.



Ik las en bladerde ook wel door de facsimile-uitgave van manuscript en typoscript.



Maar dit jaar wordt het Simon van het Reve - De avonden, 2e druk uit 1948, eerder dit jaar gekregen van mijn nicht Y.



Het was nog donker, toen in de vroege morgen van de twee en twintigste December 1946 in onze stad, op de eerste verdieping van het huis Schilderskade 66, de held van deze geschiedenis, Frits van Egters, ontwaakte.

U ziet het, een iets oudere spelling dan in latere drukken. Ik ga weer genieten.

Daarnaast lees en blader ik wat in 'De kleine zenuwlijder'.

“Wat lees je?” vroeg hij, een klein boek met grijze linnen band van de schrijftafel nemend. “Dat moet je beslist lezen”, antwoordde Viktor, “daar zul je beslist veel plezier aan hebben.” “De kleine zenuwlijder, handleiding tot een fatsoenlijk leven”, las Frits. “Je mag het nu wel lenen”, zei Viktor. Frits sloeg het dicht en stak het in zijn jaszak, haalde diep adem en nam afscheid.

20 december 2016

Berlin Alexanderplatz



Ik zag in de jaren 80 (?) de serie/film van Fassbinder (15 1/2 uur), en een jaar of wat geleden de serie op dvd (nog eens 2 uur extra). En nog een keer. In 2011 kocht ik het boek in Berlijn en nu heb ik het gelezen, zoals ik mij had voorgenomen. Auf Deutsch. Dat is wel even aanslingeren geweest. Twittercontact @ruudketelaar moedigde mij aan het boek te gaan lezen. 'Je kunt het.' Hij had gelijk. Helaas overleed Ruud eerder dit jaar. Dank Ruud, voor de aanmoediging. 
Berlin Alexanderplatz is het tweede Duitse boek dat ik dit jaar lees, maar deze is dik (500 blz.) en meest in Plat-Berlijns. Oef. Maar na enige gewenning toch goed te doen. Het is na bijna honderd jaar nog steeds een bijzonder boek. Die Geschichte vom Franz Biberkopf. Het verhaal van Franz, der anständig leben will maar daarin niet slaagt. Het verhaal gelardeerd en geprofeteerd met en door geluiden, reclameteksten, krantenberichten, statistieken over Berlijn. Mijn vader had een (tamelijk vrije) vertaling van het boek, uit de jaren 30 of zo, een jaar of wat geleden verscheen een nieuwe, betere uitgave. Als Duits te dol is, is dat wellicht aan te bevelen. Ik vond het een goed boek.


Berlin Alexanderplatz, 2011

17 december 2016

Het Groot Dictee der Nederlandse Taal 2016, en de 'kladderadatsj'



Zoals vrijwel elk jaar deed ik mee aan de voorronde van Het Groot Dictee der Nederlandse Taal, dit jaar wilde ik extra graag, omdat het Dictee door A.F.Th. werd geschreven. Ik weet al niet meer wanneer, maar ik werd gebeld dat ik mocht meedoen. De opname was op 10 december, in de vergaderzaal van de Eerste Kamer in Den Haag, en inmiddels is het uitgezonden. Het was leuk, ik vond het moeilijk, maar ik ben niet ontevreden over het resultaat.


De start was zeer slecht, in de eerste zin maakte ik maar liefst zes fouten. Zes! Zenuwachtig? Slechte verstaanbaarheid? Ik voelde dat het 'niet lekker ging'. Een paar woorden in het dictee kénde ik gewoon niet. Krambamboeli? Qaly's? Ik heb het nagekeken, ze staan inderdaad in Van Dale Groot woordenboek van de Nederlandse taal (editie 2015). Uiteindelijk maakte ik in totaal dertien fouten. Daar ben ik (zeker gezien die rampzalige eerste zin) niet ontevreden over. Helaas ben ik in de laatste fase, bij het laatste nalezen, drie keer in de bekende val getrapt. Een goed antwoord verbeteren in een fout antwoord. Compleet met waanzinredenaties.

Bijvoorbeeld het woord kladderadatsch uit de eerste zin. Ik kende dat woord (economische of morele ineenstorting), Van der Heijden gebruikt het ook, volgens mij (maar ik ben niet zeker) staat het in De slag om de Blauwbrug en in Ik heb je nog zoveel te vertellen, zijn briefwisseling met Jean-Paul Franssens. Enfin, ik schreef dus: kladderadatsch. En dat was goed. Bij het overlezen kwam er de waanzinredenatie. Ik dacht: Van der Heijden schrijft in zijn boeken nou wel kladderadatsch, maar misschien is dat wel een van spellingeigenaardigheden, zoals schrijvers er soms op nahouden. Misschien moet het kladderadatsj zijn. Het is immers ook: Jiddisj (terzijde: Jiddisch is ook goed). Hoe verzin ik het, vraagt u zich af. Dat woord Jiddisj, daar was ik zeker van, dat had ik een dag eerder nog zo gezien. En toen streepte ik de ch bij kladderadatsch door, en schreef er een j boven. En dat was fout. De corrector zette er een streepje onder.



Een dag of wat later zag ik een tweet, ja als ik die eerder had gezien, dan was het niet fout gegaan.



Het was leuk om mee te maken, leuk en spannend om mee te doen, en het was prima verzorgd allemaal. Mooie cadeaus mee naar huis gekregen. Na afloop liet ik mijn exemplaar van de tekst met die fouten en al door A.F.Th. signeren, en sprak ik nog kort met hem over de totstandkoming van deze tekst. Ik grapte dat, vergeleken hiermee, zijn nieuwe roman Kwaadschiks wel een luchtig leesbaar tekstje van 1300 bladzijden zou blijken. Daar ga ik overigens in januari mee beginnen.

Prima, prima avond. Ik ben wel benieuwd hoeveel fouten jullie hadden.

16 december 2016

Eight Days A Week (3)



Ja, nu heb ik ook de 2-dvd van de film, waar ik al eerder over schreef (1, 2).
Het eerste plaatje bevat de film die ik in de bioscoop zag, die heb ik nog niet teruggekeken. Het tweede plaatje zag ik gisteravond, of liever: vannacht. Honderd minuten extra materiaal. Onder andere: meer interviews met Paul en Ringo, meer live-spul, herinneringen van fans 'die er toen bij waren', een meneer met verstand van muziek en Elvis Costello (lid van de fanclub, toen). En meer. Het aardigst vond ik om Allan Williams en echtgenote Beryl Chang plus zwager Barry Chang te zien, die met de Beatles (toen met zijn vijven) (en nog twee personen, in totaal dus 10, plus instrumenten en apparatuur) in een busje naar Hamburg reisden in augustus 1960. Aardige verhalen, onder meer over deze foto:


Oosterbeek, 16 augustus 1960


Oosterbeek, 16 augustus 2015, precies 55 jaar later

Maar ik dwaal af.

Allan (inmiddels 86) was The Beatles' manager vóór Brian Epstein. Die verbintenis eindigde in 1961 in onmin, een geschil over zijn commissie voor een optreden. Toen Brian Epstein hun manager wilde worden, waarschuwde Allan hem: 'Don't touch them with a fucking bargepole, they will let you down.' Inmiddels vertelt Allan met wat meer warmte over The Beatles. Zoals John Lennon ooit zei: 'Time wounds all heels.'

Leuk plaatje, ik ga het vast nog eens zien.

09 december 2016

50 boeken - vraag 49: Wat lees je naast fictie?



De vraag die deze week gesteld werd, staat er in twee vormen: "Wat lees je naast fictie?" en: "Als je geen romans leest, wat lees je dan?" De verdeling fictie - non-fictie is wat mij betreft onduidelijk. Liever maak ik het onderscheid bellettrie - zakelijke tekst. Ook dan is het nog wat diffuus. Hoe zit het met essays? De tweede vorm is duidelijker: romans of iets anders. Maar ook daar: bijvoorbeeld een (auto)biografie kan lezen als een roman.

Ik gooi bij het antwoord van deze vraag alle bellettrie (roman, novelle, verhaal, gedicht, essay, column, autobiografie) op een hoop en kijk wat er dan daarnaast overblijft.
Tot nu toe las ik in 2016 60 titels uit.

Dit blijft er dan over aan zakelijke tekst:
Laura Starink: Slag om Oekraïne
Gert Jan de Vries: Ik heb geen verstand van poëzie
Arjen Fortuin: Geert van Oorschot, uitgever
Christoph Buchwald: Gute Nacht, Freunde
Philip Norman: Paul McCartney, The Life
Marilyn Mccully, Gerrit Valk: Picasso in Holland
Maurits Martijn & Dimitri Tokmetzis: Je hebt wél iets te verbergen
Michel de Montaigne: Over boeken

Dat lees ik dus naast fictie. Kennelijk.

04 december 2016

Even langs bij Natuurkunde

Na de promotie van een oud-collega (zie vorig blog) wandelde ik nog even naar Natuurkunde, 'mijn oude gebouw'. Ik had er (behalve de nostalgie) niets te zoeken, maar ging toch even naar binnen. Het is er nog hetzelfde, en toch was het gek. Dezelfde gangen, deuren met onderzoeksruimten, studenten die met moeilijke gezichten naar apparatuur kijken. Veel Engelse opschriften nu.



De B-vleugel, waar mijn oude groep Warmtetransport resideerde, is uitgebroken en gemoderniseerd. Nu zit daar de club Quantum Nano Transport, volgens de aanduiding bij de deur. Die deur was dicht, ik ben niet naar binnen gegaan.



Een ding is nog wel hetzelfde. Na colleges, instructies en thuisstudie kom je voor je vakken terecht in de Tentamenzaal. Ik bedoel: de Examination Room. Die is nog helemaal hetzelfde.



Daarna wandelde ik de stad in, met zoon H. had ik afgesproken in Locus. Dat is ook nog hetzelfde.

30 november 2016

Nieuwe dingen bij de TU Delft



Gisteren woonde ik in Delft een promotieplechtigheid op de TU Delft bij, in de aula (foto). Een oud-collega verdedigde daar proefschrift en stellingen. Dat ging prima. Er was veel belangstelling, natuurlijk ook vanuit het bedrijf waar we werken. Zo'n promotie is een mooie academische plechtigheid met vaste rituelen. Ook nu weer. Een uur lang wordt de promovendus bevraagd over proefschrift en stellingen. Na precies een uur is dat afgelopen en besluit de commissie na beraad de promovendus de titel doctor te verlenen. Het sein dat het uur voorbij is wordt gegeven door de pedel. Het is mij al vaker opgevallen, bij eerdere gelegenheden die ik bijwoonde, maar in Delft is daar sinds een aantal jaren een mal nieuwigheidje bij gekomen. Ook gisteren weer. Na een uur ondervragen wandelt de pedel de zaal binnen, tikt met de staf op de vloer en zegt: 'Hora Est!' Wat is dit toch voor nieuwerwetse malligheid. In de jaren 80 werd er tenminste nog waarde gehecht aan de traditie. De TU Delft komt voort uit de Koninklijke Academie ter Opleiding van Burgerlijke Ingenieurs, later de Polytechnische School, weer later de Technische Ho(o)geschool. Instituten zonder een Latijnse onderwijsgeschiedenis, sinds 1905 met een academische status. Dat 'Hora Est' is onzin. Zelf meegemaakt: het uur ondervragen werd midden jaren 80 aan de TH besloten met 'Het is tijd'. Mooi was dat. Moet weer terug.

20 november 2016

Iets schuiner, weer

Vandaag woei het behoorlijk, hier in Noord-Holland. In IJmuiden bij vlagen orkaankracht, las ik ergens. Het goede nieuws is dat onze boom nog steeds staat. Geplant in 1990, we dachten dat het een witte meidoorn was, maar in de lente bleek het een roze. Ook mooi. Hij is in de loop der jaren steeds schuiner gaan staan. In 2007 was de hoek 60°. Om er nog onderdoor te kunnen lopen heb ik al veel takken moeten verwijderen. Als hij ooit valt zal dat van het huis af, de tuin in, zijn, dus we laten hem maar staan. 's zomers kun je er fijn onder zitten. En het is een vogelboom. Ook vanmiddag in de storm zaten de koolmezen er geduldig beter weer af te wachten. Hij staat wel weer iets schuiner, denken wij. Deze week eens proberen te meten, als het droog is.

18 november 2016

Een avond met A.F.Th. van der Heijden


Afgelopen maandag was er dan (na twee maanden uitstel wegens ziekte) de 'avond met A.F.Th. van der Heijden' in het Compagnietheater in Amsterdam. Een avond naar aanleiding van het feuilleton President Tsaar op Obama Beach, dat vanaf eind juni in 60 afleveringen dagelijks in NRC verscheen. Hier staat aflevering 1. Dat feuilleton volgen was overigens geen sinecure. Het was zomer, vakantietijd, dus het was voor mij bijvoorbeeld ook een tijdje in Portugal op mijn mobiel via brakke hotel-wifi proberen de dagelijkse portie binnen te halen. En daarnaast postte Marc van Oostendorp, taalkundige, elke dag ook nog eens een blog over de aflevering van die dag (President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd, hier staat aflevering 1) op de site Neerlandistiek. Ook die las ik.

Het feuilleton is ook in een gelimiteerde oplage in boekvorm uitgegeven, alleen voor bezoekers van deze 'avond met A.F.Th.'



Maandag was die avond dus. Het boek hadden we eerder opgestuurd gekregen (en ik had het in die vorm nog eens gelezen). Er was een stand van De Bezige Bij, waar ik mijn AFTh-collectie verder kon aanvullen, vorige week was o.a. een nieuw deel van De tandeloze tijd verschenen, deel 6, Kwaadschiks (eindelijk, het boek was eerder aangekondigd voor verleden jaar, toen kwam De ochtendgave er tussendoor). Daarnaast twee dunnere boekjes en een aan AFTh gewijde aflevering van Revisor. Gelukkig kon ik pinnen.



De avond bestond uit een gesprek tussen AFTh en Arjen Fortuin, literatuurcritcus bij NRC. Behandeld werden o.a. de totstandkoming van het feuilleton, de noodzaak van een actuele gebeurtenis (bijv. in MX17, Kwaadschiks, Advocaat van de hanen), de vervorming van de werkelijkheid in AFTh's romans, enz.

Bijzonder was de overhandiging van een kunstwerk. Oorlogscorrespondent Joris Hentenaar verloor een vriend bij de ramp met de MH17, en werkte na de crash in Oekraïne. Hij wilde iets meenemen voor de ouders van zijn vriend. Kunstenaar Bas Meeuws maakte van meegenomen zonnebloemen een kunstwerk. De oplage is 300. Er waren 298 slachtoffers, na lezing van het feuilleton besloten ze nummer 299 aan AFTh te geven.


(verkleinde weergave van afbeelding op site van Bas Meeuws)

Er was gelegenheid tot stellen van vragen. Natuurlijk weer over waarom zijn boeken toch zo dik zijn. En waarom hij niet een boek als De Avonden schrijft. ('De Avonden bestaat al. Ik hoef dat niet nog eens te schrijven.') En over die andere cyclus. Volgend jaar hoopt AFTh verder te gaan met Homo Duplex. Enzovoorts.

Aan begin en eind las AFTh twee stukken uit President Tsaar voor, afleveringen 15 en 58.

Na afloop was er nog een borrel ('op eigen kosten' bezwoer ons Arjen Fortuin) en signeren, waarbij was afgesproken dat wij eventueel nog wat konden zeggen of vragen, en dat AFTh dan zou 'terugpraten'. Ik vroeg hem mijn juist aangeschafte deel 6 van De tandeloze tijd, Kwaadschiks te signeren en stelde de omgekeerde-dikke-boeken-vraag, hoe hij het had ervaren om uit een omvangrijk verhaal (het nog niet gepubliceerde MX17) 60 vrij los staande, korte stukken te snijden als afleveringen, die tezamen een boekje van iets meer dan 200 blz. opleverden. Niet makkelijk, spannend en leerzaam.



Ik vroeg AFTh ook om mijn meegebrachte exemplaar van De slag om de Blauwbrug, de proloog van De tandeloze tijd, te signeren. Ik vertelde dat ik in de trein op weg naar Amsterdam er weer in was gaan lezen, na ruim 30 jaar. 'Juist, om er weer een beetje in te komen', begreep hij.

AFTh vertelde tijdens het vraaggesprek dat hij 'bewust digibeet' was gebleven. Dat kun je merken, tijdens en na het gesprek en bij het signeren kwam hij op mij over als een bescheiden, vriendelijke, hoffelijke man. Kom er maar eens om, op de social media. Maar nu ga ik lezen!

11 november 2016

The Analogues speelden Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band



Gisteren speelden The Analogues in Alkmaar het volledige Beatles-album Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band. Het was, evenals vorig jaar, toen ze Magical Mystery Tour speelden, weer geweldig! Ik heb het vorige keer al gezegd, dit is niet zomaar een Beatlecoverband. Met z'n vijven spelen ze zo'n beetje alle instrumenten, en wel bij elk nummer precies dezelfde vintage drums, gitaren, orgels, mellotrons, harmoniums, fluitjes en percussiedingetjes die The Beatles zelf ook gebruikten bij de opnamen van dat specifieke nummer. Ik denk dat ze het standaardwerk Beatles Gear uit hun hoofd kennen. (Overigens een heel leuk boek, voor de wat fanatiekere liefhebber.)



Pepper is een ambitieuzere plaat dan Magical Mystery Tour, er wordt veel meer gedaan met instrumenten en geluid. Het podium stond dan ook vol. Daarnaast nog een strijkers- en een blazerssectie (deed Paul McCartney dat ook maar bij zijn live-uitvoeringen van Beatlenummers), een percussionist, een Indiase tabla-speler (Within You Without You), een harpiste (She's Leaving Home). Verder waren de koperblazers op klarinetles gegaan (When I'm Sixty Four), en leerden de gitarist en een van de violisten de sitar en de dilruba spelen.
En nog zou het Pepper-geluid met deze inspanningen niet volmaakt zijn. Daarom werden ook orgelgeluiden gesampled (Being For The Benefit of Mr. Kite!) en werden de orkestcrescendo's uit A Day In The Life vooraf opgenomen zodat ook dat 'mee kon lopen', natuurlijk in de Abbey Road Studios (weliswaar in Studio 2, terwijl de oorspronkelijke orkestopname in Studio 1 was :-)). Het resultaat was er naar, geweldig klonk het. Om nog maar eens een detail te noemen: de overgang tussen Good Morning Good Morning naar Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band (Reprise)  ging prima.

Even dacht ik dat de vreemde geluiden in de eindgroef vergeten waren (ik zei als grap tegen een vriend met wie ik het optreden bezocht dat ze kennelijk een Amerikaanse lp, waar dat niet op stond, hadden geluisterd), maar helemaal aan het eind van het concert, na de toegiften, kwam ook dat voorbij.

Voor en na Sgt. Pepper werden nog 10, 15 andere Beatlenummers gespeeld. En er was een filmpje over Abbey Road, met een kort interview met Geoff Emerick, jarenlang geluidstechicus bij The Beatles en later McCartney, die herinneringen ophaalde aan de sessies, het creatieve proces en de fouten die (soms) gemaakt werden en (soms) zo goed bevielen dat ze niet weggepoetst werden. Leuke (voor mij onbekende) anekdote over Within You Without You, dat juist voor Indiase spelers niet goed na te spelen valt.

De zaal was uitverkocht, het was een feest.

Na afloop kocht ik de dvd van de show van vorig jaar, vanmorgen gekeken, een fijne afterparty.



The Analogues spelen deze show dit hele seizoen, zie de speellijst. Wat mij betreft een onverbiddelijke tip, net als vorig jaar zeg ik: A splendid time is guaranteed for all!

Als het goed is gaat het project (live spelen van de latere Beatle-lp's) nog een paar jaar door. Nog te gaan: Revolver, The Beatles (White Album), Abbey Road en Let It Be. Tot volgend jaar!

08 november 2016

Twentstraat, jaren 20



Vandaag is mijn moeder jarig. 97, dank U. In 1919 werd ze geboren in de Haagse Twentstraat. Een doodgewone straat in het centrum van de stad. Die straat bestaat al lang niet meer. In de jaren 60 gesaneerd. Er is wel weer een Twentstraat, maar die ligt net even anders dan de originele. Op de site Haagse Beeldbank vond ik bovenstaand fotootje. Een groepje kinderen in de Twentstraat, jaren 20. Toch eens aan mijn moeder laten zien. Misschien staat ze er wel op, als kleuter of jong meisje. Of een van haar broers of zusters. Dat zou leuk zijn.

Update: Mijn moeder vindt het een leuke foto, maar ze staat er niet op. Ook niet een van haar broers of zussen.

28 oktober 2016

Joseph Roth - Joden op drift

2014 was het Joseph Roth-jaar, de schrijver was toen 75 jaar dood. Ik had toen nog niets van hem gelezen. Nieuwsgierig geworden door de publiciteit kocht ik een boekje. Ik denk dat het Vlucht zonder einde was. Dat beviel me goed. In de tijd erna kocht ik er meerdere, zie onderstaande foto. Ik vind Roth een prachtige schrijver. Zeer fijn geschreven laat hij het Midden-Europa van eind 19e, begin 20e eeuw zien. Oostenrijk-Hongarije, Wenen, de joodse gemeenschap, het verdwijnen van de oude wereld. De beste vond ik Job en Radetzkymars.



Vorige week kocht ik Joden op drift, een boekje dat net uit is. Het is niet, zoals bovenvermelde boeken, fictie, maar journalistiek werk dat in de jaren 20 verscheen, en in 1927 gebundeld werd in Juden auf Wanderschaft. In deze vertaling werd een aantal stukken bijgevoegd, die Roth in 1937 schreef voor een geplande heruitgave.



Het is een mooi, maar ook schrijnend boekje. Ik heb het met plezier en aandacht gelezen. Het bestaat uit een aantal hoofdstukken (Oost-Europese joden in het Westen, De joodse sjtetl, De getto's in het Westen, Een jood gaat naar Amerika, De situatie van de joden in Sovjet-Rusland, De joden in Duitsland), die weer bestaan uit schetsen van een of twee pagina's. Het boek laat vooral de Oost-Europese jood zien. Die woont in Galicië. Hij idealiseert het Westen. Maar daar wordt de jood weer gezien als indringer, niet-productief, verspreider van ziekte, lui. Roth vertelt hoe de joden in Galicië wonen en werken in de sjtetl, hij gaat op bezoek bij een rabbi, vertelt over begrafenissen en muzikanten. Hoe anders is de Oost-Europese jood dan de West-Europese, spiritueler, de oost-Europese jood woont in zichzelf, de West-Europese in een land. Ze weten niet van elkaar, of begrijpen elkaar niet. Roth schrijft verder over de getto's, het joodse leven in Wenen, Parijs en Berlijn. Altijd in een achtergestelde positie. Minder rechten, gebukt gaand onder anti-semitisme. Veel joden zijn geëmigreerd naar de VS, en zijn daar succesvol geworden. De achterblijvers wachten op nieuws, brieven, geld, en proberen de benodigde papieren te verkrijgen. De bureaucratie. Het enige land waar de joden het (althans in theorie) goed hebben is de Sovjet-Unie (Roth schreef dit in de idealistische beginjaren van de Sovjet-Unie, toen Stalin nog niet volledig aan de macht was). Er werd toen nog naar gestreefd de joodse bevolking te vormen tot een nationale minderheid, uiteindelijk tot een volk met een eigen land.

In 1937 is de situatie in de Sovjet-Unie en vooral in Duitsland verslechterd. Anti-semitisme steekt de kop weer op. Roth schrijft aanvullende stukken voor een herdruk. Hij oordeelt hard, ook over het meegaan van de joden met het nazi-regime. Geen ruggengraat. En over de politiek van niet-inmenging van de andere Europese landen.

Er kan geen Europese en ook geen Europees-christelijke moraal bestaan zolang het principe van 'niet-inmenging' gehandhaafd blijft.

Het zou allemaal nog veel erger worden, weten we nu. Roth maakte dat niet meer mee, hij stierf in 1939 in Parijs. De wereld in dit boekje bestaat niet meer.

27 oktober 2016

Ik heb nog een tip voor Sir Paul McCartney



Ik heb nog een tip voor Sir Paul McCartney. Hij wil in interviews graag betogen (en dat deed hij wéér in Eight Days A Week) dat het plan, idee destijds was dat The Beatles pas naar Amerika zouden gaan als ze daar doorgebroken waren. Ik wil aannemen dat Paul zich dat zo herinnert, hij heeft in zijn leven, en zeker in de Beatlemania-jaren, krankzinnig veel meegemaakt. Na 50 jaar is dat misschien niet meer allemaal even scherp. Maar het contract voor het legendarische optreden in de Ed Sullivan show op 9 februari 1964 werd getekend op 11 november 1963. De Amerikaanse doorbraak-single I Want To Hold Your Hand kwam daar pas uit op 13 januari 1964. Dus ja, ze waren in februari doorgebroken, maar op 11 november was dat nog volslagen onduidelijk. In de persconferentie bij vertrek naar de US zegt John dat ook zo, hij geeft toe dat ze geen idee hebben en dat het een onzeker avontuur is. Maar die persconferentie zit niet in de film. Tip: Niet meer zo zeggen, dus.

Eight Days A Week (2)



Mijn nicht T. app-te: Zin om naar de nieuwe Beatles-film te gaan? Ja leuk. En zo togen we vorige week naar Haarlem, waar hij in de plaatselijke Pathé vertoond werd. Ik had een gezellige, prima avond, maar er moeten nu toch een paar kanttekeningen geplaatst.

Voor de wat fanatiekere fan is het namelijk nooit (helemaal) goed. Ook dit keer weer niet. Het had beter gekund. De film begon jaren geleden als een crowdsourcing project ( The Beatles Live Project), met de oproep aan fans die destijds naar concerten waren geweest om de schoenendozen om te keren en hun herinneringen, foto's, filmpjes en geluidsopnamen in te sturen, daaruit zou dan een Beatles concertfilm worden samengesteld. Leuk idee, vooral ook omdat er professioneel niet zo heel veel is opgenomen.

Of er nu te weinig respons was, of dat Paul en Ringo van idee veranderden, in ieder geval werd op gegeven moment Ron Howard als regisseur ingehuurd. Het is daardoor een andere film geworden. Niet meer een echte concertfilm, ook aandacht voor de lp's, studio-opnamen en vooral: pratende hoofden. Ik vind dat jammer, de focus is daardoor enigszins verdwenen. Verder lag de aandacht wel heel nadrukkelijk bij de Amerikaanse tournees. OK, die waren uniek, maar ik had het aardiger gevonden ook wat te zien van de veel kleinere Engelse tournees in 1962 en 1963. Daar wordt bijna niets van vertoond. Goed zijn wel de beelden uit The Beatles come to town, een tv-film uit 1963 van een optreden in Manchester, maar .... ik heb het idee dat daar het geluid van een ander optreden (Hollywood Bowl?) onder is gezet. Ik kan het mij maar moeilijk voorstellen, moet dat later op de dvd nog eens nagaan. (Van hun optredens in Hamburg (1960 - 1962) is geloof ik maar 1 filmpje zonder geluid bekend).

Ik hou niet van ingekleurde zwart-wit films. Daar zaten er ook een paar van tussen, bijv. de Amerikaanse persconferentie. Het ziet er misschien aantrekkelijker uit, maar het is en blijft een soort geschiedvervalsing. Vind ik.

De Shea Stadium film was fijn, hoewel ook hier in de oorspronkelijke nummers hier en daar geknutseld is (wat The Beatles zelf overigens ook al deden in 1966 toen de film gereed gemaakt werd voor uitzending op tv). En hij was flink ingekort, van 50 naar 30 minuten.

Laat ik goed eindigen. Act Naturally was gelukkig de live versie. In 1966 bleek de oorspronkelijke opname niet bruikbaar en werd de studioversie van de lp Help! er gewoon ingeplakt. Inmiddels zijn de digitale technieken om geluid schoon te maken en muziek en gegil te scheiden zo ver dat de echte live-versie gebruikt kon worden. En vooral Dizzy Miss Lizzie is GE-WEL-DIG.

22 oktober 2016

Uit het familie-album

Ik heb enige tijd zitten scharrelen met een serie familiefoto's. Eén laat ik hier zien, ik vind hem wel grappig.



Mijn opa Zwaan wandelt, tevreden kijkend naar twee paddenstoelen die hij kennelijk geplukt heeft, door een bos- of duingebied. Misschien Meijendel bij Den Haag. Oma Zwaan volgt op een paar meter. Ik denk dat de foto rond 1960 is genomen.

Er viel mij nog iets op, op deze foto. De rechter broekspijp. Breed en plat uitwapperend. Wat is daar aan de hand? Er schoot mij een citaat van Harry Mulisch door het hoofd. In Het stenen bruidsbed zegt hij over de hoofdpersoon Norman Corinth, als die in de wind op de landingsbaan van Tempelhof staat: "zijn dunne broek (was) krankzinnig geworden rond zijn benen".

21 oktober 2016

Eight Days A Week (1)



Mijn nicht T. app-te: Zin om naar de nieuwe Beatles-film te gaan? Ja leuk. En zo togen we maandag naar Haarlem, waar hij in de plaatselijke Pathé vertoond werd.

Het is een documentaire over The Beatles, ruwweg van 1963 tot 1966, Eight Days A Week, 'The Touring Years'. Een ongelofelijk en nooit herhaald verhaal. Ze beginnen eenvoudig, maar in 1963 en 1964 explodeert de populariteit in England, Europa en de wereld. Ze brengen 2 lp's per jaar uit, en 3 of 4 singles, maken films, doen tournees door Engeland, Europa, de Verenigde Staten, Japan en Australië. Op 15 augustus 1965 spelen ze in Shea Stadium, New York, voor 55.600 mensen, toen een record. The Beatles hadden die tournee geen 2 maar maar liefst 3 roadies voor de spullen. In Shea ging het geluid via de Tannoy-speakertjes van de omroepinstallatie. Door het gegil konden de fans de muziek nauwelijks horen, en The Beatles zelf al helemaal niet. In 1966 treedt de rot in. Opgesloten in hotelkamers, vervoerd in pantserwagens, een incident in Manilla waardoor ze het land uit moesten vluchten en een ongelukkige opmerking van John over Jezus. Het zorgt er voor dat de sfeer tijdens de laatste Amerikaanse tournee om te snijden is. Op 29 augustus is het einde. Het laatste concert, in Candlestick Park, San Francisco. Een nieuwe fase treedt in. Op 24 november gaan The Beatles de studio in om een nieuwe lp op te nemen. Het eerste nummer is Strawberry Fields Forever. Ze treden hierna nog één keer op, op 30 januari 1969 in de middag, en spelen nummers die ze de maand ervoor hebben opgenomen. Het verkeer beneden in de stad komt tot stilstand, maar niemand op straat kan ze zien.

Dit verhaal wordt verteld, met foto's, films, interviews en muziek. Veel wist ik al wel, maar het was leuk om het groot en in goede kwaliteit te zien en te horen. We kenden alle nummers. Nu live.

De film komt volgende maand of zo uit op dvd. Maar de bioscoopgangers hadden een voordeel: de film werd gevolgd door een nieuwe versie van de concertfilm The Beatles at Shea Stadium uit 1966. Dat was niet voor iedereen duidelijk, zodat een aantal mensen de zaal al hadden verlaten tijdens de aftiteling. Die hebben wat gemist, The Beatles live op bioscoopformaat. Pech. Ik heb die film volgens mij jaren geleden eens op tv gezien, en eind jaren 70 op een video-band. Nu circuleren er bootlegs en er is YouTube. Deze nieuwe versie was mooi, gerestaureerd beeld en schoongemaakt geluid. Ik heb een erg leuke avond gehad. Na afloop nog een biertje in de Jopenkerk. A splendid time was guaranteed for all.

PS: Er wordt wel beweerd dat The Beatles live niet goed waren. Ha! Deze documentaires laten anders zien en horen. Luister bijvoorbeeld naar I Saw Her Standing There in het eerste optreden in de VS, in Washington 1964 of naar Dizzy Miss Lizzy in het Shea Stadium optreden. Er davert een proto-punk-rock 'n' roll trein over je heen. A great little band, zoals McCartney zegt.

17 oktober 2016

Tonio, de film



Ik ben niet zo'n bioscoopganger, maar deze film MOEST ik zien. A.F.Th. van der Heijden is een generatiegenoot, die van tijd tot tijd bij wijze van spreken bij mij langskomt om een verhaal te vertellen. Dit is zijn meest persoonlijke verhaal. Het boek las ik kort na verschijnen, in 2011. Mijn zoon was toen even oud als Tonio, toen hij verongelukte. 21. Je moet er niet aan denken....

Een boek van meer dan 600 bladzijden verfilmen, dat betekent schrappen. Maar wát is het een goede film. Ik had het boek gelezen, ik had de trailer gezien. Ik zette me schrap voor grote emoties. Zeker, de ziekenhuisscènes waar Adri en Mirjam hun zoon zien liggen en waar hij sterft zijn aangrijpend. De toespraak van Adri aan het graf. Wat spelen Pierre Bokma en Rifka Lodeizen hier fenomenaal goed. De waas waarin ze verkeren. Het oppikken van signalen van elkaar en uit de omgeving. Hoe ze elk op hun eigen manier omgaan met het verschrikkelijke, en met elkaar. Het zit in het spel van beiden, maar ook in het beeld, het licht, en ook in het geluid. Net als in het boek: de wanhopige pogingen om de laatste uren van Tonio (ook goed gespeeld, Chris Peters IS Tonio zegt Mirjam Rotenstreich) te reconstrueren. Met wie ging hij na het feest naar huis? Wie is Jenny? Hoe is hij precies gefietst? Kan de tijd nog voor de gek gehouden worden? Langzamer fietsen! Langzamer!

De film is op elk gebied top. Voor wie wil: de trailer.

13 oktober 2016

Swan Lake



Gisteren Swan Lake van Jakop Ahlbom & ICK in het plaatselijk theater. Als het even kan, ga ik altijd naar de voorstellingen van Ahlbom.
Tijdens Kunst tot de Nacht had ik al een voorproefje gezien, van een kwartier. Daaruit hier anderhalve minuut of zo, geüpload door het theater.



Eigenlijk zijn Ahlboms voorstellingen voor mij altijd hoogtepunten van het seizoen. Toneel, dans, mime, muziek, surrealisme. Think David Lynch. Dit keer een project met ICK. Het Zwanenmeer van Tsjaikovski, maar dan anders. Heel anders. Een andere verhaallijn, een andere choreografie, en muziek (zoals vaker) van Alamo Race Track. Wat moet ik zeggen? Het was weer anderhalf uur kijken, luisteren, genieten, verbazen. Prachtige dans en mime, met vervreemdende effecten. Bij Ahlbom kun je altijd onverwachte dingen verwachten :-). En, loopt het hier nou wel of niet goed af? vraagt U. Ga vooral zelf kijken. GA NU EENS NIET NAAR EEN STAND-UP COMEDIAN OF NAAR EEN MUSICAL. Verwen uzelf. Topavond is het woord.

De officiële trailer:



Over de muziek: Alamo Race Track speelt elke avond live mee. Steengoed. Tsjaikovski op zijn Alamo's, met van alles er doorheen en erbij. Onder andere Gimme, Gimme, Gimme van de Abba's. Ik kocht na afloop de (ook live opgenomen) cd met de muziek. Geweldig, ook. Manmanman.

10 oktober 2016

Uit de familie-app

zo
H. 12.51: Nog even eten en dan naar het vliegveld.
F. 12.53: Eet smakelijk en goede vlucht.
ma
H. 04.06: Groeten uit Abu Dhabi.
H. 06.21: En daar gaan we weer.
F. 06.30: Tot straks!
F. 08.27: Verwachte landingstijd 14.27.
F. 12.27: Nog steeds 14.27. Aankomst 3. Dat zal een uitgang zijn.
E. 13.00: Wij zijn op weg naar Schiphol. Gaan daar lunchen en een ballon kopen.
F. 13.01: Leuk!
F. 14.09: Aankomst 14.25.
F. 14.17: Ik sta bij Arrivals 3.
E. 14.25: Wij komen eraan!
F. 14.27: Ze zijn geland.
H. 14.50: Wij wachten op bagage.
F. 14.52: Tralala!

08 oktober 2016

50 boeken - vraag 40: Naar welk boek kijk jij uit?

Het boekenseizoen is losgebarsten. Er is al van alles uitgekomen en er komt nog meer. Hendrik-Jan de Wit stelde de vraag en gaf eigenlijk meteen ook mijn antwoord. Deel 6 van De tandeloze tijd, Kwaadschiks, gepland voor november. Erbij gezegd moet worden dat dat vorig jaar ook al zo was. Ik heb goede hoop dat het nu wel gaat gebeuren. Verder met Albert Egberts, ik las ergens dat dit deel weer een prominente plaats heeft voor mr. Ernst Quispel. De liefhebber weet waarover ik het heb.



Er is nog meer waar ik naar uitkijk. In maart las ik Een gietijzeren tijd van Paustovski. Ik vond het geweldig. In juni is van Paustovski Goudzand uitgekomen. Werkelijk door alles en iedereen bejubeld. Ik schreef dat ik het in juni meteen zou kopen. Door weet ik veel waardoor is dat er niet van gekomen. Nog steeds niet. Ik verheug mij erg op dit boek. Nog steeds.



#50boeken (eigenlijk: #50books) wordt dit jaar gedaan door Hendrik-Jan de Wit. Iedere zondag stelt hij een vraag met betrekking tot boeken. De blogs die we daarover schrijven verzamelt hij op zijn weblog, waar dus een overzicht te vinden is van alle reacties op deze vragen.

Tinguely

Gisteren ben ik met een studievriend naar het Stedelijk Museum Amsterdam geweest. Daar is nu de tentoonstelling Machine Spektakel, een overzicht van het werk van Jean Tinguely. Ik was overigens sinds de verbouwing van het Stedelijk (de badkuip!) daar nog niet terug geweest.

Jean Tinguely kende ik wel, van foto's en filmpjes. Ik zag werk van hem bij het Centre Georges Pompidou, en volgens mij ook een keer eind jaren 80 in Antwerpen.
Maar hier stond heel veel bij elkaar. Niet alleen de contrapties waarmee hij het bekendst is geworden, ook ontwerpen, tekeningen, brieven, films waren te bekijken. Veel dingen konden (natuurlijk) bewegen. Niet continu, daarvoor zijn ze te kwetsbaar geworden, maar eens in de zoveel minuten werden ze aangezet. In de audiotour achtergrond, over ontstaan en plaats in het oeuvre.

Er was veel te zien en te genieten, mooi vond ik bijvoorbeeld de brieven die Tinguely aan museumdirecteur Edy de Wilde schreef.



Het sluitstuk was het spectaculaire Mengele Totentanz uit het Tinguely Museum in Bazel, niet eerder op reis geweest.



Daarna de rest van de collectie op ons gemak bekeken. Maar die badkuip, daar ben ik nog steeds niet geweest, die ruimte was wegens opbouw van een andere tentoonstelling afgesloten.

30 september 2016

50 boeken - vraag 39: Lees je weleens andere boeken dan boeken met tekst? En is dat dan nog lezen?

Dit is een leuke vraag. Boeken zonder tekst. En 'lees' je die dan.

Niet echt zonder tekst, maar wel (vaak) met minder tekst, zijn stripboeken. Die las ik wel, maar nu niet meer. Ik heb ook geen stripboeken meer, wat ik had is doorgegeven aan de kinderen. Kunstboeken. Daar heb ik er wel een paar van. Fijn om naar te kijken, maar er staat ook tekst in. Over de kunstenaar en zijn werk. Echt kunstboeken zonder tekst heb ik volgens mij niet.

Tekst, wat is tekst? Als je dingen als dit ziet:

13 Pa4-b6 d4-d3
14 Lf1×d3
Noodzakelijk, anders volgt 14 ... Db1#
14 ... Db7-b2

is dat lezen? Ik denk het wel, je kunt begrijpen wat er bedoeld wordt, opeenvolgende (schaak)zetten houden verband met elkaar, je kunt er over nadenken, jezelf een beeld over het geheel vormen, al dan niet met een schaakbord bij de hand. Lezen. Ik heb betrekkelijk veel van dit soort 'teksten' gelezen, in schaakboeken en -rubrieken. Dat is dus misschien ook niet wat bedoeld wordt.

Ik heb ook boeken met een vrij specialistische, encyclopedische inhoud.



Is dit tekst? Er zijn geen zinnen. Het is meer een opsomming van gegevens. Het verband tussen de volgnummers is vrij indirect. Het betreft achtereenvolgens een door Paul McCartney geproduceerde lp van Mary Hopkins, een single van Cream met George Harrison-compositie, een single van James Taylor waar Paul McCartney op meespeelt en een door George Harrison geproduceerde lp van Jackie Lomax, waarop ook Paul en Ringo meespelen. Inderdaad, een discografie van 'alle' platen met JPGR. Ik heb meerdere van dat soort boekwerken, en ik heb ze letterlijk honderden keren in mijn hand gehad. Van begin tot einde lezen is er niet bij. Maar het is wel lezen.

Het boek waar ik het ook nog even over wil hebben. Een atlas. Topografie. Zeeland, Limburg, de Waddeneilanden, hoe zou het daar zijn. En verder. Ik denk dat ik 7 was, en alle Europese landen en hoofdsteden kende. Goed, het waren er toen minder dan nu, maar toch. Boedapest, Boekarest, Sofia, Reykjavik. Een tijdje was het een kunstje op verjaardagen van ooms en tantes. Gisteren realiseerde ik me dat een atlas het allereerste boek was dat ik zelf bezat. Eerder dus dan Pietje Bell, waarvan ik tot nu toe dacht dat het mijn eerste eigen boek was. Dat stukje moet dus ook aangevuld. De King Wereldatlas.
Op internet vond ik een plaatje. Deze was het.



Ik ben er uren, dagen, maanden mee zoet geweest. De steden, wegen, spoorlijnen. De gebergten. De kleuren van de landen.

Ik kreeg hem van een oom, die was drogist en had misschien wel een stapeltje, van de pepermuntleverancier of zo. Ik weet het niet. In ieder geval was ik er blij mee.

Waar is die atlas gebleven? Misschien ligt hij nog bij mijn moeder, diep in een kast. Dit weekeind eens vragen. Dan ga ik er weer in lezen.

#50boeken (eigenlijk: #50books) wordt dit jaar gedaan door Hendrik-Jan de Wit. Iedere zondag stelt hij een vraag met betrekking tot boeken. De blogs die we daarover schrijven verzamelt hij op zijn weblog, waar dus een overzicht te vinden is van alle reacties op deze vragen.

Update 2 oktober 2016: De King Wereldatlas ligt niet bij mijn moeder. Kennelijk een keer weggegooid. Jammer. Misschien dat ik er een koop op boekwinkeltjes.nl. Maar dat is toch niet helemaal hetzelfde.

24 september 2016

Radiodistributie

Getriggerd door een berichtje op Twitter.
Mijn grootouders hadden een bakbeest van een radio in de kamer staan. Als je hem aanzette lichtte hij op, door het opwarmen van de buizen. Op de afstemschaal stonden verre steden. Zagreb, Milano, Breslau, Beromünster, Dublin. Wat een hoop stations. Meestal waren ruis en kraak met onverstaanbare gesprekken in de verte het enige wat ik er uit wist te krijgen. Mijn grootvader greep dan in en zette hem weer op 'Hilversum'.
Thuis hadden we geen radio. Wij hadden draadomroep of, zoals mijn ouders zeiden, radiodistributie. Dat was eigenlijk een soort kabelradio. Ik weet niet precies waarom we radiodistributie hadden en niet een 'echte' radio, misschien was het gewoon bij de bouw van het huis (1932) mee aangelegd. De distributie werd verzorgd door de PTT. Volgens mij zit er in het portiek bij mijn moeder nog een verdeelkastje, voor splitsing naar de verschillende woningen. Volgende keer eens kijken.
Ik kan bij mijn moeder in huis nog aanwijzen waar de schakelaar zat. Links naast de schoorsteen. Op internet vond ik een foto van het model dat wij hadden. Vier standen: I, II, III en IIII.



Hiermee te ontvangen Hilversum I en II, en twee buitenlandse zenders, waar we nooit naar luisterden. Hilversum III (laat staan Radio 3FM) bestond nog niet, zoals Herman van Veen zong. Bij die schakelknop hoorde ook een 'luidspreker', een foeilelijk ding dat bij ons achter de bank verstopt werd, daarmee werd ook het op zich goede, want storingsvrije geluid weggemoffeld.

Op een dag won mijn vader met een ingezonden slagzin een Erres transistorradio. Ook hiervan vond ik een afbeelding.



Er stonden niet zoveel stations op als bij mijn grootouders, maar toch. Ergens aan de linkerkant van de afstemschaal vond ik (niet vermeld) een nieuw radiostation, Radio Veronica. Eennegentwee, goed idee, luister mee naar Veronica!

Dat was de eerste echte radio die we hadden.

23 september 2016

Oorlog en vrede



Ik kreeg dit boek in 2008. Daarna ondernam ik twee pogingen (1, 2) om het te lezen. En ik strandde twee keer. Drie keer is scheepsrecht, ik nam mij voor om het nog één keer te proberen.

Ik ben op 7 juli begonnen, en las de laatste bladzijde op 15 september. Tussendoor en daarnaast las ik ook nog wat andere boeken, o.a. Paul McCartney, The Life, 853 bladzijden, dus vandaar dat het wat langer duurde. 1606 bladzijden, inclusief noten, aantekeningen, landkaarten, register en nawoord. OK, het register heb ik niet gelezen. De rest wel.

Waarom lukte het dit keer wel? Ik denk omdat ik mij realiseerde dat dit niet een boek is dat je in drie dagen uitleest. Ik had geen (bewuste of onbewuste) termijn, ik wilde het alleen wel dit jaar uitlezen. Dat is gelukt, eigenlijk moeiteloos. Vorige keren liep ik ook stuk op de vele personages met (voor mij) ingewikkelde Russische namen. Voornaam, patroniem, familienaam. Wie is nou ook weer wie en bij welke familie hoort hij of zij. dat is best ingewikkeld, vond ik. Ik heb dit keer foto's gemaakt van de bladzijden met Dramatis Personae en geprint, zodat ik niet steeds hoefde te bladeren. Dat hielp, en na enige tijd had ik ze niet meer nodig.



Het klinkt allemaal misschien verschrikkelijk, maar dat is het niet. Ik heb het boek gestaag, met interesse en plezier gelezen. Ik ga het hier niet navertellen. Oorlog en vrede. Mij spraken de oorlogsscènes het meest aan. De slagen bij Austerlitz en bij Borodino, de inname en het branden van Moskou. Ik heb het geleerd met geschiedenis, Tolstoj weet het uitgebreid en zeer beeldend te beschrijven. Maar ook het leven van arm en rijk, in Sint-Petersburg, in Moskou, het zijn geweldige stukken.

Opvallend vond ik dat de overtocht van de rivier de Berezina, bij ons zo bekend van de schoolplaat, er tamelijk beknopt vanaf komt. Terzijde.



Alsof het verhaal nog niet mooi genoeg was voegde Tolstoj er ook nog eens twee epilogen bij. De eerste is het verdere verhaal van de hoofdpersonen, zeven jaar later, en de tweede epiloog gaat over hoe geschiedenis geschreven wordt. Volgens Tolstoj vaak op een verkeerde manier. Dit voegt naar mijn idee niets toe aan het verhaal. Hoe Tolstoj denkt over de geschiedenis blijkt al overduidelijk in de eigenlijke roman. De geschiedenis wordt volgens Tolstoj niet bepaald door geniale individuen, maar door de toevallige samenloop van ontelbare omstandigheden.

Napoleon is een machteloos persoon.

Omdat ik toch bezig was, keek ik na het boek uitgelezen te hebben ook nog in een paar avonden de (opgenomen, de uitzendingen waren toen ik het boek las) BBC-serie War & Peace, die op BBCFirst werd uitgezonden. Dat viel niet mee. Zoals bijna altijd: het boek was beter. Veel beter.