04 januari 2015

Gelezen: Guus Luijters - Lege stad



Wat een mooi, ontroerend boekje is dit. Guus Luijters heeft al zijn jeugdherinneringen tot zijn zevende jaar verzameld en opgeschreven. Tot zeven jaar, dat kan nog, daarna wordt het teveel.
De herinneringen zijn uniek, maar (zeker voor een bepaalde generatie) ook van ons allemaal. Ook U en ik herinneren ons een tochtje met vader, een speelmoment met een vriendje, een bezoekje aan oma. Ook ik herinner mij een tijd zonder auto's of televisie, en met nauwelijks speelgoed.
Het zijn niet-samenhangende flarden, fragmenten. Steeds een bladzijde. Niet afgerond, niet compleet, en zonder dwingende samenhang. Er worden boodschappen gedaan, er wordt op straat gespeeld of bij een vriendje thuis, en naar school gegaan. De grotemensenwereld wordt niet expliciet benoemd en is alleen indirect voelbaar, natuurlijk precies zoals het is bij een klein kind. Zoals in de herinnering aan een fietstochtje vlak na de oorlog, achterop bij de vader, door een doodstille straat in Amsterdam.
(Deze herinnering werd eerder door Guus Luijters opgehaald tijdens een lezing in Heemstede, die ik in 2012 bijwoonde.)

[...] Er stonden huizen zonder ramen, met kapotte daken. Je keek er dwars doorheen. De deuren waren dichtgetimmerd. Op de muren zag je waar de trap had gezeten. Het was doodstil in de straat. Om de huizen heen stonden hoge muren waarop kapotte flessen gemetseld zaten. Geen mens liet zich zien. Geen man, geen vrouw, geen kind. 'Waar is iedereen?' zei ik tegen mijn vader. 'Weg,' zei mijn vader. Iedereen was weg.

Het jeugdvriendje van Guus Luijters wordt een paar keer ziek, gaat naar een ziekenhuis, en ontvangt kaarten en cadeaus. Aan zijn nagedachtenis is dit mooie boekje opgedragen.

[...] Martin kwam nog één keer naar huis. Hij was kaal en het verband zat als een mutsje om zijn schedel. Ik gaf hem een Tom Poes-boekje en las hem eruit voor. Na een paar bladzijden viel hij in slaap. De volgende dag was hij voorgoed verdwenen.