06 juni 2010

Zeggen wat nooit iemand zei

Deze dichtbundel van Hans Warren verscheen in 1976. Ik lees de gedichten in de 2002 editie van Verzamelde gedichten. De bundel bestaat uit drie afdelingen: Zeggen wat nooit iemand zei, met min of meer algemene liefdesgedichten, Noord, een cyclus over/aan Theo Willemsen, en Zuid, een cyclus over/aan Gianni Nurchi. Die laatste spraken mij het meest aan. Deels zijn ze kennelijk geschreven toen de liefde weer voorbij was, het geeft een mooie, soms weemoedige sfeer aan de gedichten.

Wat liefde is?
Ik weet het nog steeds niet.
Ik ben bij jou, honderden kilometers
van je vandaan.
[...]

(Uit: Wat liefde is, door Hans Warren, Verzamelde gedichten, p. 615)

Maarten en Nicolien



Maarten dronk zijn kopje leeg, vouwde de krant op en wilde opstaan.
'Wat ga je doen?' vroeg Nicolien. 'Je gaat op je vrije zaterdag niet voor dat rot-Bureau werken, toch?'
Maarten aarzelde een moment. 'Ik dacht, ik ga even achter de pc' antwoordde hij, zijn gezicht in een zenuwachtige grimas vertrekkend. 'De namensite van Het Bureau is nu on-line.'
'Het is toch niet waar', zei Nicolien met overslaande stem. 'Het is toch niet waar. Ik denk dat we een gezellige ochtend samen hebben, maar jij moet weer zo nodig achter de pc voor dat rot-Bureau van je. Namen-site! Hoe durf je. Hoe durf je.'
Haar gezicht was wit van woede. Ze wachtte op een verklaring.
'Ik dacht, misschien is het wel leuk even onze namen op te zoeken, om te zien hoe vaak en waar ze door de jaren heen gebruikt zijn' probeerde Maarten.
Zijn armen zakten moedeloos langs zijn lichaam.
'Onze namen opzoeken? Jij wilt onze namen opzoeken op die rotcomputer, op die rot-site van dat rotbureau? Wat verbeeld jij je wel? Wat een belachelijke onzin. Dat deden we vroeger toch ook niet. Hoe vaak en waar ze door de jaren heen gebruikt zijn. Je bent wel een enorme patser geworden. Mijn man is een patser geworden. Ik wil met dat Bureau van jou niets te maken hebben. Je zorgt maar dat mijn naam er uit gehaald wordt. Meteen. Heb je dat begrepen?'
Woedend stond Nicolien op, pakte de koffiekopjes van het tafeltje, liep naar de keuken en sloeg de deur met een klap achter zich dicht.
Zuchtend ging Maarten achter de pc zitten. Hij tikte in: http://www.meertens.knaw.nl/nvb/

05 juni 2010

Bezonken rood



Al vaker heb ik op dit blog geschreven dat Jeroen Brouwers de beste levende Nederlandse schrijver is. Ik zeg het nu weer. In de boekhandel hanteer ik bij twijfel o.a. de volgende regel: Alle boeken van Jeroen Brouwers zijn goed. Tot nu toe las ik (ik heb het even nageteld) al 32 boeken van Brouwers. Gek genoeg (immers: een van de oudere en zeker een van zijn bekendste boeken) was Bezonken rood daar niet bij. Vanmorgen kocht ik het en ik las het vandaag in één ruk uit. Een gruwelijk mooi boek, een ontroerend eerbetoon aan zijn moeder, indringende herinneringen aan Brouwers' verblijf in Tjideng, een Japans interneringskamp op Java. Als altijd is de stijl onovertroffen, lees bijvoorbeeld deze zin, een metafoor voor iemands leven: De wind, die eigenlijk alleen zo nu en dan maar eens komt neergestreken, voortdurend komende van en onderweg naar elders, maar nooit constant op één plaats bezig, draagt vlaagsgewijs nu eens verkwikkende, dan weer onverkwikkende geuren aan, en soms een wolk vlinders of libellen, maar ook wel soms een zwerm zwarte vogels, -en is hij weer voorbij, dan blijft nog geruime tijd alles in de tuin, wat maar bewegen kan en door hem is aangeraakt, in beweging.

Saté van de barbecue (2)

Goed, de vleesjes zijn nu gemarineerd. De bereiding: steek eerst de barbecue aan. Onze barbecue is een eenvoudig dingetje, 30 x 20 cm, daar past steeds een redelijke portie op. Een goede barbecue wordt gestookt met houtskool. Niet met gas, niet met elektriek, met houtskool. Liever geen benzineblokjes, dat gaat alleen maar walmen en naar benzine stinken. Een paar propjes krantenpapier is goed. Dan komen we aan het belangrijkste ingrediënt voor een geslaagde barbecue: GEDULD. De barbecue moet door en door heet zijn voordat de vleesjes erop gaan. Anders zijn ze van buiten zwart en van binnen rauw. Gatver. Ik neem voor het aanwarmen van de barbecue meestal zo'n anderhalf uur. In de tussentijd kan het vlees aan stokjes geregen worden, en andere gerechten klaargemaakt, of er kan een glas gedronken worden. Vlees er op, paar minuten roosteren, af en toe draaien. De barbecue moet bediend worden door een en niet meer dan een persoon, gewoonlijk de heer des huizes. Deze dient zich verder niet te tooien met kookschorten met 'lollige' opdruk als damesondergoed of Superman-torso's. De effen blauwe of roze van de echtgenote is het beste. Daarna opdienen en smullen maar! Het fijnst is met rijst, katjangsaus, een beetje ketjap en blokjes komkommer. Ten strengste verboten zijn Calvé-sauzen, Gouda's Glorie emmertjes en de opgewarmde pindakaas die hier voor pindasaus doorgaat. Katjangsaus en ketjap, dus.

Nog even het recept voor katjangsaus, ook wel elders te vinden op internet:

Ingrediënten
1 el olie
1 ui
3 teentjes knoflook
2 tl djahé
2 tl trassi
1 tl sereh
2 tl laos
1 tl ketoembar
1 tl djintan
2 el sambal badjak
250-300 gram pindasaus korrels van de toko
4-5 el ketjap manis
2-3 dl. water
1 plak gulah djawa
1 el citroensap
3 djeroek poeroetblaadjes.

Snipper de ui en knoflook, maak de trassi en kruiden fijn.

Verhit de olie. Fruit het uimengsel zachtjes.
Roer de sambal erdoor, fruit dit even mee.
Voeg de pindakorrels, ketjap, water, gulah djawa en citroensap toe.
Laat dit enige tijd zachtjes pruttelen, zodat de gulah djawa goed opgelost is, niet koken!
Voeg de djeroek poeroetblaadjes toe en laat dit nog 4 minuten zachtjes meekoken. Verwijder ten slotte de blaadjes.

In 20 minuten klaar, hierna hoeft U nooit meer kant-en-klare pindasaus uit zo'n emmer.

Tenslotte nogmaals: doe Uzelf een plezier. Dit is genoeg. Verder geen andere hambo's en vette sterk gekruide zoute worsten braden, en met een of andere Calvésaus (bah) overgoten naar binnen werken. Dit is genoeg. En heerlijk fijn van smaak.

04 juni 2010

Saté van de barbecue (1)

Het wordt mooi weer, dus af en toe kan de barbecue aan. Hier een recept voor saté van de barbecue.

Vlees: varkenshaas, hoeveelheid naar behoefte, 150 gram per persoon. (Op de barbecue horen zeker geen barbecuepakketten van de slager met dubieuze worsten en andere vleesproducten, gatver. Gun jezelf lekker vlees in plaats van kapotgekruid slachtafval).

Neem een schaal of pan, en maak daarin de volgende marinade:

4 el olijfolie
sap van 1 citroen
1 el ketjap
1 blok gulah djawa
1 tl djintan
1 tl ketoembar
1 tl laos
1 gesnipperde ui
2 uitgeperste tenen knoflook
1 tl sambal

Doorelkaar roeren.

Varkenshaas in plakken snijden, en deze weer in blokken van de gewenste grootte.

Vlees door de marinade scheppen, goed mengen, afdekken en 24 uur laten marineren.

Morgen nog enige nadere richtlijnen voor de juiste bereiding.

03 juni 2010

Winter in Pompeï

Deze dichtbundel van Hans Warren verscheen ook in 1975. Ik lees de gedichten in de 2002 editie van Verzamelde gedichten. De bundel bestaat uit drie afdelingen: Een Bataks doodskistje, met gedichten geïnspireerd op kunstuitingen, Winter in Pompeï met gedichten met verschillende thema's wat melancholiek en weemoedig van toon, en Een liefdeslied met gedichten voor zijn geliefde Gianni Nurchi. De gedichten uit de tweede afdeling spraken mij het meest aan, het hartverscheurende Mijn laatste hond. Ik zou dat graag citeren, 3 regels dan:

MIJN LAATSTE HOND

Hij stond op de steiger toen ik wegvoer,
mijn enorme afghaan, vast geplant, niet gelovend
dat ik wegging, niet ècht gelovend.
[...]

Hier komt het niet echt uit, lees het zelf in Verzamelde Gedichten, op pagina 574.

02 juni 2010

Jane Eyre



Mijn dochter is niet zo'n lezer. Toch moet ook zij voor het eindexamen Havo door een leeslijst heen. Ik heb haar beloofd een als een soort sparring partner te fungeren, door af en toe een boek mee te lezen, zodat er over gepraat kan worden. Ik ga geen uittreksels aanleveren, die downloadt ze maar van internet. Deze week las ik Jane Eyre. Ik heb het zelf destijds ook gelezen voor mijn eigen examen, en ik herinner me dat als een marteling. Dat hele op commando lezen, overigens. Het literatuuronderwijs heeft er toen bijna voor gezorgd dat ik nooit meer een boek zou lezen. Het is anders gelopen. Tot mijn verrassing is het onderwijs tegenwoordig wat anders ingericht. Zo mag Jane Eyre gelezen worden in een aangepaste editie, in dit geval Longmans Simplified English Edition. Het taalgebruik is gemoderniseerd, de moeilijkste woorden zijn vervangen door eenvoudiger equivalenten en de (in de 19e eeuw soms ellenlange) terzijdes zijn weggelaten. Het is niet aan mij om het onderwijs van mijn kinderen te herdefiniëren, maar vreemd is het toch wel. Kennelijk mag het geen echte moeite meer kosten. Stel je toch voor dat ik bij wiskunde alleen maar makkelijke sommen had hoeven maken. Jane Eyre is in deze editie verworden tot een travestie van het echte boek. Eerst gebeurde dit, en daarna dat, en toen ging Jane daar naartoe en toen trouwde ze toch. Gaap.