30 september 2021

Het Namenmonument

Vandaag bezocht ik het Nationaal Holocaust Namenmonument, aan de Weesperstraat in Amsterdam. 

Onderweg liep ik eerst nog even langs het Auschwitzmonument, gemaakt door Jan Wolkers, dat sinds 1993 in het Wertheimpark ligt. 


Spiegels, maar gebroken om de spiegeling zoveel mogelijk onmogelijk te maken. 'Na Auschwitz is de hemel nooit meer ongeschonden', volgens Wolkers. Ik was er al vaker, een mooi symbolisch gedenkteken.

Het Namenmonument. Ik had er natuurlijk al veel over gelezen, maar het bezoek was toch een indrukwekkende, stilmakende ervaring. Het monument betaat uit meterslange, ongeveer 2,5 m hoge muren, gemetseld in baksteen, met op elke steen een naam, in totaal 102.000 namen van Nederlandse Joden, Sinti en Roma die in de nazi-kampen vermoord werden. Boven de muren grote, de omgeving juist perfect reflecterende roestvrijstalen panelen. Samen symboliseren ze de verbinding tussen het heden en het verleden. Vergeleken met het Auschwitzmonument: een andere tijd, een andere symboliek. 


Het monument betaat uit 4 eenheden, in de vorm van vier Hebreeuwse letters die samen het woord לזכר (l'zecher) weergeven, dat ‘In herinnering aan’ betekent. 

Het komt over als een waar labyrint, waar je doorheen wandelt. Mijn ogen dwaalden langs de de muren, bleven steeds bij namen haken. Uiteindelijk belandde ik bij Marcel (Philip) Raphalowiz.


Marcel woonde ooit (1936 - 1942) in het huis waar ik in de jaren '60 en '70 woonde. Hij sliep in hetzelfde kamertje, als hij naar buiten keek zag hij ongeveer hetzelfde als ik. Hij ging misschien wel naar dezelfde buurtschool als ik, jaren later. Een foto van hem ben ik nog niet tegengekomen. Ik weet maar een paar dingen over Marcel en zijn familie, dat staat hier.

Om zijn steen heen vond ik die van zijn familie. Onder hem zijn grootvader, boven hem een tante. Zijn vader weer verder naar boven, zijn moeder in de volgende rij. Zijn familie van moederskant (Velleman) vond ik in een ander deel. 

Vandaag, 30 september, is de dag die officieel is aangemerkt als die van Marcels overlijden, in 1942. Ook daarom stond ik vanmorgen in gedachten bij zijn steen, die ik even aanraakte.

09 september 2021

Mijn eerste lp

Vandaag, 9 september 2021, is het precies 50 jaar geleden dat de lp Imagine van John Lennon uitkwam. 50 jaar! Er is geen 50 Year Anniversary Edition, want die kwam (bij wijze van spreken) al uit in 2018.  Imagine was de eerste lp die ik ooit kocht. Hij was net uit. Je kunt je muziekverzameling slechter beginnen, denk ik.

Wij hadden thuis geen platenspeler. En ook geen radio, er was radiodistributie. Mijn ouders waren niet zo van de popmuziek. Op zaterdag ging ik naar een tante die schuin tegenover ons woonde om daar naar de Top-40 te luisteren, want die werd uitgezonden door Veronica en dat zat dus niet in die radiodistributie. Ik klaag niet, maar vertel hoe het was. 

Ik zat nog op school, en verdiende wat geld bij door dagelijks met de brommer voor de LOI huiswerk van cursisten af te leveren en op te halen bij een aantal docenten in Den Haag. Eindelijk had ik een stereo-installatie bijelkaar, een Sony tuner, versterker en platenspeler, en twee kleine boxjes. Ik herinner mij dat ik op ons kamertje (ik deelde dat met mijn broer) gebiologeerd kon zitten kijken naar de groen oplichtende lampjes. 

Imagine kocht ik bij V&D, eerst luisteren met van die losse luisterdingen. Mensen van een bepaalde leeftijd weten wat ik bedoel. 

Ik vond en vind de plaat geweldig, John Lennon in topvorm. Ik ben hem blijven draaien, ook nu nog, nog steeds. Niet dagelijks, maar toch: met enige regelmaat.

Imagine is een van de betere Beatles-soloplaten, vind ik. Het titelnummer is meer dan bekend, ook de andere nummers zijn goed, tot zeer goed. Ik denk dat mijn favoriete nummer Gimme Some Truth is. Luister ook naar de perfecte gitaar van George Harrison.

04 september 2021

Je kunt weer meepraten op een verjaardag

Ik noem 2021 wel het dikkeboekenjaar. Weer een deel Nabokov, verhalen van Paustovski en R.J. Peskens, een nieuwe roman van A.F.Th., de Nescio- en Roth-biografiën, George Harrisons I Me Mine, alle tussen de 500 en 1000 bladzijden. Tijd voor een dun boekje: Het Bureau, van J.J. Voskuil. Nou ja, in de door Emma Ringelding navertelde versie dan.

 

In plaats van de oorspronkelijke 5000 bladzijden zijn het er nu 16: de titelpagina, twee bladzijden voor elk van de zeven delen, en een bladzijde En verder. Kijk, dat is te doen.

Per deel dus twee bladzijden, met tekeningen van de nieuwe personages uit dat deel en een (uiteraard) zeer schematische weergave van de inhoud. Een leuk cadeau-boekje (als Voskuil-liefhebber gaf ik het aan mezelf), dat in de bijgeleverde envelop past, zodat je het kunt versturen. Onderdeel van een hele reeks, Kakkerlakjes. 
Ook leverbaar: bijvoorbeeld Ulysses of De Toverberg. Handig, je kunt weer meepraten op een verjaardag, leuk.

15 augustus 2021

All Things Must Pass

Vorig jaar 50 jaar geleden verscheen All Things Must Pass, de eerste post-Beatles soloplaat van George Harrison. Een geweldige plaat. Doordat George op een Beatles-lp meestal maar 1 of 2 tracks toebedeeld kreeg, was er rond 1970 een stuwmeer van Harrisongs onstaan. En dus werd het meteen maar een 3lp. Er zijn er, die dit de beste Beatles-solo-lp vinden. Misschien. Het is in ieder geval een monument, geproduceerd door George en Phil 'Wall Of Sound' Spector. Er kwamen twee hit-singles vanaf, en er werden er miljoenen van verkocht.

Onlangs verscheen, door corona enigszins vertraagd, de 50th Anniversary Edition. Er is weer een veelheid aan edities, op lp's en cd's, van Spotify tot en met de Uber Deluxe Box Set: een houten krat met cd's, lp's, boeken, gedichten, beeldjes en een boekenlegger, gemaakt van hout afkomstig van een gevelde boom van George's landgoed. Voor die laatste editie dient wel zo'n 1000 euro betaald te worden. 

Zelf schafte ik de Super Deluxe editie aan, met 5 cd's, een bluray disc, een poster en een boekje. Het is een mooi doosje, wat opvalt is dat het kleiner is (7 inch) dan de tot nu toe verschenen Lennon-, McCartney- en Beatles-dozen. Does size matter? Wat mij betreft niet echt, ik vind de drie tot nu toe verschenen Lennon-dozen (10 inch) misschien een iets betere maat, en grotere dozen, waar laat je ze. Benieuwd was ik naar de muziek. Hoe is die? 

cd1 en cd2 bevatten een nieuwe mix van het oorspronkelijke 3lp-album. Paul Hicks heeft de opnametapes opnieuw gemixt, vooral de galm verminderd, George wat naar voren gehaald en de rest wat meer naar achteren gemixt.
ATMP was (en is) een 3 lp. De oorspronkelijke cd-versie verdeelde de nummers over twee cd's, 14 nummers (de oorspronlkelijke kanten 1, 2, 3) op cd1 en 9 nummers (kant 4, 5, 6) op cd2.
De nieuwe release heeft 9 nummers (kant 1 en 2) op cd1, en 14 nummers (kant 3, 4, 5, 6) op cd2. Verder valt het mij op dat de nummers van 'Apple Jam' weer gepresenteerd worden zoals in 1970, en niet in de 'correct order' die George voor ogen stond en zoals in 2001 wél werd aangehouden. 

Zoals gezegd: Phil Spector was de man van de 'Wall of Sound'. En super vet geluid, dat echter ook het gevaar heeft te worden tot een geluidssoep. De nieuwe mix, door Paul Hicks repareert dat laatste op een aangename manier. Het geluid blijft groots, maar de detaillering is fijner. Ik ken de plaat letterlijk 50 jaar, maar hoorde een gitaar, een synthesizer, een percussie, een zanglijn die er altijd al waren, maar bijna verdronken in de mix, nu voor het eerst. Wel even luisteren op een fatsoenlijke installatie, niet op je mobiel.

cd3 Day 1 Demos en cd4 Day 2 Demos 
George nodigde Phil Spector uit om ter voorbereiding op de eigenlijke sessies, te komen luisteren naar 'een paar nummertjes'. Dat waren er maar liefst 30, die gedurende twee dagen ge-demo'd werden. 15 nummers met Ringo en Klaus Voormann, 15 alleen, met gitaar. Dit zijn die nummers. Een paar verschenen eerder officieel op Early Takes, Volume 1 uit 2012, een aantal andere was beschikbaar op bootlegs. Nu staan ze bijelkaar, en de geluidskwaliteit is voortreffelijk. Opmerkelijk is dat lang niet alle nummers ATMP gehaald hebben, sommige verschenen op (veel) latere Harrison-platen, of verdwenen niet-gebruikt in de mist. 

cd5 Session Outtakes and Jams
Altijd leuk, de outtakes. Work in progress. Soms met opnames die verrassend anders zijn dan ik gewend ben. Bijvoorbeeld Run Of The Mill, take 36. 


Naar mijn smaak iets teveel van het goede, George zag dat misschien ook en musiceerde verder. Op de lp staat take 61.

Na de schitterende cd's naderen we nu de onderdelen waar ik minder over te spreken ben. De bluraydisc en het boekje. 

De bluraydisc bevat een 5.1 mix en high-res stereomixen van het originele album. Die 5.1 speler is er nog steeds niet, maar de high-res stereo-mix is wel erg fijn. Maar: het is alleen de 3lp. De Lennon-boxen voor Imagine en Plastic Ono Band hadden bluray-plaatjes waar niet alleen de lp op stond, maar ook alle extra cd's (POB: in totaal: 6) en nog veel meer extra tracks, waaronder de complete Yoko Ono/Plastic Ono Band sessies. Zoveel als het is, All Things Must Pass, dit alleen op dit plaatje toch karig.

Het boek(je) is mooi samengesteld, met per nummer herinneringen, interviews, foto's, facsimile teksten en (beknopte) opname-info. Maar het steekt (ook inhoudelijk) met 60 bladzijden, soft cover, op 7 inch formaat wat petieterig af tegenover de 150 bladzijden, hardcover op 10 inch formaat boeken van de verschenen Lennon-dozen. Ik had heel graag heel veel meer willen lezen. Toch las ik veel interessants, bijvoorbeeld dat van Art of Dying door Harrison in 1966 al een demo werd opgenomen, voor een mogelijke Beatles-sessie voor Revolver. Als er ooit een doos van Revolver komt ...

P.S. ATMP werd opgenomen met een veelheid aan musici. Ringo Starr, Klaus Voormann, Pete Drake, Bobby Keys, Derek and The Dominos (tijdens deze sessies geboren), Badfinger, enzovoorts. Als Phil Spector je plaat produceert en je een Wall of Sound wil, dan moet je dat zo doen. Bij Art of Dying speelde de latere Genesis-drummer/zanger Phil Collins (toen 19 jaar) ook ergens mee in de mix, op conga's. Tot zijn teleurstelling werd op de verschenen lp zijn naam niet genoemd als meespelend musicus. Jaren later vroeg hij George er eens naar, maar die kon zich het niet meer herinneren. Weer enige tijd later ontving Collins van Harrison een studiotape van Art of Dying, met daarop de 'teruggevonden' percussie van Phil, maar helaas ook de stem van George in de studio, die aan producer Phil Spector vroeg of die slechte congatrack niet opnieuw opgenomen kon worden. Enige tijd later belde George lachend op en vroeg of Phil de tape al beluisterd had. Die conga partij was niet die van Phil Collins, maar een week geleden of zo opgenomen door Ray Cooper, die expres slecht en uit de maat speelde. In 2001werd Phil alsnog vermeld als musicus op de 30 Years Anniversary editie. Nu, in 2021, wordt zijn naam weer niet genoemd. Jammer, Phil.

P.P.S. Let It Be - Get Back. Film, doos, boek. Hopelijk dit najaar. Ik ben er klaar voor.

25 juli 2021

Uit het familiealbum

Een nicht van mij heeft een oud foto-albumpje, waarin zo'n 15 oude foto's. Waarschijnlijk ooit in bezit van een ongetrouwd gebleven oud-tante. Of ik (de stamboomoloog van de familie) wist wie daar allemaal op stonden.

Nou ja, voor een deel wel. Onze opa en oma, en een oom, maar daarna werd het wat moeilijker.

Intrigerend was vooral een oud familieportretje, waarop hoogstwaarschijnlijk een echtpaar en drie dochters. Wie zouden het zijn?


Het foto'tje is van karton, en meet 7,5 x 9,8 cm. De foto is ongeveer 0,6 mm dik. Op grond van dit laatste (het belangrijkste kenmerk) zou hij tussen 1870 en 1885 gemaakt kunnen zijn. Hier een meethulp van Peter Eykerman (pdf).



De achterkant is ook interessant. Er zit een beschadigd etiket op van de fotograaf. Ik kwam na vergroten en turen uiteindelijk op A. van der Henst. Dit is inderdaad een fotograaf, die in de periode 1869 tot 1883 in Den Haag werkzaam was, tot 1880 aan de Zuidwal, daarna in de Trompstraat. Zie hier zijn vermelding in de RKD-database.

Van wie zou een ongetrouwde oud-tante (geboren 1896) een foto kunnen hebben? Broers of zussen komen niet in aanmerking, die waren er nog niet in 1869 - 1883. Haar ouders (mijn overgrootouders) met kinderen kan ook niet, de gezinssamenstelling (3 meisjes) klopt niet, en ik heb andere foto's van dat gezin. Haar grootouders (mijn bet-overgrootouders) dan? Aan vaderszijde klopt de gezinssamenstelling niet, maar aan moederszijde...

Aan moederszijde waren haar grootouders Elbert Barink en Anna Elisabeth van den Bergh. Zij arriveerden in 1856 en 1858 in Den Haag, ontmoetten elkaar kennelijk en trouwden in 1861. Elbert verdiende de kost als 'broodverkooper', vormer en koopman. Anna Elisabeth was dienstbode. Ze kregen zes kinderen, maar drie overleden jong, de laatste op 24 augustus 1870. Drie dochters werden wel volwassen. In 1870 waren die dochters respectievelijk 9, 8 en 3 jaar oud. Ik denk dat het jongste kind een jaar of 5 is, op de foto. Dan zal de foto gemaakt zijn in 1872. Zeg maar 150 jaar geleden. In het bevolkingsregister van het Haags Gemeentearchief vond ik een reeks adressen waar het gezin woonde, bijna allemaal in het Spuikwartier of in de Stationsbuurt. Dat is niet ver van de fotograaf, op de Zuidwal.

Op de gevonden adressen staat nu overal een nieuwer gebouwd huis, behalve Spui 273, dat zal nog hetzelfde zijn.



Overigens lijkt het mij onwaarschijnlijk dat het gezin Barink dit pand alleen bewoonde, ik denk dat er een etage of misschien zelfs een kamer gehuurd werd.

Hoewel er niemand meer is die deze mensen in het echt gezien heeft ben ik op grond van de herkomst van de foto, de gezinssamenstelling, de datering van de foto en de gegevens van de fotograaf overtuigd: dit zijn mijn bet-overgrootouders met hun kinderen. Nu de andere foto's in het album nog.

23 juli 2021

Misjo Joezmeski

Afgelopen week brachten we een bus vol spullen naar onze zoon in Zweden. Bij het inpakken in oude kranten zag ik in de NRC van 26/27 juni een niet eerder door mij opgemerkt bericht, de necrologie van Misjo Joezmeski.

Misjo Joezmeski was een onvermoeibaar bevorderaar voor de lokale (Ohrid, Macedonië) bekendheid van de Nederlandse schrijver A. den Doolaard, die daar 'doolde', verbleef, van het land hield en erover schreef (De herberg met het hoefijzer, De bruiloft der zeven zigeuners). Zoals in de necrologie staat: hij leidde toeristen rond, zorgde voor een monument en richtte een museum in.

In 2012 waren we in Ohrid met vakantie, en blogde ik over A. den Doolaard en Ohrid, hier en hier. In het plaatselijke Cultura 365 centrum, waar dat A. den Doolaard Museum is ingericht sprak ik met (eigenaar) Joezmeski. Of eigenlijk sprak hij vooral met mij, en vertelde hij ongeveer een uur lang van alles over de in Nederland bijna vergeten schrijver en Ohrid.

Ik kocht twee door hem geschreven boekjes, en we maakten een foto.



Ik kende hem na dat uur natuurlijk niet, maar mijn indruk was: een enthousiaste, aardige man. Ik hoop dat het A. den Doolaard Museum kan blijven bestaan.

12 juli 2021

Nescio en Voskuil

Op de middelbare school las ik voor het eerst Nescio. De uitvreter/Titaantjes/Dichtertje/Mene Tekel. Ik vrees dat die keuze destijds was ingegeven door de omvang van het boekje van niet meer dan zo'n 150 bladzijden. Snel klaar voor de leeslijst. Het waren aardige verhalen, maar het deed mij toen niet veel en de eigenzinnige spelling (hatti, zette-n-i) vond ik maar vreemd. Jaren later herlas ik het en toen was het wél raak. Ik kocht toen ook Boven het dal, het 'andere boek van Nescio'. 

In 1996 verscheen dan in 2 dikke delen het Verzameld Werk, met alle publicabel geachte teksten, die in 'Nescio's laatjes' hadden gelegen. Er zit veel, heel veel prachtigs tussen. Het Natuurdagboek, dat Grönloh na de oorlog bijhield over zijn wandelingen en fietstochten, schitterend is het. 

En nu: eindelijk is er dan de biografie van Nescio, door Lieneke Frerichs. De erven-Grönloh hebben hun terughoudendheid opgegeven en toestemming gegeven tot nu toe gesloten verzamelingen te gebruiken voor een biografie. 

Het is een kloek boek geworden, zo'n 650 pagina's, voor een schrijver van (bij leven) een kleine 200 bladzijden gepubliceerd werk. Ik vind de biografie prachtig, een heerlijk uitgebreide levensbeschrijving, over zijn schrijverschap en hoe hij daarmee omging, wars van publiciteit en bekendheid, over zijn persoonlijk leven en over het kantoorleven, Grönloh had naast de jeugdidealen waarover hij schreef, ook een keurige kantoorbaaan.

Al lezend in de biografie bedacht ik mij (niet als eerste) dat Grönloh op een bepaalde manier een zekere verwantschap heeft met J.J. Voskuil. Ook Voskuil had (in zijn geval in de studietijd) grote idealen, die hij met een vriendenclub wilde nastreven. Beiden schreven over de tijd van idealen en de vrienden, Grönloh als Nescio in Titaantjes, Voskuil in Bij nader inzien. Beiden konden hun idealen niet verwezenlijken en belandden op kantoor. Zowel Grönloh als Voskuil trokken in hun vrije tijd graag de stad uit, en beiden ergerden zich aan veranderingen in 'hun' landschap, de natuur, Amsterdam. Van Nescio is in 1997 zijn Natuurdagboek verschenen, dit jaar kwam van Voskuil Had je nog willen wandelen? uit. Beide schrijvers hebben ook ledigheid, zinloosheid als thema, net als het Bijbelboek Prediker. Sommige teksten van Nescio, vooral in De uitvreter, lijken soms bijna woordelijk ontleend hieraan.

En 't water klotste en rees en daalde, en door de nacht schoof de zon die je niet zag door 't Noorden. En 't laatste licht van den dag schoof mee door 't Noorden en werd 't eerste licht van den nieuwen morgen. Zoo raakte de eene dag aan den anderen, zooals dat in Juni altijd is.
(De uitvreter)

Ook rijst de zon op, en de zon gaat onder, en zij hijgt naar haar plaats, waar zij oprees.
Zij gaat naar het zuiden, en zij gaat om naar het noorden; de wind gaat steeds omgaande, en de wind keert weder tot zijn omgangen.
(Prediker 1:5-6)

Bekker las uit Dante voor, de Prediker en 't Hooglied en 't boek Job kende-n-i uit z'n hoofd. 't Was heel indrukwekkend.
(Titaantjes)

Ook Voskuil refereert, herinnert aan Prediker. In Bij nader inzien is er voortdurend niets nieuws onder de zon, alles is zinloos. In 1997 publiceerde hij een korte schets, Prediker 12, vs 12. Voskuil geeft in deze schets een aan Prediker verwante levensfilosofie: hij wil leven uit ‘een diepgeworteld besef van de zinledigheid van het bestaan’.

Nescio en Voskuil, ik lees en herlees beide schrijvers graag. De boeken lijken in omvang uiterste tegenpolen, Nescio's bij leven verschenen bundels tellen 150 en 92 bladzijden, Bij nader inzien 1207, Het Bureau 5000. Het huis van de literatuur heeft vele kamers, zei A.F.Th. ooit.