07 augustus 2018

We gingen naar Breskens

Onlangs ging ik weer naar Breskens. Mijn moeder kwam er vandaan, ik kom er ongeveer een, twee keer per jaar, om wat te kijken of koffie te drinken met familie die er nog woont. Dit keer was anders. Ik ging er naartoe met mijn kinderen, om ze te vertellen over de familie die ze door omstandigheden niet kennen. Om foto's te laten zien en verhalen te vertellen, om straten en huizen te bekijken. Het was prachtig weer. We wandelden naar het Spuiplein, waar vroeger de garage van mijn oom (later doorgezet door een neef) was. Ik wist het van het vorige bezoek: afgebroken, nu komt er een gebouw met appartementen. Maar ik zag in gedachten weer die garage, ernaast is nu een supermarkt, maar toen ik vier was, was er een ruime kade naar de haven, waar ik leerde fietsen op mijn neef zijn fiets en bijna de haven inreed. We lunchten bij Café Centraal en ik liet ze foto's zien, en vertelde hoe hun opa en oma elkaar hadden leren kennen. Op de Boulevard bekeken we het huis van mijn grootouders. Terug op het Spuiplein dronken we wat, ik vertelde verder over de familie en liet nog meer foto's zien. Met de auto reden we naar de De Hullustraat, deze is rond 1947, 1948 bij de wederopbouw volledig door mijn vader behangen. Via de Golepoldersedijk waar mijn vader in een kamp met bouwvakkers zat, gingen we naar 't Killetje, waar ruim honderd jaar familie van mij heeft gewoond. Nu is het vrijwel onherkenbaar, maar het voorouderlijk huis staat er nog. Er zaten toeristen in de tuin. In 1947 liepen mijn ouders hier door de velden, toen ze weer op de weg kwamen zagen ze een bord dat er een niet-geruimd mijnenveld was. Ik liet nog een geluidsopname horen, waarop mijn vader, moeder en ik (2 jaar oud) te horen zijn. Een Fisherman's Friend-moment. Daarna zijn we twee grote pannen mossels gaan eten, met een lekkere wijn. Met mijn kinderen in Breskens: een van de mooiste dagen uit mijn leven.