
Jaren geleden, toen intellectuelen nog geen televisie hadden, gingen wij 's zondags bij mijn schoonmoeder eten en dan keken we 's avonds naar de Corrie Brokkenshow.
Sinds enige tijd lees ik (met tussenpozen) het Verzameld werk van Karel van het Reve. Inmiddels ben ik bij deel 3 aanbeland. Ongeveer 1000 bladzijden, bevat 4 eerder gepubliceerde bundels (Het geloof der kameraden, Marius wil niet in Joegoslavië wonen, Met twee potten pindakaas naar Moskou en Lenin heeft echt bestaan). Daarnaast ruim 400 blz niet eerder gebundelde stukken (heel veel Henk Broekhuis) en annotaties. Het vorige deel bevatte o.a. twee romans, dat was niet Karels sterkste kant. Maar dit deel is Karel van het Reve op volle sterkte. IJzersterke stukken over Russische literatuur, samizdat, het marxisme-leninisme, Solzjenitsyn, vertalen, wonen in Moskou, de geneugten van de watersport, en nog heel veel meer.
De onderwerpen zijn ontleend aan de actualiteit van 1969 - 1972, en daardoor deels verouderd (de hele Sovjet-Unie bestaat niet meer), maar nog steeds leerzaam en leesbaar. En in de onvolprezen (Van het) Reve-stijl, zoals ook gehanteerd door broer Gerard. Informatief maar met ironie, zelfspot en steken onder en boven water.

Deze bundel met interviews las ik er meteen maar achteraan. Verschenen om een deel van de benodigde financiën te genereren voor de totstandkoming van het Verzameld werk. Dat is gelukt. Het is een beetje een potpourri, gesprekken over net verschenen bundels, de situatie in de Sovjet-Unie, over zijn verhouding met broer Gerard en met zijn vader Gerard van het Reve senior, de Russische literatuur, enzovoorts en enzoverder.
Op blz. 102 legt Karel in een gesprek met Jan Brokken nog eens uit, waarom we literatuur moeten lezen:
[...]
Hij vraagt of ik hem een keer peinzend uit het raam wil laten kijken. Hij leest graag interviews, vooral om kleine zinnetjes als terwijl hij peinzend het raam uitkeek.
Ik vraag of het lezen en bestuderen van literatuur zijn leven verrijkt heeft. Dan kijkt hij inderdaad even peinzend uit het raam. 'Literatuur,' zegt hij, 'heeft een beschavende invloed op iemand. Je komt allerlei dingen te weten over vreemde landen en vreemde culturen, over rare mensen en rare ideeën. Je wordt er misschien wel een beter mens door. Er hangt toch een zekere morele sfeer in boeken. Iedere schrijver vindt dat bepaalde dingen beter zijn dan andere en dat heeft waarschijnlijk invloed op je gedrag. Het is natuurlijk een abstracte discussie. Zoals de discussie over de invloed van geweld op de televisie. Lezen heeft iets hoogstaands. Daar wordt een hoop kletskoek over verteld. Maar het is wel zo.' En dan wordt zijn gezicht weer een vrolijke grimas.
[...]
Waarvan akte! Nu eerst maar weer een paar andere dingen lezen, en dan, misschien rond Kerstmis, Verzameld werk 4.