
In 1932 publiceerde Konstantin Paustovskij de roman De baai van Kara-Bogaz. Daarin lees ik:
Wij lopen allemaal zonder dat we het vermoeden langs de rand van de afgrond. U weet dat men in de afgelopen tien jaar net zoveel steenkool verbrand heeft als in de hele historische periode dat de mensheid bestaat. Over honderd tot honderdvijftig jaar zullen de steenkolenvoorraden uitgeput zijn. De witte steenkool kan slechts zestig procent van de energiebehoefte van de wereldeconomie dekken. Je kunt de naderende catastrofe gewoon horen aankomen zonder dat je je daarvoor hoeft in te spannen. Je hoeft daar ook helemaal geen absoluut gehoor voor te hebben. De wereldvoorraden olie zullen teniet gaan. Het schaars worden van de energievoorraden zal onvermijdelijk leiden tot oorlog tussen de kapitalistische landen.
We zijn nu 85 jaar verder. De steenkool raakt inderdaad op. En als dat nou het enige was ...