
Dit is pas "een kleintje Voskuil". Klein in omvang (16 bladzijden) en in oplage (100 exemplaren). Een mooi bibliofiel boekje, door De Hof van Jan, een samenwerkingsverband van vier margedrukkers uit Haarlem. De inhoud bestaat uit vier brieven, die Voskuil schreef aan zijn vriend Henk (Romijn) Meijer, die met zijn vrouw eind jaren vijftig een aantal jaren in Australiƫ woonde. Uit het nawoord van Gerben Wynia (en ook uit de tekst van de vierde brief) valt op te maken, dat er meer brieven zijn geweest, deze zijn helaas niet bewaard gebleven.
Opvallend aan deze brieven is de andere toon van Voskuil, in vergelijking met met name Bij nader inzien en Het Bureau. Ontspannen, anekdotisch, gespeend van persoonlijke, hoogstaande morele opvattingen. Leuk om te lezen, ook omdat in die anekdotes dan toch weer personages uit Bij Nader Inzien en Het Bureau opduiken.
Henk Romijn (Henny) Meijer maakte kennis met Han Voskuil via zijn broer Rein (in Bij nader inzien: Hans), die met Voskuil bevriend was. Meijer hielp Voskuil met het vinden van een uitgever voor Bij nader inzien. Ze onderhielden jaren een op den duur korzeliger wordende vriendschap, die in 1997 in onmin eindigde. In het Henk Romijn Meijer-nummer van De Parelduiker schreef Gerben Wynia hierover een zeer interessant artikel: Een vechtvriendschap (De Parelduiker 2011 3/4, p. 135 - 151).
Het boekje sluit af met een aantal biografische aantekeningen over genoemde personen. Ik voeg daar aan toe:
Met 'Lou' wordt bedoeld Loe van Oyen, ook een van de vrienden van Voskuil (in Bij nader inzien en in Het Bureau: Klaas, in Frida Vogels' De harde kern: Huub, in haar Dagboek: Loe). Loe van Oyen hielp bij de financiering van de publicatie van Bij nader inzien.
Hein Eersel studeerde in de jaren vijftig net als Voskuil Nederlands aan de Gemeentelijke Universiteit van Amsterdam. Kennelijk was hij in 1957 ook werkzaam bij Meertens. Misschien stond hij model voor de Surinamers Stanley King en/of Iersel in Bij nader inzien.