03 september 2007

En weer verder gelezen

Vorige week scheef Frits Abrahams in NRC twee dagen over de grote zonen van Betondorp, Johan Cruijff en Karel en Gerard (van het) Reve. Naar aanleiding daarvan heb ik weer eens gelezen De ondergang van de familie Boslowits/Werther Nieland door Gerard Kornelis van het Reve, zoals Gerard Reve toen nog voluit genoemd werd. Beide verhalen kunnen in Betondorp gesitueerd worden.



Mijn exemplaar uit 1970 heeft een wat merkwaardig omslag, 'Boslowits' wordt helemaal niet vermeld, maar staat er weldegelijk in. Twee prachtige, sfeervolle verhalen, in wezen beide gaand over de onbegrijpelijkheid van de volwassen wereld voor een opgroeiende jongen. Reve zelf beschouwt Werther Nieland als een "misschien nooit door mij te overtreffen hoogtepunt in mijn werk". Dat zag de meester goed, voor mij staat het in dezelfde klasse als Op weg naar het einde, Oud en eenzaam en Brieven aan Josine M.

Om dit weekend in de trein wat te lezen te hebben, kocht ik in de kiosk de aanslag van Harry Mulisch.



Zoals u ziet een vriendelijk prijsje ter viering van Mulisch' 80e verjaardag, eerder deze zomer. Deze maand is het 25 jaar geleden dat het boek verscheen. Ik had het al verschillende keren gelezen, maar nooit zelf aangeschaft. Het is ontzettend goed verkocht, en er is een film over gemaakt, dus het verhaal is bij velen bekend. Het is, zoals Mulisch ergens zei, een moeilijk verhaal, maar makkelijk te lezen opgeschreven. Het onderwerp is heel herkenbaar Nederlands, de individuele gevolgen van de Tweede Wereldoorlog. In de loop der jaren komt de hoofdpersoon door toevallige ontmoetingen steeds iets meer over zijn verleden te weten, maar ook worden er steeds dingen onbenoemd gelaten, die daardoor voor altijd onbekend blijven. Het gaat over schuld en verantwoordelijkheid, vanuit verschillende gezichtspunten belicht. Knappe plot, mooie symboliek. Deze keer trof mij vooral de laatste alinea van de Proloog, waarin de essentie van het boek treffend wordt weergegeven.

"(...) Met de motorschepen was het anders. Stampend spleten zij met hun boeg het water tot een V, die zich uitbreidde tot hij aan beide kanten de wal bereikte: daar begon het water dan op en neer te klotsen, terwijl het schip al een heel eind verder was. Vervolgens kaatste het terug en vormde een omgekeerde V, een labda, die zich steeds verder sloot, maar nu interfereerde met de oorspronkelijke V, vervormd de tegenoverliggende wal bereikte, weer terugkaatste, tot over de hele breedte van het water een ingewikkeld vlechtwerk van golven ontstond, dat nog minutenlang allerlei veranderingen onderging, eer het tenslotte bedaarde en glad werd.
Elke keer probeerde Anton vast te stellen, hoe het zich nu precies voltrok, maar elke keer groeiden de factoren aan tot een patroon, dat hij niet meer kon overzien."


Meesterlijk.