De afgelopen dagen was er veel Hosanna over
Steve Jobs. Zijn overlijden was zelfs
Breaking news! Ik zag het, ik hoorde het, ik las het, en ik was verbaasd. Dankzij hem heeft de wereld nu een aantal bijzonder handige apparaten, ik geef het graag en zonder ironie toe. Hij was een ongelooflijk succesvolle ondernemer. Maar maakt hem dat ook, zoals ik ook vaak hoorde en las, een voorbeeld voor velen, inspirerend? Veel werd de afgelopen dagen verwezen naar zijn zogenaamde
Stanford Address, een rede die hij uitsprak bij de aanvaarding van een eredoctoraat. Die moest je gezien hebben, zo mooi, zo werd gezegd. Ik heb die rede nu ook bekeken, en inderdaad, het zijn mooie verhalen. Maar er worden ook andere verhalen verteld over Jobs, en niet alleen door afgunstige concurrenten. Steve Jobs komt daarin naar voren als een tamelijk asociale zonderling, een keiharde werkgever, een dito monopolistische speler, leider van een bedrijf dat zijn producten in Chinese
sweat shops laat assembleren. Veelzeggend is dat de producten namen hebben als
iMac,
iPhone,
iPod en
iPad. Jobs heeft prima begrepen dat we kennelijk in een tijdperk van superindividualisme zijn aanbeland. Ik vind dat niet zo inspirerend.
Lees, luister of kijk eens naar (wat mij betreft) echt inspirerende woorden.
Lees eens
Quit India van
Ghandi, een indrukwekkende rede, waarin hij het onafhankelijkheidsstreven van India verwoordde, scherpe kritiek uitte op de Britse koloniale heerschappij, maar waarin hij tegelijkertijd bewondering en waardering uitsprak voor het Britse volk, op andere dan de bestuurlijke vlakken. Gandhi houdt het Indiase volk een toekomst voor, te bereiken door geweldloze weerbaarheid.
Lees of luister naar
Robert Kennedy, die in 1966, 'in het holst van de Apartheid', de zwarte bevolking van Zuid-Afrika een hart onder de riem stak met een bijzonder inspirerende en hoopgevende rede,
Day of Affirmation, uitgesproken in Kaapstad. Kennedy spreekt over mensenrechten, tegen vooroordelen, racisme en Apartheid, in de Verenigde Staten en in Zuid-Afrika.
Luister naar
Ds. Martin Luther King, met zijn wereldberoemde
I have a Dream Speech, uit 1963. Niet alleen dat ene zinnetje, maar de hele toespraak.
Kijk voor mijn part naar de laatste scène van
The Great Dictator van
Charlie Chaplin, met een geweldig visioen van een betere wereld.
Het verschil tussen de toespraak van Jobs en mijn vier voorbeelden is, dat Jobs in zijn rede spreekt over
ZIJN verleden, en Ghandi, Kennedy, King en Chaplin spreken over
ONZE toekomst. Wat mij betreft zijn zij de echte inspirerende reuzen.