De familie Raphalowiz is afkomstig uit Polen (toen behorend tot het Russische Rijk), twee broers uit die familie streken midden jaren 80 van de negentiende eeuw neer in Amsterdam. Oorspronkelijk hadden ze dus de Russische nationaliteit, hier werden ze als stateloos beschouwd. Dat gold ook voor hun kinderen, die in Amsterdam werden geboren en daar opgroeiden. In de jaren 30 dienden een paar familieleden verzoeken in om tot Nederlander genaturaliseerd te worden. Zo'n naturalisatie gaat gepaard met een onderzoek, en dossiervorming. Die naturalisatiedossiers worden bewaard in het Nationaal Archief in Den Haag. Ze zijn een rijke bron voor persoonlijke gegevens, en bevatten gegevens over de familie, de werkkringen, verenigingen waar men lid van is en wat al niet meer. Het terugvinden van die dossiers is niet gemakkelijk, het NA geeft er een speciaal gidsje voor gemaakt. Bij eerder onderzoek vond ik al een paar dossiers, en op de website geef ik wat nadere uitleg en een voorbeeld.

Henri Raphalowiz neemt voor mij binnen deze familie een bijzondere plaats in, hij woonde met zijn gezin in mijn latere ouderlijk huis en is daardoor het beginpunt voor mijn interesse en onderzoek. Wellicht zag hij bij een aantal familieleden hoe moeilijk en relatief duur zo'n naturalisatieverzoek was. Hij voerde daarom in 1931 een handtekeningenactie en stuurde deze met een verzoekschrift aan de leden van de Tweede Kamer; hij komt daardoor ook voor in de Handelingen van de Tweede kamer (23 december 1932, ergens rechtsonder).
In 1935 deed Henri zelf een verzoek tot naturalisatie. Dat verzoek is in ieder geval niet gehonoreerd. Ook van die niet-gehonoreerde verzoeken zijn dossiers opgebouwd. In een "klapper-index Naturalisaties" vond ik het volgende.

Op 17 januari 1935 wordt het verzoek ingediend. In mei wordt een volgende stap gezet, ik denk: het opvragen van gegevens bij de Burgerlijke Stand. In september zullen vragen gestuurd zijn naar adres(sant). Daarna valt het stil. Volgens het bovenvermelde gidsje is voor dit soort gevallen geen goede verklaring te vinden: "Liet de behandelend ambtenaar de zaak gewoon rusten? Zeker is dat in deze jaren (bedoeld wordt: 1932 - 1940) de wachttijden lang tot zeer lang kunnen zijn en dat het onbehandeld laten liggen van verzoeken een van de kenmerken is van het restrictieve naturalisatiebeleid van de jaren 1930 en de eerste naoorlogse jaren."
Twee voorbeelden uit eigen onderzoek: De naturalisatieprocedure van Henri's neef Icek duurde van 1930 tot 1949, waarbij het een wonder is dat Icek de oorlog overleefde. Bij een andere neef, Daniël, begon de procedure in 1935, op 9 mei 1940 (de dag voor de oorlog begon) was het op een haar na gedaan, in 1942 werd besloten de procedure niet verder voort te zetten wegens ontbreken van verdere informatie, in 1946 werd de procedure definitief stopgezet omdat "de heer Raphalowiz naar Auschwitz is afgevoerd" ...
Is Henri's dossier nog ergens opgeborgen, op een onbekende datum, ergens in dat grote 'Verbaalarchief' van het Ministerie van Justitie (ongeveer 8 cm papier PER DAG)? Gezien wat hem en zijn familie 7 jaar later zou overkomen is dat een bagatel, maar ik vind het jammer, ik had graag meer over hem gelezen en verteld.











