30 juni 2010

Wat kennen we elkaar toch slecht!

Afgelopen zaterdag gingen we naar een groot feest, gegeven door een van mijn studievrienden. Het was erg leuk, er was ook een leuke club oud-studiegenoten, bijeengedreven aan de "Delfteriken-tafel", niet te ver van de biertap. Gezellig, gezellig. Hoewel: een van de vrienden, met wie ik jaren in een studentenhuis heb samengewoond (ik noem hem: Wim) maakte een wat teruggetrokken indruk. Onthutst was ik dan ook toen ik op maandag een rouwkaart van hem ontving betreffende zijn broer Peter, die vrijdag was overleden.
Vanavond woonde ik de afscheidsviering bij, die werd gehouden in de woon- en werkgemeenschap voor mensen met een verstandelijke handicap, waarin Peter was opgenomen. Deze was prachtig gelegen, midden in de Beemster. Het was een bijzondere viering, waarin plaats was voor katholieke (de traditie van de familie) zowel als voor antroposofische (kenmerk van de zorginstelling) elementen. Er waren verhalen, gedichten, er was mooie muziek, onder andere een uitvoering op viool van de Sarabande uit Bach's Cello Suite No. 1. Medebewoners werden er ook bij betrokken, zij verzorgden een klankspel met gongs en zongen onbekommerd mee met With a little help from my friends. Ik ook.
Ik ging er naar toe voor mijn vriend Wim. Hoewel we elkaar al 34 jaar kennen, was deze kant van zijn leven mij eigenlijk grotendeels onbekend. Wim vertelde mij dat hij die zaterdag even niet aan zijn broer wilde denken. Even 'wat lucht' wilde hebben. Begrijpelijk. Maar, wat praten we toch vaak over onbelangrijke dingen. Wat kennen we elkaar toch slecht!

Na de viering werd de kist door de familie de aula uitgedragen, naar de auto, onder begeleiding van de gongs. Er scheen een avondzon. Op een grasje aan de zijkant stond een medebewoonster, een vrouw van ongeveer 40 jaar. Zij had waarschijnlijk geen benul van wat er gaande was, en ging volledig op in haar diabolo-spel.

27 juni 2010

Jeroen Brouwers - De Nieuwe Revisor (Tirade 250)



Jeroen Brouwers schreef in 1979 een complete editie van Tirade vol. Deze week schafte ik dit kleinood toch maar aan. Het bevat een aantal artikelen gericht tegen de toen heersende literatuuropvatting van de jaren '70, dat alles overzichtelijk, begrijpbaar en niet te moeilijk moest zijn, en Henk Spaan als een belangrijk dichter werd gezien. Quod non. Dit schotschrift is bijzonder vermakelijk om te lezen, ook al was ik niet echt op de hoogte van alle ins and outs in deze vete. Past in de traditie van Brouwers' kruistochten tegen Rudy Kousbroek, Ronald Dietz en Ronald Plasterk.

Arthur van Schendel - Omnibus



Zo, dit was het laatste boek dat ik vorig jaar voor mijn verjaardag had gekregen. Alles is nu gelezen (plus nog meer, tussendoor gekochte boeken, dat gaat ook maar door) zodat ik nu met een gerust hart weer jarig kan worden.
Ik had dit boek op mijn lijstje gezet omdat J.J. Voskuil Van Schendel een goede schrijver vond: "Ik lees liever Van Schendel, die gelooft tenminste ergens in en hij wandelt ook." (Bij nader inzien). De afbeelding op de voorkant zag er ook uitnodigend uit. Het lezen was voor mij toch een gemengd genoegen. In deze omnibus zijn vier romans opgenomen, die nogal verschillend van stijl zijn. Een zwerver verliefd en Een zwerver verwaald zijn symbolische, allegorische vertellingen, gesitueerd in Italië, ergens in de late Middeleeuwen. Ik kon er niet veel mee, het voldeed in ieder geval niet aan mijn verwachting een met Voskuil verwante schrijver te lezen. Dat had ik meer met Het fregatschip Johanna Maria, ook een klassieker op de leeslijsten op de middelbare school. Een mooi verhaal over de liefde van een man voor een schip. Prachtige beschrijvingen. Ten slotte De wereld een dansfeest. Een bijzondere raamvertelling, het leven van twee dansers wordt beschreven aan de hand van 19 varhalen, verteld door omstanders: Het verhaal van de leraar, Het verhaal van de tante, Het verhaal van de kamerverhuurder, enzovoorts. 19 verschillende, elkaar deels overlappende invalshoeken, origineel. De sfeertekeningen hier deden me dan toch aan Voskuil denken, de laatste alinea van Bij nader inzien is een echo van die in De wereld een dansfeest. Maar het verhaal was voor mij niet echt interessant. Misschien heb ik toch niet de goede boeken gelezen van Van Schendel. Onlangs kwam er weer een omnibus uit: Drie Hollandse romans. Iets voor op de verlanglijst?

19 juni 2010

Ik wist niet dat ik dat nog wist

Daarstraks lag ik op de bank een boek te lezen, terwijl dochterlief naar dit of dat op DisneyChannel keek. Daar hoorde ik ineens een bekend muziekstuk, de Walkürenritt van Wagner. Ta ta ta da dah, Ta ta ta da! U weet wel. Jaren niet gehoord. En dan schiet het door mij heen: De vrijbuiters, met Von Gelb! Een serie over drie of vier tieners, die Engeland steeds redden van de snode plannen van de Duitse generaal Von Gelb, die alsnog de oorlog wil winnen met een motorboot of zo. Of zoiets. Dat muziekstuk werd altijd gespeeld als Von Gelb op pad ging met zijn boot (kun je overigens met een boot 'op pad' gaan?), met als bijbehorend beeld een scherpe boeg die de golven doorklieft. Zo herinner ik het me. Het wonderlijke is dat deze serie denk ik rond 1970 werd uitgezonden, en ik heb er daarna nooit meer aan gedacht. Tot 19 juni 2010. Hoe zit dat met het menselijk brein? Als je maar de goede geluiden hoort, zou je je dan alles weer kunnen herinneren?

Overigens: dezelfde muziek werd ook gebruikt in de film Apocalypse Now van Francis Ford Copolla, bij de helikopteraanval. Die film heb ik meerdere keren gezien, en tóch was niet dát mijn associatie, maar die van De vrijbuiters. Waarom, of waardoor?

Verder: als ik nou over zeg 30 jaar in verzorgingshuis De laatste snik zit, en ik hoor die muziek weer, zal ik mij dan herinneren dat ik in 2010 op de bank een boek lag te lezen, terwijl dochterlief naar dit of dat op DisneyChannel keek? Vragen, vragen, vragen.

16 juni 2010

De zon

Vanmiddag ging ik naar Driehuis-Westerveld, om Ben Hoogeboom te steunen, die zijn Alice vandaag naar het crematorium bracht. Een klein gezelschap verzamelde zich in de ontvangstruimte bij de ingang, vanwaar we naar het crematorium wandelden. Westerveld is misschien wel de mooiste begraafplaats van Nederland, prachtig gelegen aan en in de duinen. Na de plechtigheid scheidde ik mij af van het gezelschap, en wandelde nog even naar mijn moeder, wier as daar ook al weer ruim 50 jaar ligt, bij het monument. Het was mooi, zonnig weer. Ik hoop dat de zon ook weer op Bens gezicht zal schijnen.

15 juni 2010

Sunday Bloody Sunday

Vandaag was de openbaarmaking van het rapport van Lord Saville inzake Bloody Sunday.

"What happened on Bloody Sunday was both unjustified and unjustifiable," Prime Minister Cameron said today in a speech before the House of Commons. "On behalf of the government -- and indeed our country -- I am deeply sorry."





Even ontspannen:

14 juni 2010

Maarten en Maarten

Vorige week had ik een vreemde droom. Ik was in Leiden. Waarom weet ik niet, maar ik liep door de Leidse binnenstad, van het Rapenburg richting Witte Singel. Daar ging ik het Universiteitsgebouw binnen. Ik wist wel ongeveer de weg, omdat ik dat gebouw eind jaren '80 een aantal colleges Japans heb gevolgd. Van achter een deur hoorde ik geluid komen. Het was een min of meer regelmatig tikken, vergezeld van krachtschreeuwen. Ik ging naar binnen, en daar was een tafeltenniswedstrijd aan de gang tussen Maarten 't Hart en Maarten Biesheuvel. Het was een vreemde wedstrijd. Maarten 't Hart was gekleed in een soort jaren '50 sporttenue en was fanatiek en verbeten aan het tafeltennissen, de ene smash slaand na de andere. Hij was degene die bij elke slag een harde schreeuw slaakte. Aan de andere kant van de tafel stond Biesheuvel, gekleed in colbert met een dasje. Ontspannen sloeg hij alle ballen rustigjes terug. Tussendoor nam hij af en toe een trekje van een klein sigaartje, of nam hij een slok whisky uit een glas dat op een hoek van de tafel stond. Het kostte hem werkelijk geen moeite. Hij knikte mij vriendelijk toe. Kun je het even van me overnemen? vroeg hij aan mij. Ik moet naar Eva, anders maakt ze zich ongerust. Hij duwde het tafeltennisbatje in mijn handen en verdween. Maarten 't Hart sloeg met groot fanatisme alle ballen om mijn oren. Einde van de droom. In werkelijkheid was het wel uitgebreider en langer, denk ik. Zou zo'n droom nog iets betekenen? Een directe aanleiding voor deze droom kan ik niet bedenken. Ik heb beide Maartens nooit gesproken, en ken ze alleen uit mijn boekenkast.