30 juni 2012

Dagboek 1972 - 1973



Een middelmatig, onnodig boek schrijven is een doodzonde. (p. 341)

Even tellen, dit is alweer het negende deel van de magistrale Dagboek-reeks van Frida Vogels. Het aanvankelijk voorgestane publicatie-tempo van 3 delen per 2 jaar wordt niet gehaald, de laatste tijd zitten we op een moyenne van een deel per jaar, maar wat kan het schelen, dan genieten we gewoon langer.
De ingrediënten zijn inmiddels bekend: het schrijven, de broer, de echtgenoot, de stiefmoeder, de schoonfamilie, de vrienden. En door deze onderwerpen natuurlijk vooral: Frida zelf. Inmiddels kennen we haar wel een beetje:

6 april - Gisteravond weer naar Han en Lousje, wat dit keer wel prettig was, al heb ik ook dit keer niets gezegd.

Geschreven in de wat onbuigzame, stuurse, onmodieuze stijl die Vogels kenmerkt. Gelukkig leest het niet vlot weg, maar dwingt de schrijfster tot aandacht.
Vogels schrijft (in de beste Forum-tradite) over zichzelf: het leven dat zij leidt is in essentie niet goed, en ze is onmachtig er iets aan te doen. Daar gaat het over.

In dit deel ook veel bespiegelingen over het schrijven van haar boeken en hun onderlinge relatie. Ik neig ertoe deze nu dan te herlezen, voor het goede verstaan.

De moeder van Nicolien



Een "kleintje Voskuil". Ik las dit al eerder, in maart 1999 en later nog eens, maar E. las het deze week en ik las "voor de gezelligheid" nog maar eens mee. Het boekje beschrijft op een prachtige, ontroerende manier de voortschrijdende dementie van de schoonmoeder van Voskuil. Het zijn korte schetsen, gedateerd van 1 juli 1957 (de dag waarop Maarten Koning (= Voskuil) bij Het Bureau gaat werken) tot 15 april 1985. Waarom vind ik het goed? Voskuil laat op een zeer precieze manier zijn observaties van het veranderende gedrag van de moeder van zijn vrouw (Nicolien in het boek) en de reactie daarop van Maarten en Nicolien zien. In tegenstelling tot Bernlef in Hersenschimmen beschrijft Voskuil dus niet wat de gedachten van de Alzheimerpatiënt zijn. Naar de mening van Voskuil kan dat niet, en kunnen we ons ook niet verplaatsen in de gedachtewereld van de patiënt en is wat je ziet of zelf denkt, het enige wat je weet. Een weemoedig boek, maar ook zitten er hilarische scènes in, als de moeder weer eens totaal de kluts kwijt is en op een gekke manier reageert: "Mijn dochter zegt dat ik hier ben". Het gaat van een klein dingetje (het ineens niet meer in een bus durven stappen tijdens een vakantie) tot de totale afwezigheid van herkenning, in het verpleeghuis, apathie. Ook Maarten en Nicolien veranderen: van de aanvankelijke irritatie, via verdriet en wanhoop, naar liefdevolle verzorging. Mooi boek over eenzaamheid en onbereikbaarheid, ontroerend soms.

Een voor dit boek misschien niet helemaal representatief, maar wel mooi citaat, karakteristiek voor Voskuil. We beleven de laatste avond dat Maarten en Nicolien in het eigen huis (inmiddels verlaten en gedeeltelijk onttakeld) van de moeder zitten, in de Haagse Amandelstraat, op 27 februari 1980:

Ze aten bij een kaars. Toen het geleidelijk donker werd, leek het net of de kamer nog eenmaal, voor de laatste keer, tot leven kwam. Vanwaar hij zat kon hij de daken van de huizen aan de overkant zien en hij verbeeldde zich dat het nog net zo was als het altijd was geweest, vanaf het eerste moment dat hij gekomen was, 36 jaar geleden.

Naschrift voor Voskuil-vorsers.
De moeder van Nicolien is voor een aanzienlijk deel opgebouwd uit fragmenten die ook in Het Bureau voorkomen. Sterker nog, een (veel kortere) versie van De moeder diende als voorpublicatie van Het Bureau, in Tirade 362 uit 1996. In Het Bureau levert zij het niet-intellectuele commentaar op het werk van Maarten.

'En wat moet je daar nou doen?' vroeg zijn schoonmoeder.
Hij keek naar haar. 'Ik moet een stuk schrijven over de kabouters.'
'Over de kabouters?' Ze lachte ongelovig. 'Je houdt me voor de mal.'
'Ik houd U nooit voor de mal.'
'Over kabouters! Een volwassen man!'


In De moeder is het perspectief anders, gericht op de moeder en op Nicolien. Omdat hier de inbedding van het verhaal van Het Bureau ontbreekt, en om het tijdsverloop in een jaren durend proces te illustreren, zijn de fragmenten precies gedateerd.

Als voorbeeld: 3 september 1973. Henriette Fagel is op bezoek en er ontstaat een gesprek over zijn werk, waar de moeder totaal niet bij kan aanhaken. Met de moeder spreekt hij over het gaan eten van pannenkoeken. In De moeder illustreert dit vooral het schakelen van Maarten naar de wereld van zijn schoonmoeder, en haar onbereikbaarheid, in Het Bureau (deel 3, blz. 269 e.v.) is het toch vooral het terugkerende thema van de zinloosheid van het werk op Het Bureau.

Ik koos juist dit fragment, omdat volgens het Dagboek 1972 - 1973 van Frida Vogels de schrijfster (naar wie Henriette is gemodelleerd) op 3 september 1973 thuis in Italië was. Voskuil baseerde zich op zijn dagboekaantekeningen, maar construeerde daar de handeling omheen, ook gebaseerd op zijn herinneringen en indrukken. Voskuil heeft dit overigens altijd zo gezegd. Vogels kwam in 1973 wel op bezoek bij de Voskuilen, maar in het voorjaar, tijdens het jaarlijkse bezoek aan Amsterdam. Een gesprek over het werken op Het Bureau voerden ze volgens het Dagboek op 14 april 1973, misschien was het dit gesprek waar Voskuil op doelde.

24 juni 2012

Een hele mooie dag vandaag

Spinvis in Zomer op het plein, hier in Alkmaar. Het was helaas bepaald buiïg, maar ik ben blij dat ik het toch gezien heb. Min of meer een Greatest Hits-optreden, prima dus. Spinvis speelde: heel goed nieuws ronnie gaat naar huis het voordeel van video kindje van god club insomnia mare frigoris voor ik vergeet ronnie knipt zijn haar bagagedrager ik wil alleen maar zwemmen tot ziens justine keller in staat van narcose de grote zon kom terug wespen op de appeltaart. Simon Vinkenoog was er ook, door een fragment van Ritmebox.







En aan het eind brak de zon door. Zo werd het toch een hele mooie dag vandaag.

Pluk de dag!

De overbuurvrouw is overleden. Ze was al een tijdje ziek. Twee, drie weken geleden fietste ze nog dapper door de straat, op weg naar kind en kleinkinderen. Als je haar vroeg hoe het ging zei ze: "Ik pluk de dag". Een goede raad: pluk de dag!

22 juni 2012

Alleen maar foute mensen



Soms is het lezen van een klein boekje voldoende om een vooroordeel te bevestigen.
Klein boekje, doet de schrijver wellicht geen recht. Ik was niet echt onder de indruk.

18 juni 2012

Paul McCartney 70



Vandaag is Paul McCartney 70 jaar.

Mijn eerste herinnering aan een Beatles-plaatje is aan She Loves You, dat in 1963 op nummer 1 stond van de Top 10 van de Vara Radio & TV Gids, en dat de hele dag op de radio (Veronica: 1-9-2, goed idee!) te horen was. Ik keek op TV naar de rondvaart van de Beatles door de Amsterdamse grachten, en naar het interview met Herman "Top of flop" Stok. "Wassen The Beatles zelf hun kleren?" was een van de vragen, als ik het wel heb. Alle singles en lp's stonden wekenlang op 1. Ik heb ergens nog een foto (maar waar?) waarop ik de hoes van Magical Mystery Tour bekijk, en de daarop afgedrukte tekst van I am the walrus probeer te duiden. GOO GOO GOO JOOB! Ik had het nummer toen nog nooit gehoord en sprak het uit zoals ik het las, tot vermaak van mijn nichtje, van wie de plaat was. Daarna kregen ze allemaal een baard, ruzie, en een Yoko of Linda, en ze begonnen ieder voor zich. In 1972 kwam er bij ons in huis ook een platenspeler en de eerste lp die ik kocht van de opbrengst van mijn zaterdagbaantje was Imagine, maar die is dus van John. Daarna snel alles (ja: alles) wat tot dan was uitgekomen van de fab4. Paul begon een nieuwe band en toerde over de hele wereld. Ik deserteerde bijna uit militaire dienst om in Ahoy te zijn in 1976. Paul maakte Ram en Band on the run. En nog veel, heel veel meer. Meest pop/rock, maar ook kinderplaatjes, disco, jazz, klassiek, ambient, electronic, dance, mash-ups. OK, niet alles is even goed, ik noem even die zingende kikkers. Maar ik heb het wel allemaal, ongeveer. De laatste 10, 15 jaar zijn de platen weer erg goed, Chaos And Creation In The Backyard uit 2005 en Memory Almost Full uit 2007 behoren naar mijn smaak tot zijn allerbeste werk. Dit jaar ging ik voor het eerst niet naar een concert van hem. Dat knaagt nog steeds. Hij komt wel weer, over een jaar of wat. En dan ga ik weer. Paul McCartney gaat nooit dood. Ik herinner nog even aan de Eerste Wet Van Paul McCartney: Elke plaat van Paul McCartney bevat minstens een (1) briljant nummer. Vaak drie, soms vijf of zes, maar altijd minstens een.

Vandaag draaien we dus Paul McCartney. Keus genoeg. De soundtrack van mijn leven.

Happy Birthday To You!

17 juni 2012

Dansen maar!

De dansschool waar mijn dochter les heeft bestaat 25 jaar. Daarom was er gisteren en vandaag een grote voorstelling in theater Cool (spreek uit: kool) in Heerhugowaard. Omdat ik me natuurlijk geen betere besteding van vaderdag kan voorstellen zaten we een middag in het theater. Dochter danste drie keer, hip-hop, klassiek en jazz. Zelf was ze over de middelste niet helemaal tevreden, omdat er een klein foutje in haar dans sloop omdat ze onverwacht op een andere positie moest dansen, maar onze pret mocht het niet drukken. Genoten.
Na afloop met dochter achterop weer naar Alkmaar teruggefietst. Vader en dochter.