29 augustus 2009

Schrikken

Ik heb een paar dagen getwijfeld, maar schrijf het nu toch maar op.

Deze week reed ik in mijn auto op de ring van Alkmaar, en keek in de achteruitkijkspiegel. In de auto achter mij zat mijn vader. Je hebt wel eens dat je denkt dat je iemand ziet, maar als je nog een keer goed kijkt is hij of zij het toch niet. Dit keer was dat anders. Bij het volgende verkeerslicht stopte ik, en de auto met mijn vader stopte vlak achter mij. Het was nog steeds mijn vader. Even later passeerde hij mij. Ik zat als versteend in de auto, de haren in mijn nek stonden recht overeind. Ik ben bij de volgende parkeerhaven gestopt om even bij te komen.