07 december 2019

Oud en Nieuw in Laakkwartier, toen en nu

In het begin (laten we zeggen 1960 - 1965) vierden we Oud en Nieuw bij mijn opa en oma, niet in Laakkwartier, maar in de Kaapstraat, in het Transvaalkwartier. Mijn broer en ik werden daar in bed gestopt, mijn ouders en grootouders luisterden naar Wim Kan op de radio, en dan was het twaalf uur. We dronken een glas limonade, aten een oliebol en keken naar het vuurwerk. Om half een gingen we met de 2CV weer naar huis. Ik herinner me dat we op het Goeverneurplein werden tegengehouden. Verder rijden mocht niet. Maar goed ook, op de Goeverneurlaan waren rellen aan de gang, de politie hakte er flink op in. Na een half uur of zo was de situatie kennelijk onder controle en konden we verder.

Eind jaren 60 vierden we Oud en Nieuw bij een oom en tante, die in een zijstraat schuin tegenover ons woonden. Inmiddels was het wel gewoon geworden om de brievenbus in de voordeur dicht te spijkeren. Op het kruispunt was een kerstbomenbrand, wij keken uit het raam. Bij de bovenbuurman vloog de hele vuurwerkvoorraad, die hij op de vensterbank had klaargelegd in de fik. Hij kwam met de schrik vrij, maar had wel geschroeid haar en een piep in zijn oor. Om ongeveer een uur liepen we het portiek af, op weg naar huis. Mijn vader liep voorop. Uit het niets kwam een politiemotor met zijspan over de stoep aangeracet, mijn vader kreeg een haal met een politieknuppel. Daar zijn een dag of twee later excuses voor aangeboden overigens.

Kerstbomen rausen. Ik beken, ik heb er aan meegedaan toen ik 13, 15 jaar oud was. Vanaf 27 december stroopten we (de jongens uit ons deel van de straat: M., I., D., F., A. en ik) het wijkje tussen Goeverneurlaan, Oudemansstraat, Paets van Troostwijkstraat en de De Genestetlaan af, op zoek naar achtergelaten bomen. Ik wil het niet bagatelliseren of goedpraten, maar het stelde niet veel voor. We hadden uiteindelijk misschien 15, 20 bomen. Het was vooral zaak ze uit handen te houden van de veel hardere bendes uit Spoor- en Laakwijk, die liepen met houten knuppels en fietskettingen rond. Echt gezellig was het niet.

In de jaren daarna zijn de jaarwisselingen grimmiger geworden. Begin jaren 80 vierde ik voor het eerst met mijn vriendin (nu: echtgenote) de jaarwisseling bij mijn ouders. We waren met de Renault van haar vader. "Parkeer hem hier maar", zei ik een paar straten te vroeg. "Waarom?" "Dat zie je straks wel." Het was gewoonte geworden dat vanuit een groot deel van Den Haag jongeren naar de Goeverneurlaan en de Allard Piersonlaan trokken om troep te schoppen. Ik heb de auto van een buurtgenoot op het vuur zien gooien.

Ik denk dat het eind jaren 80 was dat werd besloten dat het uit moest zijn met al die rotzooitrapperij. Er werd een aantal plaatsen aangewezen waar een vreugdevuur gedoogd werd. Duindorp en Scheveningen zijn de bekendste, maar ook in Laakkwartier was er een wat kleinere, aan de Paets van Troostwijkstraat. Misschien op andere plaatsen in de stad ook, ik weet het niet.

Ik kwam in die periode niet vaak in Den Haag, en nooit meer tijdens de jaarwisseling, maar hoorde van mijn ouders dat het veel rustiger was geworden. Hoe het rond die vuren was, weet ik niet, ik heb ze nooit gezien. Tot vorig jaar natuurlijk, toen het op Scheveningen helemaal uit de hand was gelopen.

Dit jaar geen gedoogde vuurstapels, maar alleen vergunde. Een verstandig besluit. Omdat geen van de aanvragen voor een vergunning voldeed, is er in geen van de gevallen toestemming verleend. De Duindorpers zijn het er niet mee eens en breken hun eigen wijk af. Op tv zag ik een bekende koffietenteigenaar (uit Laakkwartier, vroeger woonde hij schuin tegenover ons) betogen dat dit een 'begrijpelijke reactie' was. De redenering was iets in de trant van "Als ik een kopstoot krijg ga ik ook terugslaan, toch?" Ik zie de overeenkomst niet zo, en vind het ONbegijpelijk. Ook in Escamp en in Laakkwartier is het deze week onrustig. Vannacht werd mijn moeder wakker van een zware knal, toen ze naar buiten keek stond er een voor de deur geparkeerde auto in brand. In de wijk zijn vannacht drie auto's uitgebrand.


Een-auto-staat-in-brand-aan-de-Allard-Piersonlaan-Foto-Regio15.jpg

Deze week was er een brief van de gemeente 'aan de bewoners van Laak Centraal'. Aanstaande maandag is iedereen uitgenodigd in Leo's Lipa (de kantine van de sporthal in de wijk) voor een gesprek over een veilige en gezellige jaarwisseling. Ik hoop dat het wat bruikbaars oplevert, het is kort dag.
Misschien samen Haagse liedjes zingen, dan?

23 november 2019

Een Wolkerswandeling en Winterbloei



Dit boekje stond een tijd ongelezen in de kast. Sterker nog, ik heb twee exemplaren, dit is de derde (herziene) druk. Ik heb ook een eerste druk, die was tijden kwijt en vond ik natuurlijk terug nadat ik het opnieuw gekocht had. Afgelopen week liep ik de hierin beschreven Wolkerswandeling door Leiden. Inclusief een kop koffie ergens onderweg was ik er bijna vier uur mee doende. Daarin overigens ook begrepen een zijpad naar de Universiteitsbibliotheek, waar de tentoonstelling De zeven gezichten van Jan Wolkers loopt. Ik had veel plekken al eens 'op eigen gelegenheid' bekeken, maar deze wandeling was completer. Bijvoorbeeld het huis van De Spin! Het atelier van jonkheer d'Ailleurs! Ik bedoel maar. De wandeling voerde ook langs twee beelden van Wolkers, Ode aan Rembrandt uit 2005 en Moeder en kind uit 1958.





Het aardigst vond ik de teken- en schilderacademie Ars Aemula Naturae op de Pieterskerkgracht, waar Wolkers les kreeg en verbleef in 1943 - 1944. Lees Kort Amerikaans en De walgvogel.



Ik nam binnen ook een kijkje op de eerste verdieping, waar het atelier was en is.



In het boekje staat ook nog een Wolkersfietstocht, ook vanuit station Leiden Centraal, door Oegstgeest. Andere keer.



In de trein heen en terug las ik Winterbloei, een door Onno Blom samengesteld bundeltje met de 'mooiste natuurverhalen' van Wolkers, bij gelegenheid van Nederland leest. Omdat ik liefhebber ben had ik vrijwel alles (behalve Brief uit Amsterdam en Brief uit Texel aan zijn zonen Eric en Jeroen, en het naschrift uit 1991 bij Groeten van Rottumerplaat) al in andere vorm in bezit en gelezen. Groeten van Rottumerplaat is overigens niet compleet, bijvoorbeeld de stukken over de dode zeehond ontbreken hier. Verder zijn in Winterbloei wat stukken uit De achtertuin opgenomen. Aardige stukjes, uit de periode dat Wolkers zich getransformeerd had tot natuur-opa. Ik hoor wellicht niet bij de doelgroep. Maar in Winterbloei staat ook Wespen, uit De hond met de blauwe tong. Ik las het voor het laatst op 12 februari 1983 (de administratie van onbelangrijke dingen is prima op orde, hier). Dat is echt een heel mooi verhaal, ik ga die bundel herlezen.

20 november 2019

De feestavond

Ik schreef al eerder over feestavondjes op mijn middelbare school in de Haagse Bresterstraat, midden jaren 60.


(Fotograaf P.G. Kempf, collectie Haags Gemeentearchief)

Onlangs dook dit bij een oud-klasgenoot op uit een doos.



Dit moet 1967 geweest zijn. De oplettende lezer ziet mijn naam staan bij een van de opgevoerde toneelstukjes. Ik heb er nauwelijks herinnering aan. We werden gesouffleerd door de aardrijkskundeleraar. Een van de spelers was zijn tekst even kwijt, werd gesouffleerd, maar hij kon het niet verstaan. "Wat zegt u, ik kan het niet verstaan", klonk het, te luid. Ik dacht dat ik niet meer bijkwam van het lachen. Er was ook nog het optreden van een schoolbandje, de naam wordt hier niet vermeld, maar ze noemden zich: Dinges. Ik geloof dat er maar een optreden ooit was. Ik vond het 'blits', zoals we toen geloof ik zeiden. Ze speelden The Life I Live van Q65, een klasgenoot die meedeed kreeg het van zijn ouders voor elkaar dat hij voor de gelegenheid zijn haar mocht laten groeien. Een paar weken.

De avond werd afgesloten met 'dansen op dansmuziek (platen)'.

Het waren andere tijden, terug naar de onze.

11 november 2019

Hornsey Road - Een uitje naar Liverpool 6

"This is what we came for, really"

Ik had al een tijd het plan om weer eens naar Liverpool te gaan, vooral om de Childhood Homes van John en Paul eens te bekijken.

In maart kondigde Mark Lewisohn in het Amsterdamse Hilton Hotel al aan dat hij dit najaar een lezingentoernee zou doen over Abbey Road, de Beatles-lp, bij gelegenheid van het 50-jarig jubileum. Dat leek mij wel wat, Lewisohn is dé beatleshistoricus, met een aantal geweldige boeken op zijn naam. En een prima verteller, ook.

Toen bekend werd dat hij op 1 oktober in Liverpool zou staan, nota bene in het Epstein Theatre (sinds 2011 vernoemd naar Beatles-en-vele-anderen-manager Brian Epstein), was dat voor mij het teken dat ik dan maar rond deze dag Liverpool zou bezoeken. Zo gezegd zo gedaan.

Het Epstein Theatre was als theater voor mij al een bijzonderheid. Het is niet (zoals meestal, in Nederland) een apart gebouw, maar het is gehuisvest in Hanover House, een groot gebouw aan Hanover Street. Door een betrekkelijk bescheiden ingang naar binnen, de trap op en dan is daar een zaal met bijna 400 plaatsen. Wonderlijk.

Het zou volgens de aankondiging een avond worden waar we The Beatles en Abbey Road zouden zien, horen en ruiken.



De aankleding was eenvoudig, maar effectief. Een zebra, een knipperbol, een stoel uit de EMI-studio waar Abbey Road is opgenomen, een scherm, een tafel met wat verdere spulletjes.

The Beatles en Abbey Road ruiken, dat deden we (zie foto voor wierookpluimpje) door de wierook, die George altijd liet branden tijdens de sessies. Volgens Lewisohn is Aparajita het merk.



Leuk om te weten, maar veel interessanter was wat Lewisohn vertelde over de plaat zelf. Het verhaal liep van Come Together tot Her Majesty, als muziek werden speciaal voor deze tour uit The Beatles: Rock Band mogg-files gemaakte mixen van de nummers gebruikt. Ik heb die files ook, zal ze weer eens tevoorschijn halen.

De avond was doorspekt met interessante verhalen en weetjes rond Abbey Road. Veel bijzondere details uit Lewisohn's research (ooit te verschijnen in deel 3 van zijn definitieve biografie). Deels mij al bekend, deels niet. De oorsprong van Come Together als campagnesong voor Timothy Leary, de invloed van Fleetwood Mac op Sun King, Mr. Mustard heeft echt bestaan en overleed in 1984, het reisschema van John & Yoko van Londen naar Schotland, waar ze een auto-ongeluk kregen, de inmiddels roemruchte tape uit september, waar John voorstellen doet voor een nieuwe lp en kerst-single, ná Abbey Road, Polythene PaT en beat poet Royston Ellis als inspiratie voor Polythene PaM, enzovoorts en enzoverder. Geweldig!

De titel Hornsey Road slaat niet op de straat in Liverpool, maar op die in Londen. Het is een knipoog naar de geschiedenis van platenmaatschappij EMI. Midden jaren 50 kochten ze in Hornsey Road een pakhuis in het gebouw van een voormalige bioscoop, de Star Cinema, met de bedoeling dit in te richten als studio voor alle niet-klassieke muziek. Dat laatste is niet doorgegaan, maar in een parallel universum hebben The Beatles daar hun platen opgenomen en hun laatste lp als eerbetoon vernoemd naar de straat, Hornsey Road.

06 november 2019

The Grapes/The Cavern - Een uitje naar Liverpool 5

Het centrum van Beatles-land in Liverpool is Mathew Street. Daar was en is The Cavern 'Where it all began', en ook nog steeds is er The Grapes. Verder is er het Magical Beatles Museum, er is een souvenirwinkel waar je Beatlesmeuk kunt kopen, er zijn veel kroegen met livemuziek, en om de hoek in North John Street is het Hard Days Night Hotel.



Qua kroeg beperkte ik mij tot The Grapes. The Grapes is een vrij traditionele boozer, waar bands die optraden in The Cavern (waar tot 1967 geen alcohol verkrijgbaar was) vooraf een of meer pints kwamen drinken. Het aardige is dat het een gewone pub is, met nauwelijks verwijzingen naar The Beatles. Hier komt af en toe een Beatlesfan, maar vooral ook gewoon locals. De dagen dat Cavern-compere Bob Wooler hier kwam en zijn verhalen opdiste zijn voorbij. Er is nog een hoekje met een bankje tegen de muur. Er hangt een oude foto, en er staat The Beatles Sat Here. Ik ook, met een pint of bitter.





Een Beatles-tripje naar Liverpool is niet compleet zonder een bezoek aan The Cavern. The Cavern, een club in een oude (hoewel ...) kelder in Mathew Street. In 1957 geopend als jazz-kelder, naar voorbeeld van het Parijse Le Caveau de la Huchette. De ontploffende skiffle- en merseybeat-rage zorgde ervoor dat het snel een beatkelder werd. The Quarrymen speelden er in ieder geval op 7 augustus 1957 en op 24 januari 1958, en op niet-bekende data nog twee of drie keer eerder. The Beatles speelden er tussen 9 februari 1961 en 3 augustus 1963 maar liefst 292 keer. En nog vele andere bands: The Swinging Blue Jeans, The Mojos, The Fourmost, Billy J. Kramer with The Dakotas, The Big Three, Rory Storm and the Hurricanes, Faron's Flamingoes, enz. Bekende namen.

Er is een probleem. The Cavern in Mathew Street is niet de club waar The Quarrymen en The Beatles optraden, maar een replica. De originele bovengrondse bebouwing werd in 1973 gesloopt ten behoeve van ventilatiekanalen voor de Liverpool Underground, The Cavern werd met puin volgestort. Die ventilatiekanalen werden nooit gebouwd, jarenlang was de plek een parkeerterrein. Begin jaren 80 kwam er nieuwe bebouwing, de oude Cavern was niet bruikbaar om de geplande bouw te dragen, en dus werd er een replica gebouwd, gebruikmakend van de stenen van de oude Cavern. Voor de scherpslijpers: er zijn verschillen. De nieuwe kelder ligt een stuk dieper, 33 treden naar beneden, vergeleken met 18 oorspronkelijk. Vergeleken met de oude Cavern is de hoofdrichting van de nieuwe Cavern 90 graden gedraaid. En de ingang aan de straat is iets meer dan 20 meter naar rechts verschoven.

Halverwege de straat, 20 meter links van de ingang van The Cavern, is een poster aan een deur bevestigd. Een man staat geleund in een toegangsdeur, met daarboven de tekst: You are here! Original entrance to the Cavern Club. Links van de deur wat andere foto's en een toelichting. En daarnaast weer een beeld van Cilla Black, begonnen als garderobejuffrouw in The Cavern, later natuurlijk zangeres. Zij deed (in eerste instantie zonder succes) auditie bij Brian Epstein met The Beatles als eenmalige begeleidingsband. Die deur is overigens de nooduitgang van de nieuwe Cavern, kennelijk was het bouwkundig niet goed mogelijk om de ingang hier te plaatsen. Jammer wel.



De man op de foto is Paddy Delaney, de portier van The Cavern in de jaren 60. Hier een grotere uitsnede van dezelfde foto.



Links van de poster zoals gezegd een nadere toelichting, onder andere hoe men deze plek precies heeft kunnen aanwijzen, aan de hand van een andere foto, genomen van binnen naar buiten.



Ik draai mij om en zie inderdaad hetzelfde gebouw, zie de omcirkelde beschadiging die er in de jaren 60 ook was. In het gebouw zit Eric's, ook een beroemde club, ook in een kelder, maar dan in de jaren 70, voor de punk- en new wave-scene: Elvis Costello, Buzzcocks, The Clash, Joy Division, Ramones, Sex Pistols, Siouxsie and the Banshees, enzovoorts.



O ja, ik ben ook nog in The Cavern Club geweest. Natuurlijk. Er trad iemand op met Beatles-covers. Het zag er inderdaad uit als op de foto's. Het zat vol met Beatles-fans. Maar ik had de hele tijd het gevoel: bijzonder, leuk, net echt, maar echt niet echt. Kan ook niet meer.





Ik heb in de paar dagen dat ik in Liverpool was nog meer bekeken, van binnen en van buiten. Lang niet alles, ik heb mij vooral geconcentreerd op plekken die ik niet eerder had gezien. Dus niet naar Strawberry Field, niet naar LIPA en nog zo wat. Ik ging op stap met een boekje dat ik een vorige keer had aangeschaft.



Inmiddels heeft de schrijver dit een aantal keren aangepast en uitgebreid. Ik kocht ook de nieuwe editie, met gewijzigde titel.



Link: Magical Beatles Museum/The Casbah - Een uitje naar Liverpool 4
Link: Hornsey Road - Een uitje naar Liverpool 6

1 jaar

Vandaag is het 6 november 2019. Even precies formuleren. Dat betekent, dat (Staatsblad 2019, 246: Wet temporisering verhoging AOW-leeftijd) ik over precies een jaar de AOW-gerechtigde leeftijd zal hebben bereikt. Met de werkgever is afgesproken dat ik dan ook uit dienst treed (als er geen gekke dingen gebeuren, het bedrijf zit echt in zwaar weer, momenteel), en met het pensioenfonds is afgesproken dat dan ook mijn pensioen ingaat.

De laatste werkdag is overigens eerder, want ik heb nog een stapeltje op te nemen vrije dagen.

Maar nu eerst: aan het werk!

03 november 2019

Het was me het Wolkersweekje weer wel, afgelopen week ...

Het was me het Wolkersweekje weer wel, afgelopen week ...

Vorig weekeinde keek ik bij mijn moeder even in de VARA-gids. Bij de inhoudsopgave op bladzijde 5 een cut-out van Jan Wolkers als 'nobele wilde', zoals gefotografeerd op Rottumerplaat in 1969. Alleen de pik van Jan mag kennelijk niet meer in 2019, ook niet in de VARA-gids.



Hieronder dan nog maar eens de oorspronkelijke afbeelding, inclusief (zoals Gerard Reve het beliefde te noemen) de zuurstokpiemel.



In de gids een artikel van 2 pagina's, Terug naar Rottumerplaat door Onno Blom (hierin wordt dan wel weer ronduit gesproken over een 'vrolijk los slingerende lul'), als begeleiding bij een item in Nieuwsuur, woensdag (het artikel zegt: donderdag) 30 oktober op NPO2.



Dat item was best aardig, Onno Blom bezoekt samen met iemand van Staatsbosbeheer het eiland en gaat op zoek naar de plek waar de tent van Wolkers heeft gestaan, en het hek dat hij bouwde, inclusief deur en deurbel met naambord (Jan Wolkers: 2 x bellen). Er is wel wat veranderd, de afgelopen 50 jaar. Meer zeehonden, maar ook meer plastic. Zo'n bezoek als dat van Wolkers (en Godfried Bomans, die er een week eerder verbleef) wordt nu niet meer toegestaan. Men is zeer terughoudend geworden met toelaten, strikte voorwaarde is dat het het eiland ten goede moet komen.

In de Volkskrant van 30 oktober staat een kort artikel over een uit Turks fruit geschrapte passage over een 'zwangerschapsneuker', en verderop een maar liefst 4 pagina's beslaand essay van Onno Blom over de betreffende passage, met foto's, tekeningen en een facsimile weergave van de passage (link). In Het litteken van de dood wordt de betreffende passage overigens ook aangehaald, op bladzijde 640 - 641. Waarom deze passage nu gepubliceerd wordt is mij onduidelijk, het zal te maken hebben met het 50-jarig jubileum van Turks fruit, in november (kijk op 6 en 13 november naar een tweeluik over Turks fruit, op NPO2).

Ten slotte: november is de maand van Nederland Leest. Op zich een sympathieke actie, waarbij op grote schaal een boek gratis wordt verspreid door bibliotheken. De bedoeling is dat dit boek 'door iedereen' gelezen wordt en dat er dan op grote schaal over dit boek in discussie wordt gegaan. De opzet is iets veranderd, het gaat nu niet zozeer om het boek, maar over een thema, dit jaar is dat duurzaamheid. Het gratis boek is dit jaar Winterbloei van Jan Wolkers, een speciaal rond het thema samengestelde bundel verhalen, dagboekpassages, brieven en een gedicht. Ik heb het boekje bij de bieb opgehaald.



Van het opgenomen werk heb ik alleen de brieven nog niet in andere vorm. Verder een voorwoord van Ronald Giphart (ambassadeur Nederland Leest), een inleiding door Onno Blom (biograaf en samensteller van de bundel) en een paar columns van Aaf Brandt Corstius. Ik ga het boekje deze maand lezen, maar of er naar aanleiding hiervan een discussie komt over duurzaamheid waag ik te betwijfelen. Tot nu toe zijn de schrijvers 'oud', ze hebben de tand des tijds (min of meer) doorstaan. Of dat voor iedereen even aantrekkelijk is? Liever zag ik dat een jonge schrijver uitgenodigd zou worden om een boek te leveren. Een boek van nu, over nu, door een schrijver van nu. Interessant voor jong en oud. Het 'literaire lezen van boeken die de tand des tijds doorstaan hebben', dat komt misschien daarna nog wel.